Het degradatiespook: Achilles ’29 – FC Dordrecht

In de kelder van het betaalde voetbal is het niet pluis. Supporters die de afdaling hebben meegemaakt,  zullen het verschijnsel kennen. Een hete adem in je nek, koude rillingen en het licht van de rode lantaarn begint te dansen. Je bent in gezelschap van het degradatiespook.

Er zijn twee verschillende soorten spanning in de competitie: de druk van een prijs en de angst om weg te zakken. Ze veroorzaken allebei slapeloze nachten. De laatste keer dat ik wakker lag van FC Dordrecht, was in het seizoen 2016-2017. Twee seizoenen daarvoor speelden we nog in de eredivisie, maar dat bleef beperkt tot vierendertig wedstrijden en drie trainers. Het degradatiespook boezemde dat seizoen weinig angst in, het werd een lotgenoot in iets onafwendbaars. Het bleef echter kleven als een stuk kauwgom onder je schoenzool.

Achilles ’29 of FC Dordrecht

Degraderen uit de eerste divisie is andere koek waar we niet zo’n trek in hadden. Het was Achilles’29 of FC Dordrecht, andere smaken waren er niet. De club uit Groesbeek had mijn sympathie, een club waar je in de rust van tribune mocht ruilen om achter het juiste doel te staan. De kantine was een verzamelplaats voor thuis- en uitpubliek, niemand die er overspannen van raakte. Uitgerekend die club moesten we zien uit te schakelen, alsof je je beste vriend zonder aanleiding een dreun ging verkopen.

Voor FC Dordrecht zou degradatie het einde kunnen betekenen, een nachtmerrie waardoor je ook nooit meer wilt slapen. Met dit gevoel stapten we in de bus richting De Heikant, blikjes bier werden geconsumeerd om de scherpe kantjes af te vlakken. Het enige wat het bij mij veroorzaakte, was een hartslag van een opgefokte veldmuis en een overvolle blaas. De hele wedstrijd heb ik achterover in de struiken gehangen, mijn ogen gericht op de medesupporters. Wat je niet ziet, bestaat niet, dus mochten we verliezen, dan was het niet gebeurd.

Huilen

Vijf minuten voor tijd scoorde Achilles’29 de 2-1, kon ik opmaken uit de reactie in mijn vak. Er werd gevloekt, schuldigen aangewezen en ik probeerde intussen op te lossen in de Dixie bij de uitgang. Terwijl het degradatiespook ons in de wurggreep hield, wist Erol Alkan zich los te maken en in de slotseconden de gelijkmaker te scoren. Het benodigde punt voor lijfsbehoud!

Volwassen mannen huilden van geluk, volwassen vrouwen ook. Het degradatiespook bleef achter in Groesbeek, achteraf bleek het er een te zijn van de gevaarlijkste soort. Op het terrein worden tegenwoordig vetes met de familie Derks uitgevochten. Kutspook.

Foto: Pro Shots/Erik Pasman

Word abonnee
terug naar overzicht

Lees verder...