Ruim een half jaar geleden belde journalist Hugo Verkley Royston Drenthe op met het verzoek een boek over diens leven te mogen schrijven. Vandaag vindt in Rotterdam de presentatie plaats van de spraakmakende biografie Royston.

Drenthe was officieel uitgevoetbald, wist de 32-jarige Verkley, die graag boeken schrijft over mensen met een bijzondere levenswandel. In het geval van Drenthe betekende dat: nooit de belofte hebben ingelost van zijn onmiskenbare talent, omdat de voetballer moeite had zich volop op zijn sport te blijven concentreren.

Drenthe maakte in 2007 een droomtransfer van Feyenoord naar Real Madrid, waar hij aanvankelijk nog aardig startte. Maar al snel kwam hij in het nieuws met zaken waarmee een voetballer de krantenkoppen niet moet willen halen: stappen, kapotte auto’s, gedoe met vrouwen en geld dat in hoog tempo verdween aan allerlei randzaken.

Verkley sprak de afgelopen maanden veel met Drenthe en legde het geheim van de verdwenen miljoenen bloot in een bijzonder openhartig boek dat bol staat van de tragiek en sappige anekdotes. “In het begin hield Royston wat afstand”, zegt Verkley, die onder meer voor het Algemeen Dagblad schrijft. “Hij is van nature niet gek op journalisten. Maar na een tijdje won ik zijn vertrouwen en kreeg ik gedetailleerde informatie over zijn financiële situatie. Want dat is toch wat veel mensen het liefst willen weten: waar zijn al die miljoenen gebleven?”

In een loungebar biechtte Drenthe al lurkend aan een waterpijp op dat hij “een kleine ezel” was, in de beginperiode van zijn verblijf in Madrid. Hij huurde privéjets, verloor veel geld met pokeren en reed al in zijn eerste weken een peperdure Audi van de club aan gruzelementen in het centrum van Madrid. Later, bij Everton, liet de getrouwde Drenthe talloze vrouwen overkomen naar Engeland om samen met vrienden seksfeestjes met ze te hebben. Voor elke vrouw stond steevast een verrassingspakket met dure kleren, parfums en schoenen klaar.

“Royston heeft wel gelééfd”, stelt Verkley droogjes. “Hij heeft er alleen in korte tijd vreselijk veel geld doorgejaagd. Bij Real Madrid verdiende hij in totaal tien miljoen euro, maar het meeste geld is er doorheen, hoewel hij nog maar dertig jaar is. Royston bezit alleen nog zijn villa in Madrid en heeft daarnaast zijn maandelijkse uitkering van het CFK-fonds. Hij zegt ook veel geld te zijn verloren met investeringen die hij beweerde te doen op advies van zijn zaakwaarnemers.”

Royston Drenthe kan het verdampen van alle miljoenen gelukkig relativeren. Hoewel hij lang niet altijd vrolijk is en soms dagenlang in bed ligt, blijft hij optimistisch en geniet hij nu van het pokeren en andere spelletjes om een paar losse euro’s. “Bij mij is niks meer te halen, broer”, zegt hij in het boek op montere toon tegen Verkley. “Vroeger wisten ze dat ze rijk werden als ze met mij gingen pokeren, want ik ging toch altijd wel mee met de kaarten die gespeeld werden. Nu heb ik weinig meer, maar ik ben wél een betere pokeraar dan toen. Ach, ik vond het gewoon fijn, die gezelligheid om me heen. Ik was piraat man, wij waren met z’n allen piraat.”

Met zijn boek hoopt Verkley een positief beeld van Drenthe af te leveren. Hij ziet de voetballer niet als een volgevreten vedette, maar als een eerlijke jongen die de weelde simpelweg niet kon dragen. “Royston doet er nu ook alles aan om zijn leven weer op orde te krijgen. Hij is onlangs jeugdtrainer bij Feyenoord geworden en voetbalt bij Xerxes in een vriendenteam.”

Het zijn mooie bedoelingen en woorden van de auteur, maar na het lezen van Royston beklijft toch ook het gevoel dat er veel stuk gegaan is. Foppe de Haan, coach van Drenthe bij het succesvolle Jong Oanje-team van tien jaar geleden, liet zijn hart spreken toen Verkley hem de teksten liet nalezen. “Het is me nogal wat”, sprak De Haan met gevoel voor understatement. “Als ik eerlijk ben, word ik er een beetje stil van.”