De voetbalcultuur van Kazachstan

Nadat de Sovjet-Unie uit elkaar viel, sloot Kazachstan zich in eerste instantie aan bij de Aziatische voetbalbond. Het land ligt namelijk voor 88 procent in Azië. De eerste officiële interland van Kazachstan, tegen Turkmenistan (vandaag in 1992), werd met 1-0 gewonnen. Joris van de Wier dook voor zijn boek Pot 6 – Op bezoek bij de voetbaldwergen van Europa in de voetbalgeschiedenis en voetbalcultuur van Kazachstan.

Voetbal lijkt niet echt heel populair te zijn in het land. Op de vraag wie de Johan Cruijff is van Kazachstan krijg ik amper reactie, al noemt iemand de naam Seilda Baishakov. In 1977 was hij de eerste Kazach die voor de Sovjet-Unie uitkwam. Twee interlands speelde de verdediger, die wordt gezien als de beste voetballer die het land ooit heeft voortgebracht. Maar een wereldtopper was het niet, want anders had hij meer wedstrijden voor de Sovjet-Unie gespeeld. Dat geldt ook voor Evgeny Yarovenko, de andere Kazach die met CCCP op zijn borst voetbalde.

Ook deze verdediger kwam slechts tot twee interlands, maar hij won in 1988 wel Olympisch goud met de Sovjet-Unie. In de finale werd Brazilië, met Romário in de spits, verslagen. Dat Yarovenko nooit als beste Kazachse voetballer wordt genoemd, is omdat hij een etnisch Oekraïner is wiens familie ooit in Kazachstan is gedumpt door Stalin. Baishakov was daarentegen wel een echte Kazach en daarom populairder.

Paul Bartlett

In alle landen probeer ik een lokale sportjournalist te spreken over het voetbal in zijn of haar land, maar wat ik ook probeer: in Kazachstan lukt het mij niet. Ik schrijf alle kranten meerdere keren aan, maar krijg geen reactie. Gelukkig vind ik op Twitter een Kazachse journaliste die Engels spreekt. Ze geeft aan weinig van voetbal te weten, maar verwijst mij door naar Paul Bartlett, een Engelse journalist die al sinds 2005 in Almaty woont. Hij schrijft voor EurasiaNet en The Guardian. Daarnaast geeft hij Engelse les aan mensen die de taal willen leren. En, heel belangrijk voor mij, hij schrijft regelmatig over lokaal voetbal. De aangewezen man dus als het gaat om vragen over de voetbalcultuur in Kazachstan.

Bartlett is dan wel geen Kazach, maar wel iemand die mij verder kan helpen. Ik ben benieuwd naar de voetbalcultuur van Kazachstan. Leeft voetbal hier in het land of juist helemaal niet? Bartlett: “Voetbal leeft hier zeker, alleen zijn veel mensen supporter van de grote West-Europese clubs zoals Real Madrid, Barcelona en Juventus. Of ze volgen Russische clubs als CSKA Moskou, Spartak Moskou en Zenit St. Petersburg. De Kazachse clubs zelf zijn niet heel populair. Ik denk dat het vooral door het niveau komt. Het lokale voetbal stelt niet veel voor en daarom vinden mensen het niet interessant om te kijken.

Voetbalcultuur in Kazachstan

Wat je in de voetbalcultuur van Kazachstan ook mist in vergelijking met Europa is een uitcultuur. Gezien de afstanden is dat eenvoudig te verklaren. Lokale derby’s kennen ze hier eigenlijk niet. Zelf ga ik een paar keer per jaar kijken, maar het is vaak wel heel slecht. Toch heeft iedere club wel een loyale harde kern. Zeker Kairat, de club hier uit de stad. Dat was altijd echt dé club van Kazachstan, een veredeld nationaal elftal. Mensen waren er trots op, omdat het uitkwam in de hoogste divisie van de Sovjet-Unie.”

Maar Kairat is niet de club waar veel buitenlandse voetbalfans aan denken als het over Kazachstan of voetbalcultuur gaat. Dat is namelijk FC Astana dat al twee keer heeft deelgenomen aan de Champions League. Bartlett: “De Kazachen zijn best trots op de prestaties van FC Astana. Zeker omdat het in de Champions League nog geen enkele keer in eigen stadion verloren heeft. Nadeel is dat je in Astana geen echte voetbalcultuur of traditie hebt, zoals hier in Almaty. Dat het stadion bij FC Astana niet vol zit bij de Champions League-wedstrijden komt mede omdat de club erg kunstmatig is. Het is in 2009 herrezen uit de as van twee clubs uit Almaty. Alles werd 1.200 kilometer naar het noorden verplaatst naar Astana en de Presidential Sports Club (PSC) van Nazarbayev stopt er enorm veel geld in.

Marketingmachine

De PSC is een marketingmachine voor Kazachstan. De Astana-wielerploeg valt daaronder, maar ook gewichtheffers en boksers bijvoorbeeld. Het is puur opgericht om het land Kazachstan en de stad Astana te promoten. Die promotie van de stad is ook de politieke reden waarom alle interlands in Astana worden gespeeld. De overheid wil de hoofdstad promoten. Mensen moeten Astana leren kennen en daarom worden de wedstrijden daar gespeeld. Daarnaast is er ook een praktische reden, want de Astana Arena is het enige stadion met een dak dat dicht kan. In de winter, die hier van november tot maart duurt, is dat erg handig.”

Waar het clubvoetbal de laatste jaren in de lift zit, wil het met het nationale team maar niet lukken. Vreemd, want geld is er in overvloed en met meer dan 18 miljoen inwoners is er best wat keuze voor de bondscoach. Bartlett: “Een van de problemen is het lage niveau van de Kazachse competitie. De spelers van de topclubs krijgen weinig weerstand. Daarom zijn die wedstrijden in Europa zo belangrijk voor het Kazachse voetbal. Ik hoop dat die zware duels uiteindelijk vruchten gaan afwerpen en dat de nationale ploeg progressie kan boeken. In dat opzicht is de overstap van de Aziatische voetbalbond naar de Europese wel goed geweest.

In principe maakt goede tegenstand je beter, maar aan de andere kant heeft het de nationale ploeg nog weinig opgeleverd. Je ziet nu dat Oezbekistan een reële kans heeft om zich te plaatsen voor het WK, terwijl Kazachstan bijna iedere keer laatste wordt in de groep. Toch verwacht ik dat Kazachstan ooit gaat meespelen om die bovenste plekken.”

Die Mannschaft

Kazachstan probeert al jarenlang op verschillende manieren aan te haken. Een van de manieren was om buitenlandse coaches aan te stellen. In 2006 kwam de Nederlander Arno Pijpers die twee jaar later werd opgevolgd door Bernd Storck. Toen de Duitser ook geen succes behaalde moest de Tsjech Miroslav Beránek het doen. Dat werd ook niets, want als coach ben je uiteindelijk toch afhankelijk van je materiaal. Een ander pad dat werd gevolgd was om Duitsers met roots in Kazachstan te benaderen voor het nationale elftal te spelen. De eerste was Peter Neustädter. Een bekende naam, want zijn zoon Roman Neustädter heeft voor Borussia Mönchengladbach en Schalke 04 gespeeld. Roman koos echter niet voor Kazachstan maar voor Die Mannschaft. Na twee vriendschappelijk duels maakte hij de overstap naar Rusland, ook al wilde Kazachstan hem heel graag selecteren.

Peter Neustädter is niet de enige voetballer met een Duitse naam die voor Kazachstan is uitgekomen. Ook Heinrich Schmidtgal, Konstanin Engel en Alexander Merkel trokken het lichtblauwe shirt aan. De overeenkomst tussen deze drie spelers is dat ze allemaal in Kazachstan geboren zijn, maar al op jonge leeftijd naar Duitsland vertrokken. Hun voetbalopleiding kregen ze dus daar. Alexander Merkel was een supertalent. Hij vertrok al op z’n achttiende van VfB Stuttgart naar AC Milan en debuteerde daar niet veel later. Merkel kwam uit voor alle jeugdelftallen van de Duitsers maar toen zijn carrière in het slop raakte, koos hij voor Kazachstan. Schmidtgal en Engel zijn nooit bijzondere spelers geweest, dus voor hen was Die Mannschaft geen haalbare optie en grepen zij de kans om voor Kazachstan uit te komen met beide handen aan.

Maar hoe kwamen al die Duitsers in Kazachstan terecht? Dat ligt aan twee mensen: Catherina de Grote en Josef Stalin. Die eerste werd in 1762 tsarina van Rusland, destijds een gigantisch land met relatief weinig inwoners. Daarom wilde zij mensen lokken. Catherina was van oorsprong een Duitse prinses en riep daarom Duitsers op om naar Rusland te komen. De voorwaarden waren heel gunstig voor mensen die wilden emigreren. De Duitsers kregen een grote lap grond bij de Wolga, mochten hun geloof blijven belijden en werden vrijgesteld van dienstplicht in het Russische leger. Dat sprak veel Duitsers wel aan en massaal trokken zij naar Rusland.

Wolga-Duitsers

Voor Catherina de Grote was het fijn dat het zuiden van haar land, dat tegen het Ottomaanse rijk aan lag, nu ook bewoond werd en de immigranten, die Wolga-Duitsers werden genoemd, zorgden voor innovatieve landbouwmethoden waardoor veel meer kon worden geproduceerd. De nieuwkomers en de oorspronkelijke Russische bewoners gedoogden elkaar, maar over het algemeen was er niet ontzettend veel contact. De Duitsers bleven Duits spreken, het protestantse geloof aanhangen en er werd vooral in eigen kring getrouwd.

Aan het eind van de negentiende eeuw had de Russische tsaar veel militairen nodig. Hij trok daarom het privilege in dat Wolga-Duitsers niet in het leger hoefden te dienen. Dat was vooral een probleem voor de pacifistische Mennonieten. Zij vertrokken massaal richting de Verenigde Staten, met name naar Kansas en Noord- en Zuid-Dakota. Een bekende afstammeling van deze Mennonistische Wolga-Duitsers is Henry John Deutschendorf jr. oftewel John Denver. Ook Randy Meisner, die onder andere bassist was van The Eagles, stamt af van deze groep immigranten.

Oorlog

Zelfs in de Verenigde Staten bleven zij lange tijd Duits spreken en ze hadden zelfs hun eigen krant: Der Staats Anzeiger. Met zo’n naam is het geen wonder dat de krant de Tweede Wereldoorlog niet overleefde. De grootste groep Wolga-Duitsers bleef gewoon in Rusland wonen en vocht in de Eerste Wereldoorlog tegen hun voormalige landgenoten. Nadat de Bolsjewieken de Russische Burgeroorlog hadden gewonnen, werd het Russische Rijk de Sovjet-Unie. Dat land werd onderverdeeld in verschillende republieken. Een ervan was Kazachstan, maar ook de Wolga-Duitsers kregen een eigen republiek: Der Autonome Sozialistische Sowjetrepublik der Wolgadeutschen. In het wapen stond de naam behalve in het Russisch ook in het Duits geschreven.

Nadat de nazi’s in 1941 de Sovjet-Unie binnenvielen liet Stalin alle Wolga-Duitsers oppakken. Hij vertrouwde ze namelijk voor geen cent en wilde hen zo ver mogelijk achter de Oeral hebben. De Wolga-Duitsers moesten honderden kilometers lopen en werden uiteindelijk in Kazachstan gedumpt. Bijna een derde van hen was onderweg overleden door de slechte omstandigheden, honger of totale uitputting. Na de oorlog waren nog zo’n miljoen Wolga-Duitsers in leven, maar Stalin beval ze om in Kazachstan te blijven. De Duitsers werden daar gediscrimineerd en uitgescholden voor nazi’s, zelfs decennia na de oorlog.

Op het moment dat de Sovjet-Unie uiteenviel namen velen dan ook het aanbod van de Duitse regering om asiel te krijgen in Duitsland met beide handen aan. Het probleem was alleen dat veel Wolga-Duitsers geen Duits meer spraken omdat die taal verboden was door Stalin. Het integreren in de Duitse samenleving ging daarom erg moeizaam en sommigen zijn zelfs teruggekeerd. Vandaag de dag wonen zo’n 200.000 Wolga-Duitsers in Kazachstan en in paspoorten staat nog altijd of je Kazach, Rus of Duitser bent.

Pot 6

Meer over de voetbalcultuur in Kazachstan lees je in het boek Pot 6 – Op bezoek bij de voetbaldwergen van Europa van Joris van de Wier. Het boek is te bestellen in de Staantribune Webshop.

Word abonnee
terug naar overzicht

Lees verder...