Een middag in Athene (deel 2): Proodeftiki, Ionikos Nikaia en Egaleo

Dat Griekenland een voetbalgek land is, hoef ik niet uit te leggen. Een derby tussen Olympiacos en Panathinaikos met de bijnaam Derby of Eternal Enemies zegt genoeg. Toch is het Griekse voetbal bij ons in Nederland niet heel bekend. Ook ik als fervent voetballiefhebber weet, buiten de grote clubs, niet veel van de competities en clubs af. Onterecht, bleek na een dag in de Griekse hoofdstad Athene, waar ik onder meer Panionios en Akratitos Ano Liosia bezocht (zie deel 1) en vervolgens onder meer Proodeftiki, Ionikos Nikaia en Egaleo FC.

Het Nikaia Municipal Stadium van Proodeftiki ligt in Nikaia, een buitenwijk in het zuidwesten van Athene, iets westelijker dan Piraeus. Nikaia bleek niet de beste plek om te zijn. Niet zo erg als Ano Liosia, maar het was allesbehalve een warm welkom. Voor een stoplicht onder een viaduct kwam een zwerver met een tiental ruitenwissers onder zijn arm op mijn auto afgerend. Hij begon wild te schreeuwen en te wijzen naar mijn ruitenwissers, ik besloot de auto van binnenuit maar op slot te doen. Ik ben het Grieks helaas niet machtig, maar begreep precies wat hij bedoelde.

Hij wilde mijn ruitenwissers vervangen in ruil voor geld. Ik bedankte vriendelijk, maar hij gaf niet op. Vervolgens trok hij mijn ruitenwisser eraf en wilde geld hebben om hem terug te zetten. Ik had geen contant geld bij me, dus ik kon geen kant op. Na een korte woordenwisseling vond deze meneer het toch welletjes en zette hij een ruitenwisser terug. Ik moet nog steeds van het verhuurbedrijf horen of de originele ruitenwisser is teruggezet. Je begrijpt dat ik me niet meteen thuis voelde in dit gebied en me zorgen maakte over mijn veiligheid.

Proodeftiki

Door naar Proodeftiki. De wijk valt verder wel mee en lijkt een gewone Atheense woonwijk. Het stadion staat weer middenin de wijk met typisch Griekse appartementencomplexen. Het heerlijke van deze stad vind ik dat je je auto overal op straat kwijt kunt. Geen gedoe met betaald parkeren of garages. Waar plek is, parkeer je. Zo ook hier, pal voor de tribune. De woonblokken staan zo dicht op het stadion, dat ik er zeker van ben dat je vanaf iemands balkon de wedstrijd beter volgt dan in het stadion.

De gevel verraadt niet meteen dat hier een voetbalclub speelt. Het is een standaard betonnen tribune, waar je onderdoor loopt aan de straatkant, zonder clubkleuren of iets dergelijks. Het lijkt meer op een graffiti-oorlog. Ik zie tags van Panionios, AEK en Olympiacos, die weer zijn doorgekrast en voorzien van een andere club, dat hoeft niet eens Proodeftiki te zijn. De buitenkant is dus niet geweldig, maar toch intrigeert deze plek me. De huizen staan zó dicht op het stadion dat het als het ware verweven lijkt met de wijk en dat kan ik erg waarderen.

Het is zelf zo erg dat een hoek van het stadion lijkt te zijn opgeofferd voor een weg. Vooral vanuit de lucht zie je duidelijk dat de tribunes zijn afgehakt omdat er simpelweg geen plek voor is. Iets wat je echt niet vaak ziet. Het lijk me heerlijk als je hier woont om zo het stadion in te kunnen rollen. Helaas zitten alle hekken dicht en is er niemand aanwezig. De club lijkt ook geen fanshop, café of kantoor te hebben, iets wat je vaker ziet in Zuid-Europa bij gemeentelijke stadions. Gelukkig heeft één korte kant van het stadion geen tribune, maar een muur en hier kan ik rustig overheen kijken.

Ik was blij verrast toen ik naar binnen keek. Van binnen heeft het stadium zóveel meer karakter dan van buiten. De hoofdtribune heeft slechts drie rijen met daarboven cabines voor pers of bestuur, gok ik. Daaronder direct de dug-outs. Allemaal op de vierkante millimeter en in verticale richting als een soort muur. De wisselspelers zitten bijna in het veld en een beetje goede sliding waarbij je doorglijdt, moet je waarschijnlijk bekopen met een hersenschudding.

Google

De overkant is anders, daar loopt de tribune door tot het veld, maar ook weer zowat tot de zijlijn. Je ziet ook in de rechterhoek tegenover de hoofdtribune dat er inderdaad een deel is afgehakt voor de eerdergenoemde weg. Het hek grenst bijna aan de cornervlag en als je daar door de deur loopt, sta je letterlijk op straat. Echt heerlijk, dat gepeuter op de vierkante millimeter. Het geeft een heel knus gevoel en ik weet zeker dat dat tijdens de wedstrijd ook zo is. Het stadion lijkt verder goed onderhouden en hoort zeker niet thuis in het rijtje ‘betonrot’.

De club Proodeftiki kende ik vóór deze reis nog niet en dus moest ik al mijn kennis van Google halen. Ze hebben sinds hun oprichting in 1927 vrijwel iedere divisie gezien. De laatste keer dat ze op het hoogste niveau uitkwamen, was in 2003. Sindsdien is het soms tweede, soms vierde en dan weer derde divisie. Ook financiële problemen en faillissementen hebben hier parten gespeeld. Het lijkt echter nooit saai om hier supporter van te zijn. De naam proodeftiki betekent letterlijk ‘progressief’, ik krijg alleen niet de indruk dat dat per se de ideologie van de club is. Het voelt vooral als een club die echt één is met de mensen in de wijk.

Ionikos Nikaia – Neapolis Public Stadion (6000)

Ik rij dieper Nikaia in, waar twee kilometer verder naar het westen de grote rivaal van Proodeftiki speelt: Ionikos. Deze club club kende ik, in tegenstelling tot Proodeftiki, wel. Ze speelden de afgelopen jaren op het hoogste niveau en omdat ik de Griekse competitie redelijk volg, heb ik ze een paar keer voorbij zien komen.

Het stadion en zijn ligging lijken verdacht veel op dat van hun rivaal. Lekker dicht tussen de appartementencomplexen en ook hier lijkt een hoekje te zijn afgesnoept door een doorgaande weg. Het oogt desondanks wel iets ruimer allemaal. De overzijde is echter niet bereikbaar omdat er letterlijk huizen tegen de tribune aangebouwd staan. Wat wel opvalt, is dat bij deze club de muren schoon zijn en niet volgekalkt door andere clubs zoals bij Proodeftiki. Bij de ingang van de harde kern is een mooie muurschildering gemaakt van het logo, met daarbij de kreet ‘This is our home’.

Hier stond wel een deur open. Er waren mensen druk in de weer met kerstversiering, er zat blijkbaar een supportershome of iets dergelijks onder de tribune. Dit vond ik wel grappig, want het kerstgevoel zat er bij mij nog niet echt in. Ondanks dat het midden november was, was het 25 graden, met geen wolkje aan de lucht. De mensen waren erg vriendelijk en vonden het geen enkel probleem dat een willekeurige buitenlander even rondkeek. Alleen maar leuk dat je interesse hebt in de mooiste club van de stad, zeiden ze. Ik heb maar niet gezegd waar ik net vandaan kwam.

Vriendelijkheid

Ik kan deze vriendelijkheid echt waarderen en dat is naar mijn mening echt Grieks. Waar je ook komt, de mensen zijn vriendelijk en gastvrij. Ik heb het vaak genoeg meegemaakt in Italië, Spanje, maar ook in Duitsland en België dat je met de nek wordt aangekeken als je netjes vraagt of je even het stadion mag fotograferen. In dit land niet. Dit stadion is wat netter, schoner en nieuwer dan Proodeftiki. Ik blijf de clubs met elkaar vergelijken en dat is niet alleen omdat ze in dezelfde wijk liggen. Want dit stadion ziet er van binnen dan ook uit als een nieuwere, strakkere versie van Proodeftiki. Zelfs het hoekje met het hek naar de straat ontbreekt niet.

Je ziet duidelijk dat ze naar hun buren gekeken hebben en hebben gedacht: dat kunnen wij ook, maar dan beter. De steile hoofdtribune met cabines boven de reguliere stoeltjes en aan de overkant een tribune die tot het veld reikt, weer bijna tot de zijlijn. Alleen hier is alles blauw-wit. Het grote verschil is echter de ligging. Ionikos ligt echt aan de rand van de stad, waardoor je vanuit het stadion uitzicht hebt op de bergen, Van die typisch Griekse, droge grond, met lage begroeiing. Iets wat ik altijd geweldig vind aan Zuid-Europese stadions. Geen dak en vrij zicht op de natuur.

Dat maakt dat dit veel ruimtelijker lijkt dan Proodeftiki. Ik kan dan ook na al dit vergelijk geen keuze maken tussen de twee clubs uit Nikaia. Het stadion van Proodeftiki heeft duidelijk meer karakter, maar de buitenkant is ronduit lelijk. Ionikos oogt vriendelijker en ruimtelijker, wat mij ook wel erg aanspreekt. Hun kerstversiering krijg in ieder geval de eerste prijs.

Artikel gaat verder onder de foto’s

Egaleo FC – Stavros Mavrothalassitis Stadium (8217)

Het is begin middag en het Atheense verkeer waarvoor ik gewaarschuwd was, begint op te spelen. Het is vandaag een soort feestdag, de zoveel jarige viering van de opstand tegen de militaire junta in 1973. Hierdoor zijn scholen eerder uit en overheidsmedewerkers eerder vrij. Dat maakt dat het verkeer iets drukker is dan normaal. De volgende stop is Egaleo FC, een club in de gelijknamige wijk Egaleo. Slechts 4.5 kilometer van Ionikos, maar ik doe er meer dan een halfuur over. Gelukkig heb ik de tijd en geniet ik in de file van de bezige stad.

Egaleo is zo’n club waar ik vooraf niet van gehoord had. Logisch denk ik, aangezien ze al sinds 2007 in de tweede, derde en vierde divisie ronddwalen. Het stadion is echter op voorhand interessant, want het lijkt een dak te hebben en dat is iets wat je zeker in de lagere divisies hier zelden ziet. Anders dan de andere stadions ligt dit stadion aan een drukke doorgaande weg. Een parkeerplaats vinden is echter geen probleem, de andere kant is weer een woonwijk. Ik stap uit voor de tribune aan de lange zijde. Het is een klassieke betonnen tribune, met inderdaad een fraaie dakconstructie in het blauw van de club.

Fortuna Düsseldorf

Het eerste wat me opvalt, is een grote muurschildering van het logo van Egaleo naast dat van Fortuna Düsseldorf. Een vriendschap tussen de Duitse club en deze bescheiden club uit Athene? Op internet kan ik er weinig over vinden. De tribune oogt groter en hoger dan je zou verwachten bij een stadion waar er net iets meer inpassen dan achtduizend. Dat heeft ermee te maken dat de tribunes aan de korte zijdes beduidend kleiner zijn dan die aan de lange zijde. Het is niet per se mooi, maar toch heeft het iets wat me intrigeert. Er is genoeg betonrot aanwezig en er loopt van die groene vochtige smurrie over de muren langs de regenpijp. Het is typisch zo’n nostalgisch stadion dat doet verlangen naar vervlogen tijden en ik weet bijna zeker dat de supporters er net zo over denken.

Onder de tribunes zijn meerder ingangen naar een soort van opslagplaatsen. Allles onder het stof uiteraard en de muren zijn volgeschilderd met graffiti. De ene tekening iets kunstzinniger dan de andere. Er zijn veel verschillende ingangen en trappen, waarbij het mij bij sommige volstrekt onduidelijk is waar ze naartoe leiden. Aan de korte kant staat een hek open, dus ik besluit naar binnen te lopen. Aan de andere kant van het stadion is iemand bezig het gras te maaien, maar te ver weg om een woord te wisselen. Als ik hier niet mag zijn, staat hij snel genoeg naast me, dacht ik. Het stadion ziet er van binnen een stuk verzorgder uit dan van buiten.

De stoeltjes lijken netjes, het gras is goed onderhouden en ook de verf lijkt net te zijn aangebracht. Je ziet meteen duidelijk het verschil tussen de korte en de lange zijden. De korte zijden zijn kleine, onoverdekte tribunes, terwijl de lange zijdes vele malen groter zijn, met op beide zo’n mooie dakconstructie waarbij het lijkt alsof het dak hoog boven de tribune zweeft. Het is dan ook meer tegen de zon dan tegen de regen bedoeld, als je het mij vraagt.

Aan de buitenkant wordt het vastgehouden door enorme pilaren, die langs de gehele voorgevel geplaatst zijn. Uiteraard in de clubkleur, blauw. Het verbaast me een beetje hoe mooi en verzorgd het is van binnen. Ik denk dat menig Eredivisieclub hier jaloers op zou zijn.

Verwaarloosd en perfect

Het is architectonisch fantastisch omdat iedere tribune er anders uitziet, maar toch komt het samen als één geheel, zonder dat die verschillen in tribunes storen of het er slordig uit komt te zien. Als ik supporter was van deze club, zou ik erg trots zijn op dit stadion, puur omdat het zo uniek is. Ik zou ook geen enkel stadion kunnen noemen wat erop lijkt. De buitenkant heeft iets mysterieus door zijn verwaarloosde uiterlijk, terwijl de binnenkant perfect in orde is, heel bijzonder.

De club speelt nu op het tweede niveau en er is zelfs een Nederlander te vinden: Delvechio Blackson van onder meer Cambuur en Almere City. Je vraagt je meteen af hoe zo’n jongen in de tweede divisie van Griekenland is beland. Maar aan de andere kant kan ik me helemaal voorstellen dat je ja zegt op het aanbod. Het stadion is top, je komt op plekken waar je anders nooit zou komen en Athene is een levendige stad om in te wonen. Waarschijnlijk had hij zelf ook wel door dat Real Madrid hem niet meer ging worden en koos hij voor een heerlijk avontuur. De hoogtijdagen van Egaleo liggen in de beginjaren 2000, toen ze één seizoen in de groepsfase van de Europa League speelden tegen onder meer Lazio Roma.

Wordt vervolgd.

terug naar overzicht

Lees verder...