Raith Rovers: Dancing in the Streets of Raith

In zijn boek Glorious Hearts volgt redacteur Joris van de Wier een jaar lang Heart of Midlothian. Hij gaat ook met Hearts mee naar uitwedstrijden, zoals die tegen Raith Rovers. Een hoofdstuk uit Glorious Hearts:

De laatste keer dat de Jambos hier een competitiewedstrijd speelden was in 1997. Dat seizoen werden de Rovers afgetekend laatste in de Premiership en nadien werd de club uit Kirkcaldy een liftclub tussen het tweede en derde niveau. Ik was er al wel eens geweest. Twee keer zelfs. In 2007 bezocht ik de geweldige derby tegen Dunfermline Athletic en zes jaar later was ik bij de bekerwedstrijd Raith Rovers – Celtic, de eerste wedstrijd ooit van de Rovers die live op tv kwam.

Helaas won Celtic vrij simpel met 0-3, want ik gunde Raith Rovers wel een replay en een zak met geld. Voor de club uit Kirkcaldy heb ik altijd wel een zwak gehad. Toch brengt de naam Celtic bij veel fans van Raith Rovers een glimlach op het gezicht. In 1994-1995 won Raith Rovers namelijk de League Cup door in de finale na penalty’s Celtic te verslaan. Het is de enige hoofdprijs die de Rovers ooit wonnen, al staat sinds een paar seizoenen ook de Challenge Cup in de kast na de overwinning op Rangers. Dat leverde echter geen Europese plek op in tegenstelling tot die bekerwinst in 1994-1995.

In de UEFA Cup werden GÍ Gøta en ÍA Akranes uit IJsland opzij gezet, waarna een droomloting volgde tegen Bayern München. In Schotland verloor Raith Rovers met 0-2, maar ondanks de kansloze missie reisden duizenden fans uit Kirkcaldy mee naar het Olympia Stadion. Ze konden juichen, want bij rust stond het 0-1. De foto van dat scorebord in München is legendarisch geworden. Natuurlijk zette Bayern München de boel recht en werd het 2-1 voor de Duitsers, maar er was volop respect voor de Schotten. Het verhaal gaat dat Lothar Matthäus jaren later in en interview de uitspraak deed dat hij maar drie clubs uit Schotland kende: Celtic, Rangers en… Raith Rovers.

Kirkcaldy

Of Der Lothar weet dat Raith Rovers uit Kirkcaldy komt, waag ik te betwijfelen. De wedstrijd werd namelijk op Easter Road in Edinburgh gespeeld. Waarschijnlijk dacht Matthäus dat de Rovers uit het plaatsje Raith kwamen en dat is niet zo’n gekke gedachte eigenlijk. Veel mensen denken dat. In de jaren zestig won Raith Rovers een belangrijke wedstrijd en BBC-commentator Sam Leitch sloot af met de legendarische zin: “They will be dancing in the streets of Raith tonight”. Dat vonden ze bij Raith in het begin niet leuk, omdat het de desinteresse van de BBC in de kleinere Schotse clubs nog maar eens bewees, maar later groeide het uit tot een running gag die ze zelfs bij de club wel kunnen waarderen.

Met name Jeff Stelling, de bekende presentator van Sky Sports, gebruikt graag een variant op deze uitspraak. De uitslagen van de Welshe Premier League komen altijd als laatste en als TNS (dat tegenwoordig voor The New Saints staat, maar vroeger de afkorting was van Total Network Solutions) won, eindigt hij altijd met “They will be dancing in the streets of Total Network Solutions tonight.”

Het zijn dit soort verhalen die een club voor mij een gezicht geven. Ondanks dat ik al twee keer eerder in Kirkcaldy was, zijn de twee uitwedstrijden tegen Raith Rovers duels waar ik erg naar uitkijk. Ik vind Stark’s Park, dat de ironische bijnaam San Starko heeft, een heerlijk stadion en het is een club die ik wel mag. Dat laatste is vaak onverklaarbaar. Het stadion speelt natuurlijk mee. San Starko heeft een stokoude hoofdtribune mét gable, een soort dakje. Op die gable staat het logo van de club. Het logo van Raith Rovers is pure cult.

Normaal zie je een heraldisch teken of iets dat gemaakt is door een gladjakker van een reclamebureau, maar de Rovers hebben gekozen voor een draak/paard die als een patser achter het stuur van een vette Hummer zit. Hij steekt ook nog eens geil zijn tong uit naar een blondine, de seksist. Goed logo dus. Daarnaast speelt Raith Rovers in het typisch donkerblauw dat je vooral in Schotland ziet. Het is een club waar heel veel aan klopt.

Combi’s

Het is pas net iets na elven als ik op treinstation aankom, maar het perron staat al vol met Jambos. Ik stap in bij Haymarket Station, niet ver van mijn huis, en die hele trein ziet al bordeauxrood van de fans. Uiteraard wordt er gedronken. Ik raak in gesprek met mijn buurman en vertel hem dat dit in Nederland onmogelijk is. Het verhaal over combi’s en het verbod op alcohol verbaast hem. Hij vraagt mij wat dan eigenlijk de lol is van uitwedstrijden in Nederland buiten het supporteren van je club? Ik moet hem het antwoord schuldig blijven en vertel hem dat combiwedstrijden dan ook zeer slecht bezocht worden. Als ik hem vertel dat er in Nederland wedstrijden zijn met soms maar twintig uitfans, kijkt hij mij nog verbaasder aan. Vandaag zal Hearts vierduizend man meenemen naar een normale uitwedstrijd. De kaarten zijn al twee dagen van te voren uitverkocht, dus het hadden er nog meer kunnen zijn. Dat verbaast mij dan weer.

Aangekomen in Kirkcaldy zie ik een foute megapartytent staan. Het lijkt wel of Broekhoven de boel hier heeft overgenomen, maar het blijkt het Kirkcaldy Bavarian Beer Fest te zijn. Ik heb me nog nooit in mijn leven zo niet in Duitsland gevoeld als hier, ook al is het de bedoeling van de organistoren dat je juist wel het gevoel moet hebben tussen Teutonen te staan. De grote partytent van de Xenos moet Ingolstadt voorstellen, de zusterstad van Kirkcaldy. Bij Ingolstadt denk ik meteen aan de fabrieken van Audi, want dat merk is afkomstig uit die stad. Maar daar is niets van te zien. Iemand heeft thuis wat A2-tjes uitgeprint met Duitse clichés en opgehangen. Het is allemaal zo goedkoop en fout, dat ik het wel kan waarderen.

Bierhalle

Voor de rest is er niets dat lijkt op een Bierhalle. De lange houten tafels zijn hier kort en gemaakt van plastic, de grote glazen pullen zijn ook van plastic en de rondborstige vrouwen die bij een echt Duits bierfeest het bier aan je tafel komen brengen, zijn hier Neds die ongeïnteresseerd achter een toog staan en niet kunnen tappen. Er zijn rijen van meer dan een kwartier omdat deze Neds geen organisatietalent hebben.

Gevoelsmatig kan dit wel eens een heel goede dag gaan worden. Het is zo fout dat het goed wordt en wordt afgemaakt door de ‘Beierse’ band, die amper Duitse liedjes speelt. Wel Ik heb je voor het eerst ontmoet, daar aan de waterkant en Flower of Scotland. Eenmaal spelen ze een Duits lied, maar dat lijkt verdacht veel op het Horst Wessellied. Gelukkig zit de hele tent vol met Jambos en wordt van iedere melodie een Heartslied gemaakt. Ik heb ondertussen Stewart, Jamie en Paul van het Derby Breakfast van de week ervoor ontmoet. Ze zijn maar met z’n drieën dit keer. Even later komen ook Kirsty en haar pa erbij zitten. Het lijkt wel een kleine reünie. Ik wordt op de hoogte gebracht van het bestaan van Real Maroon, het supportersteam van Hearts. Als ik zelf nog zou voetballen en geen fat bastard zou zijn, had ik graag meegespeeld. Zeker omdat Nederlandse spelers nogal worden overschat. Ze denken in Schotland namelijk al snel dat iedere Nederlander erg goed kan voetballen.

Mayonaise

Nederland is ook een thema als er nog een tweede Paul bijkomt. Hij is vrachtwagenchauffeur en voor zijn werk vaak in Nederland geweest. Het is een van de eerste Schotten die ik ontmoet die meer van Nederland weet dan alleen Amsterdam. Hij vertelt mij over een dorp niet ver van Rotterdam waar een straat is met allemaal goedkope cafés waar je flink kan boozen. Helaas weet hij de naam niet meer van dat dorp. Hij is ook fan van mayonaise bij de friet en vindt het verschrikkelijk dat de Schotten altijd ketchup over friet gooiden. Ik knik tevreden. Eindelijk een Schot met smaak.

Toch kijkt ook hij, net zoals de rest van de Schotten, vol walging als ik bij de worstenkraam een bratwurst haal en daar mayonaise overheen gooi. Ik was boozed up vanwege al die lauwe pils en daarom uitgeschoten met de fles. De worst drijft in een bad van mayonaise en dat ziet er vrij ranzig uit. Het is ook niet meer te vreten. Ik schud wat met die worst en de mayonaise druipt eruit. De anderen kijken mij met walging aan, want het lijkt net of ik de worst aan het fappen ben. Gelukkig kan ik de dronkenlapkaart trekken en daarmee kom je in Schotland met alles weg.

Na al dat drankgelag, ik neem mezelf voor dat wat minder te gaan doen in verband met mijn lever, was het tijd om naar het stadion te gaan. Ik had geen idee waar het was en eigenlijk gold dat voor iedereen aan onze tafel. Daarom besloten wij de meute maar te volgen. Uiteraard wist degene die voorop liep ook niet waar het was. Desgevraagd waar San Starko was, antwoordde hij: “I got no fucking idea, mate.” Gelukkig is er Google Maps. Ik moest zeiken als een reiger, maar het is in Schotland niet gebruikelijk om dan als een marginaal in iemands voortuin te gaan pissen, dus ik hield het op. Ik moest bijna huilen van geluk toen ik in het stadion was en eindelijk mijn blaas kon leegmaken.

Stark’s Park

Het is wel leuk om een keer in het uitvak te zitten op Stark’s Park, want zo kan ik helemaal genieten van de oude hoofdtribune. In The Football Grounds of Great Britain, de bijbel voor stadionautisten zoals ik, beschrijft auteur Simon Inglis de uit 1922 stammende tribune als volgt: “the eccentric L-shaped Main Stand with columns, quirks and awkward corners”. Liefhebbers van LEGO-stadions zullen gruwen bij het zien van die tribune, maar voor mij is het puur genot. In zijn stadionbijbel legt Inglis ook uit waarom het stadion Stark’s Park heet.

Raith Rovers

In 1887 waren namelijk relletjes tijdens een wedstrijd van Raith Rovers. Robert Stark, een lokale wethouder, was aanwezig en wilde dat de boefjes ophielden, maar dat gebeurde niet. Daarom liet hij zijn stier, die op een naastgelegen veldje graasde, los in het stadion. De hooligans kozen eieren voor hun geld en renden van het veld af. Vier jaar later verhuisde Raith Rovers naar het huidige stadion en noemde het Stark’s Park, vanwege de stunt met de stier van Robert Stark.

Ik was wat licht in mijn hoofd door al dat matige ‘Duitse’ bier, maar werd snel weer nuchter. In de rij achter mij hadden twee mannetjes ruzie om een stoelnummer. De ene zat op de stoel van de andere of zoiets. Dat kun je oplossen door te gaan verzitten, maar daar hadden ze geen zin in. Daarom gingen ze elkaar maar op de bek slaan. Het gevolg was dat beide mannetjes werden opgepakt en het stadion moesten verlaten. De populaire stoel bleef daardoor leeg deze middag. Zonde, want Hearts kan zomaar op negen punten komen. Neilson had wat veranderingen doorgevoerd. Osman Sow is geschorst en daardoor staat James Keatings nu in de punt van de aanval. Dat is geen verzwakking, want hij maakte twee doelpunten voor de rust en na de pauze trapt hij er een vrije trap in.

Die laatste is echt heerlijk om te zien. Ik zie de bal er zo in krullen. Om mij heen begint meteen na dat doelpunt de discussie over wie de laatste speler is die er vier heeft gemaakt in één wedstrijd. Uiteraard valt de naam Mark de Vries niet snel daarna. Keatings maakt er helaas geen vier, maar Hearts wel nadat Gary Oliver in de laatste minuut de 0-4 scoort. Het voetbal is echt indrukwekkend deze middag en het zou zomaar kunnen dat Hearts het Rangers erg lastig kan gaan maken dit jaar. Al denk ik dat de geldsmijters uit Glasgow uiteindelijk aan het langste eind gaan trekken.

Doedelzakgroep

Na afloop van de wedstrijd ga ik weer naar Ingolstadt, want dat is mij uitstekend bevallen. Ik kom Stewart, Jamie en de twee Pauls ook weer tegen. De wachtrij aan de bar is nog langer dan voor de wedstrijd. Het Duitslandthema is al erg dubieus met al die totaal niet-Duitse dingen, maar de organisatoren laten zien dat het ze helemaal niet meer interesseert door een doedelzakgroep op te laten treden. Het had ze gesierd als ze Duitse schlagers hadden gespeeld, maar uiteraard zijn het allemaal Schotse liederen. Ondertussen blijft het doodgeslagen, lauwe bier maar aangevoerd worden.

Nadat de doedelzakgroep is verdween, wordt ineens hardrock gedraaid. Geen Rammstein natuurlijk, want dat is Duits. Ik zit op een gegeven moment naast een Kirkcaldiaan en vraag hem hoe de band tussen Ingolstadt en zijn stad eigenlijk is ontstaan. Hij kijkt mij glazig aan en vertelt dat hij niet weet wat Ingolstadt is. In de tent gaat het ondertussen helemaal los met gezang, drankgelag en matige dansjes. Schotten kunnen geen Oktoberfesten organiseren, maar het is wel enorm gezellig. De organisatie zal ook erg blij zijn geweest dat uitgerekend vandaag Hearts op bezoek komt. Die nemen veel man mee en slopen de boel niet, zoals fans van Rangers.

Tegen een uur of tien gaan we maar eens naar de trein toe om naar huis te gaan. Ik zeg in de trein dat de uitwedstrijden met Hearts mij wel goed bevallen. Helaas helpt Stewart mij uit de droom dat dit wel een erg goede is geweest en het er niet altijd zo aan toe gaat. Jammer, maar deze dag neemt niemand mij meer af.

Dit is een hoofdstuk uit het boek Glorious Hearts, nu verkrijgbaar als welkomstcadeau bij een abonnement op Staantribune!

Word abonnee
terug naar overzicht

Lees verder...