KNVB-voorzitter Michael van Praag maakte zich in 2010 onsterfelijk belachelijk door in een toespraak doodleuk te beweren dat Fortuna Sittard niet meer bestond. Toen Van Praag door de consternatie in de zaal bemerkte dat hij fout zat, maakte hij ervan: “Althans, niet meer als betaaldvoetbalorganisatie.”

Ze zijn bij de KNVB in zekere zin hardleers, want wat lezen we onder het kopje ‘Beloftenteams in de Jupiler League’ op de website van de bond? “Sinds seizoen 2013-2014 komen er beloftenteams uit in de Jupiler League. In het seizoen 2017-2018 zijn dit drie teams: Jong Ajax, Jong PSV en Jong AZ” (zie foto boven). Jong FC Utrecht bestaat blijkbaar niet meer volgens de KNVB.


Kunnen we dit nog onder de noemer ‘slordigheid’ scharen, het incident met Van Praag staat symbool voor de stiefmoederlijke behandeling van de eerste divisie door de bond. Financieel, maar zeker ook sportief. De voornaamste functie van de clubs is ‘weerstand’ bieden aan de beloften.

‘Weerstand’ is het toverwoord op de genoemde webpagina. Weerstand zou goed zijn “voor de ontwikkeling van talentvolle spelers” en “op termijn ook goed voor de competitie en het gehele Nederlandse voetbal”. Maar wat hebben talentvolle aanvallers van AZ er aan, om maar een voorbeeld te noemen, dat de voorhoede van Jong AZ uit eerste-elftalspelers Fred Friday en Dabney dos Santos bestaat? Op welke manier is het goed voor de competitie een beloftenteam te moeten treffen met een totale aankoopwaarde van dertig miljoen euro? Of dat een wedstrijd tegen een beloftenteam op vrijdag of op maandag spelen het verschil tussen wel of geen periode winnen, tussen wel of geen play-offs halen, kan betekenen? En wat heeft ‘het gehele Nederlandse voetbal’ aan een kampioenschap van het niet-competitieve Jong Ajax?

De pagina staat vol met dubieuze aannames. Zo is de KNVB ervan overtuigd dat de opzet met beloftenteams “zijn meerwaarde voor iedereen zal bewijzen, zoals het dat ook doet in Duitsland, Spanje en Portugal”. Mij heeft nog niemand die meerwaarde voor de genoemde landen kunnen aantonen. Struin eens een half uurtje door Duitse supportersfora en je weet dat ze de tweede elftallen daar spuugzat zijn. En de clubs zelf trouwens ook steeds vaker. Alleen al dit kalenderjaar hebben Bochum, Eintracht Frankfurt, Bayer Leverkusen en RB Leipzig hun beloftenteam teruggetrokken uit de competitie, terwijl ook VfB Stuttgart dat nu overweegt.

Er komt geen hond op de wedstrijden af en financieel trekt het een zware wissel. Maar nog belangrijker is dat ze daar erachter komen dat het ook sportief niet interessant is. In dat licht stemt de argumentatie van Ralf Rangnick, sportief directeur van RB Leipzig, tot nadenken: “Insgesamt werden durch diese Umstellung zwar weniger, dafür aber extrem begabte 19- bis 20-jährige Talente bei RB Leipzig spielen, die noch intensiver ausgebildet werden können und damit hochqualifiziert auf Einsätze im Profibereich vorbereitet werden.”

Oftewel: misschien stromen er straks in totaal minder spelers door, maar de echt grote talenten van 19, 20 jaar zullen door de extra aandacht veel directer klaargestoomd kunnen worden voor het hoogste niveau. De Duitse nationale ploeg toont dit bovendien al aan: de grote talenten die nu tot het vaste kader van Die Mannschaft behoren – Joshua Kimmich, Matthias Ginter, Niklas Süle, Julian Brandt, Leon Goretzka – hebben geen van allen meer dan een handjevol wedstrijden in het beloftenelftal van hun club gespeeld.

Dit geldt overigens ook voor Nederland. Neem de echt grote talenten van Ajax: Kasper Dolberg, Matthijs de Ligt, Justin Kluivert – ze zijn niet of nauwelijks voor Jong Ajax uitgekomen, maar hebben direct vanuit de A-jeugd de overstap gemaakt naar de selectie. Valentijn Driessen (De Telegraaf) merkte onlangs terecht op dat Frenkie de Jong helemaal geen toptalent genoemd kan worden omdat hij daarvoor al te oud is. Iemand van zijn leeftijd zou al een vaste waarde in het eerste elftal moeten zijn. Het is de vraag of de periode bij Jong Ajax zijn ontwikkeling niet eerder heeft vertraagd dan bevorderd.

Eén bewering op de webpagina klopt in ieder geval wel: de clubs hebben zelf ooit besloten de beloftenteams toe te laten tot de eerste divisie. Nu de hele competitieopzet ‘terug naar de tekentafel’ is gegaan zou het ze sieren om ook zelf te beslissen er weer mee op te houden. Anders zal de ‘weerstand’ tegen de beloftenteams alleen maar toenemen.