Vandaag twee jaar geleden viel het doek voor een van de oudste stadions van België. Koninklijke Lyra TSV speelde op die dag haar laatste thuiswedstrijd in het 92-jaar oude Lyra Stadion. Staantribune-fotograaf Martijn Mureau belandde enige maanden voor de sloop van het stadion per toeval aan de Mechelsesteenweg. Op de plek waar het veld lag, staat nu een nieuwbouwwijk.

“Shit, nee”, verzucht ik, terwijl mijn navigatie aangeeft dat er een lange file staat op de ring van Antwerpen. De verwachte vertraging: tachtig minuten. Ineens bedenk ik me dat de volgende afslag naar Lier gaat en in een opwelling besluit ik deze te nemen. Zeg nou zelf: zou jij ruim een uur in de file gaan staan of zou je die tijd benutten om een oud, krakkemikkig stadion te bezoeken? Ik kies voor het laatste en al snel vind ik de verstopte poorten achter een tankstation.


Het Lyra Stadion is voor voetbalnostalgici een waar feest. Het stadion, dat in 1912 werd geopend, wordt door twee oude clubmensen onderhouden. En laten die twee heren nu net aan het werk zijn op het moment dat ik het stadion betreed. Twee paar nieuwsgierige ogen kijken me aan en na een korte kennismaking volgt een leuk gesprek, waarin de geschiedenis van de Lyravijgen en het stadion de revue passeren.

Topjaren
Het stadion heeft een interessante geschiedenis. In 1912 huurde Lyra, dat toen in de derde klasse uitkwam, de velden van Baron du Roy de Wichem voor maar liefst 99 jaar. Negen jaar later bouwde de club een betonnen zittribune van veertig meter lang. Lyra had haar zaakjes goed op orde en de club promoveerde het seizoen erop naar de tweede klasse. De club was twintig jaar lang een vaste klant op het tweede niveau. In de jaren dertig, de succesvolste jaren uit de clubgeschiedenis, kreeg het stadion een flinke uitbreiding. De Lyravijgen speelden enkele jaren op het hoogste niveau, met een zesde plek als hoogste notering, en haalden in 1935 de bekerfinale tegen voormalig topclub Daring Club Bruxelles. De club uit de hoofdstad won nipt met 3-2, maar die bekerfinale is iets waarover de oudere Lyra-supporters nog altijd met trots praten. In het seizoen 1953-1954 speelde Lyra voor het laatst op het hoogste niveau, daarna gleed de club af. Een van de mannen heeft dat seizoen als kleine jongen nog meegemaakt en wrijft dat de andere man fijntjes in. “Tja, ik was als eerste van de twee, ik heb ze tenminste nog op het hoogste niveau zien spelen.”

Rivaliteit
Beide heren hebben ook het verval van Lyra meegemaakt en dat deed pijn. Begin jaren zeventig was de club financieel en sportief failliet en het ondenkbare gebeurde: Lyra fuseerde in 1972 met stadsgenoot en rivaal Lierse SK. Lierse SK kreeg alle eerder behaalde prijzen toegewezen plus de hele selectie, maar niet de terreinen aan de Mechelsesteenweg. “Die Schapenkoppen dachten onze terreinen ook te krijgen. Nou, daar hebben we een stokje voor gestoken”, vertelt een van de heren. “De terreinen waren van de houdstermaatschappij, die niet aan de fusie deelnam. De beteuterde gezichten bij Lierse waren erg leuk om te zien.”

De rivaliteit met Lierse zit diep bij beide mannen en bij meerdere supporters van Lyra. Na de fusie werden door de supporters hemel en aarde bewogen om een nieuwe club uit de grond te stampen en enkele maanden later had de club een nieuw elftal, nieuwe financiers en speelde het op de oude vertrouwde thuishaven aan de Mechelsesteenweg. “Dag en nacht waren we in de weer, we kregen uitstel van de voetbalbond om spelers aan te trekken en we mochten gelukkig het Lyra Stadion blijven gebruiken.”

Dit Lyra was echter administratief een nieuwe club en kon geen aanspraken maken op het palmares van het vroegere Lyra. De club ging onderaan de ladder van start, maar na een seizoen promoveerden de Lyravijgen al naar de Derde Provinciale en in 1973-1974 naar de Tweede Provinciale. De club maakte in  vijftien jaar een opmars naar de tweede klasse, waaruit het in 2005 degradeerde. Afgelopen seizoen speelde Lyra in de vierde klasse C, waarin het op de laatste plaats eindigde.

‘Wij hebben twee liefdes’
Het valt me op dat het stadion krakkemikkig, maar goed onderhouden is. “Tja”, verzuchten de beide mannen, “wij hebben twee liefdes. Onze vrouw en Lyra.” De mannen zijn van respectabele leeftijd, maar zetten zich met ziel en zaligheid in voor de club. De ene onderhoudt het terrein, terwijl de ander het stadion met kleine klusjes en schilderen onderhoudt.

“Het is de bedoeling dat we vanaf volgend seizoen op Berlaar gaan spelen, dit stadion gaat helaas tegen de vlakte”, zegt de schilderman ietwat geëmotioneerd. Ik kan me de emotie voorstellen, dit terrein was vanaf de jaren vijftig hun tweede huis. “Je wilt niet weten hoeveel mensen er in een seizoen komen. Uit gans België, Nederland en zelfs Duitsland en Frankrijk komen ze om dit stadion te zien. En weet u, we zijn er trots op. Trots dat onbekende sympathisanten als u het stadion komen bezoeken. Weet u, neem gerust een kijkje door het stadion, alle poorten staan voor u open!” Na een hartelijk afscheid, besluit ik mijn camera te pakken voor de volgende reportage.

IMG_9474bIMG_9477bIMG_9479b_1IMG_9488bIMG_9498bIMG_9502bIMG_9503bIMG_9510bIMG_9513bIMG_9538bIMG_9559bIMG_9585bIMG_9591b