Dat Griekenland een voetbalgek land is, hoef ik niet uit te leggen. Een derby tussen Olympiacos en Panathinaikos met de bijnaam Derby of Eternal Enemies zegt genoeg. Toch is het Griekse voetbal bij ons in Nederland niet heel bekend. Ook ik als fervent voetballiefhebber weet, buiten de grote clubs, niet veel van de competities en clubs af. Onterecht, bleek na een dag in de Griekse hoofdstad Athene, waar ik onder meer Panionios en Akratitos Ano Liosia bezocht.
Tijdens een bezoek aan mijn schoonouders in Athene (mijn vriendin is Griekse en Olympiacos-fan) besloot ik een dag alleen op pad te gaan, terwijl de rest van de familie nog aan het werk was. Ik had vooraf wat onderzoek gedaan naar voetbalclubs in Athene en kwam eigenlijk meteen op een lijst van elf stadions in de Griekse hoofdstad die het bezoeken waard zijn. Omdat ik Olympiacos, Panathinaikos en Kalithea al een keer gezien had, besloot ik die clubs voor deze keer links te laten liggen. Er bleven dus acht stadions over, van respectievelijk de clubs Akratitos Ano Liosia, Panionios, Proodeftiki, Ionikos, Egaleo FC, Atromitos, AEK én het Olympisch stadion.
Elf stadions in Athene
Mijn schoonouders zeiden me dat het, mede door het chaotische verkeer in Athene, een ambitieus plan was om ze allemaal op één dag langs te gaan. Ook vertelden ze me dat er bepaalde wijken zijn waar je eigenlijk niet moet komen, helemaal niet als buitenlander alleen. Ik was op mijn hoede, maar besloot het avontuur aan te gaan en te kijken hoe ver ik kwam. Wel was een goede planning op zijn plaats.
Akratitos Ano Liosia – Yiannis Pathiakakis Stadium (4,944)
Mijn schoonouders wonen in het noorden van Athene, dus mijn eerste stop werd de buitenwijk/voorstad Ano Liosia. Bij het binnenrijden werd meteen duidelijk dat dit niet de beste wijk van Athene was. Veel vervallen woonblokken, chaos, mensen in oude trainingspakken en verkeersopstoppingen. Om het stadion te bereiken, moest ik naar een rustiger gedeelte van de voorstad. Via een klein steegje en een onverhard stukje weg kwam ik bij het stadion.
Ik kon mij werkelijk niet voorstellen dat dit de enige aanrijroute was voor een stadion, maar het was echt zo. De reden dat deze club vooraf mijn aandacht trok, was het uitzicht. Ano Liosia ligt noordelijk en dus een stuk hoger dan de rest van Athene. Hierdoor heb je vanaf daar een prachtig uitzicht over de reusachtige stad. Ook het feit dat ik nog nooit van de club – die tegenwoordig op het vijfde niveau speelt en een oud vervallen stadion heeft – had gehoord, stemde mij als stadionfetisjist vrolijk.
Ongure wijk
De wijk waarin het stadion staat, is rustig, maar oogt onguur. De huizen staan ver uit elkaar, zijn veelal in achterstallige staat en er ligt veel vuil. Ik trof aan waar ik al bang voor was: een heel groot afgesloten hek, waardoor bijna niets van het stadion te zien was. Wel zag ik een stukje van de mooie, oude tribune aan de lange zijde, met inderdaad dat prachtige uitzicht op de achtergrond, en de lichtmasten die oud en dun waren. Ik vroeg me af of die het nog deden. Een rondje om het stadion hielp niet veel, overal was het hermetisch afgesloten. De aanwezigheid van groepjes dubieuze types en honden maakte dat ik ook niet stond te popelen om de auto uit te gaan en een rondje te lopen.
Ik besloot op een afgezonderd stukje een paar foto’s door het hek te maken en weg te gaan uit deze buurt. Ik had vooral geleerd dat ik hier naar alle waarschijnlijkheid niet terugkom, maar was wel een toffe ervaring rijker. Het stadion an sich is fantastisch: oud, obscuur en met een prachtig uitzicht. Jammer dat het eigenlijk niet te betreden is. Een snelle blik op de clubgeschiedenis leert dat de club zijn hoogtijdagen had in het begin van de jaren 2000. Toen speelde het drie keer op het hoogste niveau, met pauzes, in de tweede divisie. In het seizoen 2002-2003 speelde Ano Liosia zelfs even Europees in de Intertoto Cup tegen het Finse AK Alliance.
Toch heeft de club geen grote achterban, zelfs op het hoogste niveau zaten er slechts drie man en een paardenkop, met als dieptepunt een wedstrijd in het seizoen 2005-2006 tegen Egaleo FC, waarbij slechts zestien (!) mensen kwamen opdagen. Zonde, want ook al is het geen goede wijk, als ik daar vandaan zou komen, zou ik toch graag naar die wedstrijden gaan.
Panionios – Nea Smyrni Stadium (11.700)
Het was nog ochtend, dus het verkeer viel mee. Het leek me het beste idee om in één keer naar het zuiden te rijden en langzaam de stadions richting het noorden af te werken. Zo werd de volgende stop Panionios in de wijk Nea Smyrna in het zuiden van Athene. Ik belandde gelijk in een totaal andere wereld. Nea Smyrna leek een rustige, nette wijk, met voor Atheense begrippen behoorlijk wat groen. Ik parkeerde de auto en voelde me op mijn gemak om rond te lopen.
Het eerste wat me opviel, was dat het stadion midden in een woonwijk ligt met typisch Griekse woonblokken, dit keer vriendelijk ogend en netjes onderhouden. Over straat liepen vooral schoolkinderen en studenten. Ik stond voor de hoofdtribune die met stevige ijzeren palen werd ondersteund, het dak leek van oud golvend plastic. De hoofdtribune was in de kleuren van de club, rood-blauw geschilderd en bevatte muurschilderingen. Ik liep door, zag een hek op een kier staan en liep naar binnen. Er waren mensen met het gras bezig, aan wie ik vroeg of het oké was of ik binnenkwam en wat foto’s maakte.
Artikel gaat verder onder de foto’s