Racing Mechelen: openluchtmuseum vlak over de grens

Oscar Vankesbeeck. Alleen al bij het horen van de naam van het stadion weet je: Racing Mechelen is een club van klasse, een club van grandeur en statuur, een monument. En zo is het ook. In 1904 opgericht, ooit tweede op het hoogste Belgische niveau. Sinds 1923 spelend op de huidige locatie, sinds 1929 koninklijk. Ga een keer kijken, nu kan het nog. Maar daarover later meer.

Bol.com

Vlak over de grens, slechts een klein stukje verder dan Antwerpen, ligt Mechelen. De meeste voetballiefhebbers kennen de stad van KV, dat eind jaren tachtig zo succesvol was met het winnen van de Europa Cup II ten koste van Ajax. Zeker een keer naar toe gaan, al was het maar om de Malinwa Harmonie live te zien, de muzikanten die al bijna honderd jaar bij elke wedstrijd acte de présence geven.

Of om de in de clubkleuren geel en rood geschilderde eend (de Vlamingen noemen het een geit) te spotten, die geveild werd in de periode dat de club op sterven na dood was, en die symbool staat voor de redding van De Kakkers. Maar Mechelen is toch ook vooral Racing Mechelen.

Turbulente geschiedenis

In 1904 zag de club het levenslicht, toen nog onder de naam Racing Club de Malines. Een klein jaar later kreeg het een achttienjarige voorzitter, de naamgever van het stadion, Oscar Vankesbeeck. Voor die tijd niet zo gek, het waren destijds vooral jongeren die aan de basis stonden van de georganiseerde sport. Met Vankesbeeck liep het uiteindelijk slecht af. Hij werd in 1942 opgepakt door de Duitsers, op het moment dat hij voorzitter van de Belgische voetbalbond was. Een jaar later, na zijn vrijlating, stierf hij aan een leverziekte, opgelopen door mishandelingen tijdens zijn gevangenschap.

Vanaf 1957 heeft de club zijn huidige naam: Koninklijke Racing Club Mechelen (nadat jaren eerder al een vervlaamsing van de naam werd doorgevoerd). Maar juist vanaf dat moment ging het sportief gezien flink bergafwaarts met de club. Tegenwoordig speelt Racing in de Tweede Afdeling, het op een na hoogste amateurniveau en het vierde niveau in België. Het speelt tegen clubs als FC Lebbeke, S.C. City Pirates, Rupel Boom FC en RC Hades Kiewit, namen die in een stripboek niet zouden misstaan.

Bol.com

Sportieve historie

De sportieve historie van de club is er een van ups en downs, zoals dat bij zoveel voetbalclubs het geval is. Rond 2009 werd het financieel gezien ook nog eens allemaal erg penibel, toen Racing besloot in zee te gaan met wat Mexicaanse connecties. Het leidde er uiteindelijk toe dat hoofdveld en tribune in 2015 verkocht moesten worden aan een projectontwikkelaar om alle schulden af te kunnen lossen. Inmiddels zit er alweer een aantal jaren een nieuw bestuur, en ziet de toekomst er een stuk rooskleuriger uit.

Racing is trouwens ook de club van Rik de Saedeleer, de humoristische en bevlogen tv-commentator, die in 2013 op 89-jarige leeftijd overleed. In de jaren 1942 tot 1954 speelde hij bij de groen-witten, en was medeverantwoordelijk voor het absolute hoogtepunt van de club: het vice-kampioenschap in 1952. Het bord met de tekst “Daar is em, daar is em, goaaaaaaal goal goal gol” is een waardig eerbetoon.

Openluchtmuseum

Het is een van de vele bezienswaardigheden in en rond het stadion dat je gerust een openluchtmuseum kunt noemen. Het buitenaanzien is prachtig: de troosteloze flat aan de lange zijde, die voor de bewoners uitstekend zicht op het veld moet bieden, de voornamelijk uit bakstenen opgebouwde monumentale hoofdtribune, de schitterende entreepoort met de letters KRCM, de muur met de beeltenis van Vankesbeeck, het in streetart-stijl geschreven Racing Mechelen op een laag muurtje langs het trainingsveld, tegen een achtergrond van een allegaartje aan Noord-Mechelse woningen.

Door de zon verbleekte reclameteksten op muren, de indrukwekkende gevel van het hoofdgebouw, raampjes in de toegangsmuur die dienen als loket, de kantine (het ‘chalet’), de tekst ‘Waar een wil is, is een weg’ (het motto van de club) boven de spelerstunnel.

Artikel gaat verder onder de foto’s

Bol.com

Het einde nadert

Het Oscar Vankesbeeckstadion stamt uit 1923, en dat is te merken aan de staat van het complex. Het is versleten. Tot op de draad, zoals het bestuur zelf zegt. Afbrokkelend beton, afgebladderde verf, en de veiligheid van het publiek zal ongetwijfeld steeds meer in het geding komen. Er kunnen zo’n 6.000 bezoekers aanwezig zijn. Heel wat minder trouwens dan de 21.000 die er 100 jaar geleden nog in konden, maar door brand en verkoop van gronden is dat aantal inmiddels dus een stuk lager.

Bol.com

In 2015 al sprak het bestuur de wens uit dat er een nieuw stadion moest komen. Emotioneel moeilijk, maar rationeel onvermijdelijk. Eind 2022 kwam er definitief duidelijkheid. De gemeente neemt de tribune en het hoofdveld over van de projectontwikkelaar en Racing krijgt een erfpacht voor een periode van 90 jaar. Zoals het er nu voor staat, speelt de club vanaf het seizoen 2026-2027 in een nieuw stadion. Wel op de huidige plek en – gelukkig – met instandhouding van een aantal historische elementen.

‘Welkom in de hel’

Over historie gesproken: grijp de kans om het hoofdgebouw van binnen te bekijken. Mijn vraag aan een medewerker in een groen clubjack of de bestuurskamer toegankelijk is, want “deze is tot in Nederland beroemd”, leidt onmiddellijk tot een glimlach en een korte rondleiding. In de ‘inkomhal’ word je meteen verwelkomd met de niets aan de verbeelding overlatende tekst ‘Welkom in de hel van Racing’. De kleedkamers zien eruit alsof er sinds de jaren dertig niemand meer binnen is geweest en de bestuurskamer is van een ongekende schoonheid.

Nostalgie in optima forma. Bekers, oorkondes, bustes, schalen, foto’s en andere herinneringen aan lang vervlogen tijden. Donkerbruine lambrisering en stoelen uit grootmoeders tijd met het logo van de club. Hier staat de tijd stil. Maar helaas niet lang meer.

Meer over het Oscar Vankesbeeckstadion in Plein, hét stadionboek over Belgische grounds, met foto’s en verhalen over dertig velden en stadions.

Bol.com
terug naar overzicht

Lees verder...