Roel Cramer is assistent-coach van Qingdao Red Lions FC en werkzaam als manager van de jeugdafdeling van de club. Voor Staantribune schrijft hij elke maand een column over zijn verblijf in China en over het Chinese voetbal.

“Hoe kiezen Chinezen de naam voor hun kind?” werd mij gevraagd in één van mijn laatste werkweken bij Randstad voor mijn vertrek naar China. “Men gaat boven aan de trap staan en gooit vervolgens een koekenpan rollend van de trap naar beneden: Ping, Ling, Pang, Long, Pong!”

Dit is slechts een voorbeeld van één van de vele grappen die mij naar mijn hoofd werden geslingerd voorafgaand aan mijn vertrek naar China. Variaties te over. Maar wat verstaan Chinese voetballers zelf onder (voetbal)humor?

In de voetballerij zijn er meerdere ongeschreven wetten. Iedere keeper is een beetje gek, elk elftal beschikt over een aantal waterdragers en de slechtste voetballer van het elftal staat rechtsback. Ook heeft ieder elftal een clown, de buitenspelers zijn flegmatiek en de ‘nummer 10’ is de grote vedette.

Wat dat betreft is China geen uitzondering. Zo heeft ook ons elftal een clown, Fang Zi Yi genaamd. Een sfeermaker die te pas en te onpas om aandacht roept, maar wel altijd de lachers op zijn hand heeft. Bij de voorselectie van het elftal van vorig seizoen werd hij, herstellende van een blessure, door hoofdtrainer Jan Poortvliet liefkozend bierbuikje genoemd. Type straatvoetballer die over een goede techniek en prachtige trap beschikt. Maar ook een type dat als een dolle stier het duel in kan gaan.

Eentje die onder de (half afgemaakte) tattoos zit, biertjes met zijn tanden open trekt en voor iedere training zijn Amerikaanse Johnny Flodder-bak vol troep met een enorme stofwolk dwars voor de ingang van het veld parkeert. Maar wel eentje met het hart op de juiste plaats. Hij wordt door iedereen “hóuzi” (chinees voor aap) genoemd. Het moment dat een aantal met ons mee trainende Koreanen hem in het veld aanspraken met “monkey” zorgde dan ook voor grote hilariteit.

Wisselen van kapsel is altijd een gevaarlijke onderneming binnen een voetbalelftal. Ondanks dat Chinezen niet als extravagant bekend staan, zijn er veel spelers die regelmatig van kapsel wisselen. Zo hadden wij vorig jaar een speler die in één week zijn haar van blauw naar rood terug naar blauw liet verven. Om het vervolgens af te scheren en met een kale kop op de training te verschijnen. Het gehele seizoen heette hij echter wel gewoon voor iedereen “Blue Hair”.

Ook dit seizoen werden we verrast door een selectiespeler. Onze razendsnelle buitenspeler Xu Meng was bijna volledig aerodynamisch door met een hanenkam voor de dag te komen. Opvallend was dat alle buitenlandse stafleden hier opmerkingen over maakten, terwijl het volledig langs de Chinezen heen leek te gaan.

De echte voetbalhumor, zoals het kousen knippen, auto’s verplaatsen, tijgerbalsem smeren en het maken van woordgrappen over vrouwelijk schoon, zoals wij die in Nederland kennen, is in China op het oog en oor erg spaarzaam.

Natuurlijk wordt er gedold. Zo wordt er in koor “200” geroepen als er een bal ver over het hek van het sportpark wordt geschoten. Zoveel kost een nieuwe voetbal namelijk in China. Daar blijft het echter wel bij. Door de taalbarrière en het dialect gaan veel grappen volledig langs je heen. Vertalers ten spijt. Al is dit waarschijnlijk soms maar goed ook.

Bovendien zorgt de strakke Chinese hiërarchie en de alom tegenwoordige vrees voor gezichtsverlies ervoor dat publieke grappen waarvan iemand de dupe is tot het minimum worden beperkt. Tenzij daar natuurlijk wat achter zit. Het principe van verdeel en heers is ook in de Chinese voetballerij aanwezig.

Wanneer verschijnt er wel bij iedere Chinees spontaan een lach op zijn gezicht? Ik blijf het altijd een rare gewaarwording vinden dat Chinezen spontaan beginnen te lachen als ze mensen zien vallen of uitglijden. Op straat, van de trap of op het voetbalveld. Op de één of andere manier werkt dit nogal op de Chinese lachspieren. Ook zijn ballen in gezichten, buiken of edele delen een garantie voor gelach.

Het voor lul zetten van één van de buitenlanders zorgt voor vermaak. Zo werd onze sterspeler van vorig jaar, de Zweed David Löfquist, op de training gevraagd om zijn kwaliteiten als vrijetrappenspecialist te tonen. Men had de bal al voor hem klaar gelegd op een meter of 25 van het doel. David nam een aanloop en probeerde de bal met volle kracht tegen het net te rammen. Echter bleek de bal zo lek als een mandje, waardoor deze als een stuk kauwgom aan zijn schoen bleef plakken. Zelden zo veel Chinezen zien huilen van het lachen.

Ook kunnen Chinezen met genoegen luisteren naar andermans smoesjes. Zoals een beetje voetballer betaamt, zijn smoesjes in verband met afwezigheid of te laat komen ook in de Chinese voetballerij talrijk. Met name voor een intensieve fysieke training. Bij het horen van absentie met de daarbij horende reden, zie je bij sommige spelers de twinkeling in hun ogen verschijnen.

Zo hebben wij een voetballer gehad die voor het begin van de competitie in een trainingsweek voor de tweede keer te laat kwam. Vragend naar de reden, begon hij over een politieboete wegens een kapot achterlicht. Nadat hij werd gesommeerd om in dat geval even het bonnetje te halen, sprintte hij vervolgens naar zijn auto.

Bij terugkomst toonde hij vol zelfvertrouwen een bekeuring van de Qingdao politie. Hij had echter één essentieel detail over het hoofd gezien: tussen de lange reeks Chinese tekens stond de datum in keurige Arabische nummers. De datum van drie maanden terug welteverstaan. Toen hij vervolgens begon over een mogelijke fout in de printmachine van de politie, liepen de toehoorders schaterlachend weg.

Ter afsluiting: hoe gaat het met de Red Lions? Afgelopen weken werden in het snikhete Qingdao (temperatuur jasje uit: op sommige wedstrijddagen rond 35 graden) drie competitiewedstrijden afgewerkt. Twee klinkende overwinningen en een onnodige nederlaag verder zorgen ervoor dat de Red Lions nog altijd aan kop staan in de stadscompetitie.

Vol vertrouwen richting de regiofinales. Om een bekende broekpoeper te citeren: “Voetbal is een simpel spel. Tweeëntwintig man jagen 90 minuten op een bal en aan het eind winnen altijd de Duitsers.” Met onze Duitse sponsor FORTSCHRITT achter ons moet het dus helemaal goed komen!