Uit naar FC Emmen [column]



Het vergt soms een hoop flexibiliteit en inventiviteit om een wedstrijd bij te wonen wanneer er bij gebrek aan animo geen supportersbus rijdt. Gek genoeg was dat vaak het geval bij FC Emmen-uit, een van de weinige uitwedstrijden die altijd samenviel met goede excuses of slechte smoesjes.

De 219 kilometer lange rit (en evenzoveel kilometers terug) heb ik daardoor een aantal keer moeten missen. Wat was ik blij toen FC Emmen naar de eredivisie promoveerde. Dat gunde ik de supporters van de ‘rood-witten’ van harte en als bonus scheelde het mij ook een hoop gedoe.

Denkend aan FC Emmen uit zie ik twee, met gras begroeide heuvels, traag langs het raam voorbijtrekken. Het doet me denken aan het decor van de Teletubbies alleen dan zonder de koddige hoofdrolspelers. Achter de heuvels schijnt het licht van stadion Meerdijk, als een fata morgana in het Drentse landschap. Misschien wel één van de mooiste entrees in het betaalde voetbal.

Het is ook een beloning voor de lange reis en de snijdende wind die weldra door onze botten trekt. In welk jaargetijde de wedstrijd ook plaatsvindt, er waait altijd een koude wind door het uitvak. Het lege landschap en de hoge tribunes maakt het voor de elementen niet moeilijk om zich aan de supporters te trotseren.

Sfeerrijk Meerdijk

De laatste keer dat ik sfeerrijk Meerdijk van binnen zag was in 2018, het seizoen dat zowel Emmen als FC Dordrecht de nacompetitie haalden. Wij wonnen de wedstrijd in Emmen, zij wonnen de play-offs. Sindsdien is het stadion uit beeld verdwenen, al volg ik ze met een meer dan gemiddelde belangstelling. Dat ze zich sindsdien wisten te handhaven op het hoogste niveau was voor veel voetballiefhebbers een verrassing, niet voor mij. Onderschatting is altijd een sterk wapen.

Ze werden als een van de laatste clubs aan het rijtje BVO’s toegevoegd maar trokken zich weinig aan van het predicaat nieuwkomer. De club die knokt om erbij te blijven, de club die laat zien dat lelijke eendjes uitgroeien tot mooie zwanen als je ze in de luwte laat opgroeien.

Nu bungelen ze onderaan de ranglijst, een plek die je niemand gunt, kan ik uit ervaring zeggen. Ik hoop op een wonder, een ommekeer achter de groene heuvels. Dat de wind de goede kant op waait en iedere tegenstander wegblaast. Hoe mooi het Drentse landschap zich uitvouwt voor onze ogen, hoe aardig de suppoosten daar ook zijn, ik sla het met liefde over.

Word abonnee
terug naar overzicht

Lees verder...