Voor het Brabants Dagblad schreef ik in 2009 een stuk over Ruben Kogeldans. Voor dit stuk ging ik naar Venlo om met de ouders van Ruben te spreken. Het was hartverscheurend om te zien hoeveel verdriet ze nog altijd hadden vanwege het overlijden van hun zoon en de verschrikkelijke nasleep. Toen Ruben stierf was ik tien. Het maakte ontzettend veel indruk op me. Ik was net een jaar of twee helemaal fan van Willem II en vond Kogeldans een prachtige naam. Vandaag is het 28 jaar geleden dat Kogeldans overleed.

“Streep hun namen niet door, al zijn ze tot stof vergaan. Streep hun namen niet door, alsof ze nooit hebben bestaan.” Het zijn de beginregels uit een gedicht ter nagedachtenis aan de overledenen van de vliegtuigramp met de SLM in Suriname. Hierbij kwamen 176 mensen, waaronder elf voetballers van het Kleurrijk elftal, om. Een van die voetballers was Ruben Kogeldans, pas 22 jaar en rechtsback van Willem II. Een “goei jong”, zoals ze bij ons in Tilburg zeggen.


Moeder Eveline Kogeldans (73): “Ruben was al op jonge leeftijd helemaal gek op voetbal. Op zijn veertiende werd hij gescout door VVV en ging hij daar in de jeugd spelen.” De carrière van Kogeldans, net twintig, kreeg een impuls toen hij de overstap maakte van VVV naar Willem II. Op papier was dat een stapje terug, want Willem II was pas net gepromoveerd uit de eerste divisie, maar voor Kogeldans was het een promotie. Bij Willem II kreeg hij namelijk de kans om wedstrijden in het eerste te spelen. Vader Paul Kogeldans (78): “Bij VVV had hij een speler als Jos Luhukay voor zich en had hij het idee dat de trainer het niet in hem zag zitten.” Eveline: “Doordat Ruben in Tilburg studeerde aan de (K)ALO in Tilburg was het lastig om voor de trainingen op en neer te rijden naar Venlo. Een leraar op school regelde dat hij bij Willem II terecht kon om te trainen, terwijl hij wel bij VVV bleef spelen. In Venlo was het lastig om door te breken, maar bij Willem II kende ze hem al en mocht bij blijven van trainer Piet de Visser.”

Voorafgaand aan het seizoen is Willem II een van de degradatiekandidaten. De club is net gepromoveerd en heeft zich niet spectaculair versterkt. Een beetje angstig wordt vooruitgekeken naar de eerste wedstrijden van het seizoen, tegen het grote Feyenoord. Zo niet Kogeldans, die heeft voorafgaand aan de wedstrijd namelijk te horen gekregen dat hij in de basis staat. Zijn tegenstander die dag is Regi Blinker, een van de grootste talenten van Nederland op dat moment. Kogeldans trekt zich niets van de verhalen aan en speelt Blinker helemaal uit de wedstrijd. In de rust mag de Feyenoorder in de kleedkamer achterblijven, terwijl Kogeldans uitgroeit tot een sensatie die dag.

Eveline: “Helaas waren we verhinderd die dag, maar zijn broers en zijn zus waren er wel bij. Zo debuteren met familie op de tribune. Hij was erg trots.” Kogeldans leek sowieso gemaakt voor het spelen van grote wedstrijden. Vooral dan maakte hij zijn bijnaam Kolendamp, vanwege zijn snelheid, helemaal waar. Paul: “Willem II moest tegen Ajax en Ruben zou spelen. Zijn vrienden in de buurt waren hem allemaal aan het dollen, want hij stond tegenover Bryan Roy. ‘Hij gaat je helemaal tureluurs draaien’, zeiden ze tegen hem. Maar Ruben vond het alleen maar mooi en in de rust haalde Cruijff Roy eruit. Hij had geen bal geraakt die dag. Schitterend.”

Ruben Kogeldans speelde het liefst zelf, maar keek zelf ook veel wedstrijden. De Braziliaanse elftallen van 1970 en 1982 hadden daarbij zijn voorkeur. Eveline: “We hadden hier videobanden van de teams en als Ruben uit Tilburg hierheen kwam, keek hij daar altijd na.” Paul: “Hij lette dan vooral op de backs van die teams, Carlos Alberto en Junior. Op die manier wilde hij ook spelen. Lekker aanvallen vanuit de backpositie. Verdedigend kon het allemaal nog beter bij hem, maar zijn snelheid en aanvallende impulsen waren zijn sterkste punten. In de jeugd speelde Ruben ook altijd als aanvaller en dat kon je nog wel merken aan zijn spel.”

Voor Kogeldans kon het niet op, dat eerste seizoen. Willem II werd onverwachts vierde en hij speelde 27 wedstrijden. Ook buiten het veld gaat het hem allemaal goed af. Eveline: “Hij had het erg naar zijn zin in Tilburg. Hij woonde er eerst op kamers en later in een flatje. Hij was ook trots op de stad. Als ik langs kwam, wilde hij me van alles laten zien in de stad. Hij nam me mee naar het textielmuseum en later stond hij erop dat ik meeging naar de kermis. Daar was hij dan trots op. Ik denk dat Ruben nog steeds in Tilburg had gewoond. Hij had het daar echt naar zijn zin.”

Een van de hoogtepunten in de Willem II-carrière van Kogeldans was de trip met de club naar Afrika. Eveline: “Ze gingen met de ploeg naar Gabon. De Afrikanen vonden het heel gek om een donkere jongen te zien in die groep en riepen verbaasd en boos: ‘Hey black boy, what are you doing with the white men?’ De rest van de groep lag natuurlijk helemaal dubbel van het lachen.”

Een jaar later stond er weer een lange trip op het programma. Naar Suriname, het land van zijn familie. Eveline: “De wedstrijd met het Kleurrijk Elftal zou de vierde keer zijn dat hij in Suriname zou komen. Hij genoot van de natuur en de vrijheid daar. Het was al elf jaar geleden dat hij daar was geweest, dus keek erg uit naar de trip.”

Maar de rechtsback zou Suriname nooit zien. Op zeven juni 1989 eindigde het leven van Ruben Kogeldans abrupt in de bossen nabij vliegveld Zanderij. Willem II was niet alleen in één klap een goede voetballer kwijt, maar ook een goed mens.

Kleurrijk Elftal 1989

De vijftien omgekomen leden van het Kleurrijk Elftal