Torino wint eind jaren veertig vier landstitels op rij. Het Italiaanse elftal bestaat dan ook uit veel spelers van de landskampioen. Met een Torino-kern verslaan de Azzurri aan het begin van 1949 Portugal overtuigend met 4-1. De Portugese aanvoerder Xico Ferreira doet na de wedstrijd een verzoek dat alles zou veranderen: of Valentino Mazzola met zijn team begin mei naar Lissabon kan komen voor het spelen van een testimonial. De aanvoerder van Il Grande Torino heeft er wel oren naar en weet zijn voorzitter te overtuigen. Wanneer Torino de topper tegen Internazionale niet verliest, mogen de spelers zich opmaken voor een snoepreisje naar Portugal.

In Milaan wordt het een zwaar bevochten 0-0, waardoor Torino een voorsprong van vier punten behoudt, met nog vier wedstrijden te gaan. De vijfde landstitel is dus nog niet zeker, maar het heeft er alle schijn van dat Mazzola en zijn mannen alweer een titelfeest kunnen gaan vieren.

Op 4 mei 1949 vliegt Torino van Lissabon terug naar Italië. Op het vliegticket staat dat de spelers via Barcelona naar Milaan vliegen, maar dat gebeurt niet. Vanuit Barcelona zetten zij rechtstreeks koers naar Turijn, wat een busreis vanuit Milaan scheelt. Met een beetje geluk kunnen de passagiers ’s avonds thuis eten met hun geliefden.

Maar het weer is die dag verre van optimaal. Het regent en waait en naarmate de reis vordert, wordt het ook nog mistig. De piloot heeft rond vijven contact met de verkeerstoren: “Zet alvast een espresso voor me klaar, ik ben er over enkele minuten.”

Dan wordt het stil. Omstreeks 17.05 uur slaat het vliegtuig te pletter tegen de basiliek op de heuvel van Superga. Alle 31 inzittenden komen om het leven. In één klap is het sprookje van Torino over.

Van Roberto Pennino (1971) verscheen in het voorjaar van 2018 het boek Onsterfelijk Torino bij de Nederlandse Sportboeken Club. In 2016 sprak hij in Italië met nabestaanden van de slachtoffers, onder wie Sandro Mazzola (de zoon van aanvoerder Valentino) en Bill Lievesley (de zoon van trainer Leslie Lievesley). Uit die gesprekken, aangevuld met zijn ervaringen en passie voor het Italiaanse voetbal, schreef hij een voetbalgeschiedenisboek. Uit het boek blijkt eens te meer dat het noodlot niet alleen de direct betrokkenen treft, maar nog generaties lang kan nadreunen.

Eind mei verschijnt de Italiaanse vertaling van Onsterfelijk Torino. Uitgever Bradipolibri Editore S.r.l. brengt het boek onder de titel Gli Immortali del Grande Torino e i ragazzi del 1949 uit op de Italiaanse markt.

De Italiaanse cover van Ontsterfelijk Torino.