Francesco Totti zegt vandaag AS Roma vaarwel. Dat is niet alleen nieuws in Italië, maar in de hele voetbalwereld. In de huidige tijd staat zijn naam symbool voor een uitgestorven fenomeen: bandiera, een voetballeven lang verbonden blijven aan slechts één club. Totti stond regelmatig in de belangstelling van Europese topclubs. In 2004 was hij er dichtbij een Galactico te worden in Madrid, maar op het laatste moment besloot hij toch de Giallorossi trouw te blijven. En met die beslissing bezegelde hij in zekere zin zijn sportieve lot.

Een Europese hoofdprijs heeft hij met Roma nooit kunnen winnen, terwijl hij alleen de Scudetto in 2001 veroverde. Met twee Italiaanse bekers en twee Italiaanse supercups niet bepaald een indrukwekkend clubpalmares. Maar ook zonder uitpuilende prijzenkast behoort Totti tot de grootste Italiaanse voetballers aller tijden. Alleen verstokte supporters van Lazio zullen er misschien anders over denken. Met het Italiaanse elftal had hij meer succes: zilver tijdens het EK van 2000 en wereldkampioen in 2006, beide keren in de finale tegen Frankrijk.
Nu Totti heeft moeten inzien dat hij niet het eeuwige voetballeven heeft, is het interessant te weten hoe hij de ontwikkelingen in het moderne voetbal ziet. “Voetballers zijn nomaden geworden die kiezen voor het geld en niet met het hart.” Als iemand het mag zeggen, is het hij wel. Hij heeft weinig op met huurlingen die met alle winden meewaaien. Met zo’n uitspraak scoor je bovendien punten in de Eeuwige Stad. En over scoren gesproken, zijn tweede positie op de Italiaanse topscorerslijst aller tijden is er een van consistentie, omdat hij in ieder seizoen minstens eenmaal doel trof voor La Maggica.

Francesco TottiStoppen was lange tijd het laatste waaraan Totti wilde denken. Met zijn club had hij dit seizoen nog eenmaal een trofee willen bemachtigen. Daarnaast zou hij liever gisteren dan vandaag teruggaan naar een maximum van twee buitenlandse spelers per team. Het tekent zijn voorliefde voor de voetbalromantiek die hij tijdens zijn carrière langzaam maar zeker heeft zien verdwijnen.

Als enige constante factor binnen de selectie van AS Roma, kan De Laatste der Mohikanen maar niet wennen aan de huidige tijd, waarin de aanhang van veel clubs ieder jaar weer wordt geconfronteerd met een batterij aan nieuwe spelers. “Je kunt je supporters niet blijven verraden”, vindt hij. Zoals hij ook zijn verbazing niet kan verhullen over het feit dat allerlei spelers, coaches, trainers en massagetherapeuten bij Roma anno 2017 geen Italiaans maar Engels spreken.

soccerfanshop.nl

Uit Totti’s woorden spreekt vervreemding van zijn omgeving en van de tijd waarin hij nu leeft. Maar met zijn staat van dienst en morele kompas zij het hem vergeven.Toch hoeft hij niet als een heilige te worden herinnerd. Voetbaltechnisch gezegend met een surplus aan talenten, kon hij ook gemeen zijn. Wanneer de frustratie hem in de greep kreeg, kon hij genadeloos iemand tegen de schenen schoppen. Een rafelrandje aan een verder gepolijste spelmaker. Wat dat betreft was hij een echte gladiator, iemand die onafhankelijk van zijn capaciteiten, alles deed wat de goden hadden verboden om in de arena van het Colosseum overeind te blijven.

De ouderwetse nummer 10 kreeg vooral de laatste tien jaar van zijn carrière vaak het predicaat keizer of imperator opgespeld. Logische verwijzingen naar roemruchte heersers van Rome, echter met een belangrijk verschil. Waar de keizers van weleer vaak een gewelddadige dood stierven, zal Totti nu met een knalfeest afscheid nemen. En kan hij op de prachtige leeftijd van veertig jaar op zijn lauweren gaan rusten.

Addio Pupone!