Verdwenen clubs (2): SC Veendam

Henk-Jan Tangenberg reageert op 27 maart 2019 op zijn geheel eigen wijze op het bericht dat de gemeente Veendam ruim negen miljoen euro wil investeren in De Langeleegte. Het stadion moet een sport- en leerplek worden, als onderdeel van de campus die de lokale middelbare school Winkler Prins wil realiseren rondom en op het terrein waar bijna zestig jaar lang betaald voetbal is gespeeld. “De club op zes ton kapot laten gaan en nu 9,3 miljoen investeren. Had dat potverdomme zes jaar geleden gedaan. Dan hadden we onze geliefde SC nog gehad”, post Tangenberg. Het zegt veel over de pijn die er nog steeds zit bij de supporters in het Groningse dorp.

Wie Veendam zegt, zegt automatisch De Langeleegte. Het stadion staat lang symbool voor de helletocht die clubs wacht na een degradatie uit de eredivisie. “Urenlang in de bus”, somt De Haan de klaagzang van voormalige medespelers op. “Maar alle clubs in Nederland moesten die tocht één keer per seizoen maken. Wij zeventien of achttien keer per jaar.” De oud-speler roemt echter het stadion. “Het is na De Kuip zelfs het meest bekende stadion van Nederland”, meent hij. “Tegenstanders speelden er niet graag. De hoeken van het stadion waren open, waardoor de wind vrij spel had. Het was er ook vaak koud. Maar tegelijkertijd was het ook het eerste stadion met een verwarmde tribune. Iedereen die veertig plus is en weet dat er lucht in een bal zit, kent De Langeleegte.”

De Langeleegte

De Langeleegte heeft zelfs jaren na het faillissement nog steeds een enorme aantrekkingskracht op groundhoppers, zogeheten voetbalfans die zo veel mogelijk stadions in binnen- en buitenland bezoeken. Zo ook op Wess van Karsbergen en Klaas Sjoerd de Vries. Het tweetal geniet op Twitter bekendheid als respectievelijk ‘Vliegende Keeper’ en ‘Waldhopper’ en maakt jaarlijks meerdere voetbaltrips samen. Na een gezamenlijk bezoek aan De Langeleegte, nota bene voor een voorbereidingsduel van FC Groningen tegen Queens Park Rangers, leggen Van Karsbergen en De Vries hun eigen (online) ‘Dossier De Langeleegte’ aan. “Ik ben Cambuur-supporter en ben er gedurende al die jaren vaker geweest. De Langeleegte is voor alle voetbalromantici misschien wel het mooist van alle in Nederland. Door het faillissement is weer een stukje voetbalcultuur verdwenen en dat doet mij pijn.”

Van Karsbergen, supporter van Feyenoord, staat er iets nuchterder in, maar noemt het faillissement ‘vooral zonde’. “Een paar jaar na het faillissement ben ik onderweg naar Duitsland een keertje naar Veendam gereden en ben toen over het hek geklommen. Ik heb toen mijn ogen uitgekeken. Na ons gezamenlijke bezoek aan De Langeleegte zijn wij verhalen gaan schrijven over Veendam. Nadat we dat online hadden gezet, ontvingen we heel veel reacties. Vervolgens hebben we drie supporters uit die tijd geïnterviewd. Het liep al snel uit de hand”, vertelt hij.

“Later hebben we nog verhalen over clubiconen als Henk de Haan, Henk Nienhuis, Gerard Wiekens, Marnix Kolder en Joop Gall geplaatst. Maar het doel wat wij hadden was vooral om de mensen De Langeleegte weer te laten voelen en te laten zien wat voor moois er is verdwenen. Mensen genoten van de verhalen, voelden zich weer even in het stadion en waren zelfs bereid om foto’s en filmmateriaal met ons te delen.”

Hekel aan Groningen

De Vries vult aan: “We wilden de verhalen en beelden in leven houden. Dat De Langeleegte nog lang niet vergeten is, hebben wij inmiddels gemerkt middels de vele reacties die wij kregen op de stukken op de website. Het faillissement heeft echt iets met de mensen in Veendam gedaan. De échte diehards hebben een foeihekel aan FC Groningen. In die zin is het schandalig dat Groningen in de voorbereiding op het seizoen aan De Langeleegte heeft gespeeld. Veendam was gewoon een hele sympathieke club waar ik als Cambuur-supporter graag kwam. Na afloop kon je in de businessruimte en kantine ook gewoon een praatje maken met de fans. Als ik in Oost-Groningen was geboren, zou ik zeker fan van Veendam zijn geworden. Honderd procent.”

De échte diehards hebben een foeihekel aan FC Groningen

De Langeleegte staat voor Michiel van Veen symbool voor een zorgeloze jeugd. “Ik zat in Veendam op het Winkler Prins-college, de middelbare school. Samen met mijn schoolvrienden had ik een seizoenkaart. Zo eentje van papier. Daar werd elke wedstrijd een gaatje in geknipt. De vakken waren niet afgesloten, dus je kon gewoon rondlopen. In de eerste helft stonden we vaak op een andere plek dan na rust. Alleen de hoofdtribune had zitplaatsen, maar daar wilde je als jonge jongen ook niet zitten. Bij de bewuste derby (doelend op de 1-3 zege van Veendam in het Oosterpark) zat ik in het uitvak”, zegt Van Veen. De huidige burgemeester van de Brabantse gemeente Gemert-Bakel herinnert zich hoe het dorp ‘beefde van angst toen FC Den Haag op bezoek kwam’. “We zagen ineens allemaal mensen met een matje in hun nek op het dak van een stadsbus zitten. Dat was wel wat hoor.”

Jeugdsentiment

“Voor mij is De Langeleegte vooral jeugdsentiment. Veendam was ook een leuke club om naartoe te gaan. Het dorp was er trots op. Doelman Sape Hoekstra had zijn eigen sportwinkel in Winschoten. Je wilde als kleine jongen daar je voetbalschoenen kopen. En het zusje van Gaby Hermsen zat bij mij in de klas en de vader van een vriendje van mij was fysiotherapeut bij SC Veendam. Je kende altijd wel iemand die naar er naartoe ging. In het hele dorp zijn de lichtmasten zichtbaar. De Langeleegte neemt letterlijk een centrale plek in. Meestal stonden we op de overdekte staantribune. Bij bekerwedstrijden gingen we altijd zo staan dat we onszelf ’s avonds op televisie konden terugzien”, haalt Van Veen jeugdherinneringen op.

Het faillissement van de club waar hij in de jeugd op de tribunes staat, noemt hij zonde, maar logisch. “Het is jammer dat juist in die jaren de gemeente geen geld had om de club te redden, want een profclub is de beste citymarketing die er is. Iedereen kent Veendam, maar niemand kent Stadskanaal of Hoogezand. Groningers zijn chauvinistische mensen. Zeker Oost-Groningers afficheerden zich graag met Veendam. Je moet niet aan hun club komen.”

“Toen Henk de Haan in 2013 de reddingsactie startte, heb ik niet getwijfeld en meteen gedoneerd. Noem het solidariteit met de streek waar je bent opgeroeid. Ik snap heel goed dat er relatief veel mensen op de tribune zaten aan De Langeleegte. Veendam had ook niet veel meer te bieden dan voetbal natuurlijk. Maar je hebt ook industrie nodig en die was en is er onvoldoende om een betaald voetbalclub overeind te houden. Dat is helaas de realiteit.”

Dit is een gedeelte uit het boek Verdwenen Profclubs, verbonden door de ondergang van Martijn Schwillens, hét boek over de clubs die sinds 1991 uit het betaald voetbal in Nederland zijn verdwenen: Haarlem, FC Wageningen, SVV, Veendam, VC Vlissingen/VCV Zeeland, RBC en AGOVV. Je kunt het boek bestellen in de Staantribune Webshop.

Foto’s: Marco Magielse

terug naar overzicht

Lees verder...