Staantribune maakt een spectaculaire groei door. Het aantal verkooppunten is deze week gestegen van ruim honderd adressen waar het eerste nummer al verkrijgbaar was, naar bijna vijfhonderd verkooppunten. Het magazine is te koop bij alle bekende boekhandels en alle vestigingen van AKO en Bruna in Nederland.

Vandaag een jaar geleden werden het logo van Staantribune en de eerste ontwerpen gepresenteerd. Twaalf maanden later is het magazine overal in Nederland verkrijgbaar. “Een jongensdroom”, zegt hoofdredacteur Jim Holterhuës. “Het bewijs dat je met passie voor voetbal, kwaliteit en doorzettingsvermogen alles kunt bereiken.”

Eerste ontwerpen

Presentatie van het logo en de eerste ontwerpen in het café van oud-voetballer Joop van Maurik.

Het magazine werd opgericht door zo’n dertig journalisten, fotografen en vormgevers, waarvan de meesten elkaar via Twitter ontmoetten. Op het social medium discussieerden zij over het gemis van een blad over voetbalcultuur. Holterhuës: “We besloten de handen vervolgens ineen te slaan en zelf een dergelijk magazine op te zetten.”

Eind vorig jaar verscheen het nulnummer van Staantribune, dat lovend werd ontvangen door lezers, boekhandels en media. “Staantribune loopt zich warm, in wisselhesje, op weg naar een basisplaats”, schreef ‘bladendokter’ Rob van Vuure in de Volkskrant na de publicatie van dat nummer, dat eerst alleen online te lezen was en later alsnog op papier verscheen. Het nulnummer was binnen een mum van tijd uitverkocht.

Ook van het eerste nummer zijn inmiddels duizenden exemplaren over de toonbank gegaan en via de webshop verkocht. De ontwikkelingen hebben Holterhuës niet verbaasd. “Ik heb het altijd vreemd gevonden dat een traditioneel voetballand als Nederland nog geen blad over voetbalcultuur had, terwijl dergelijke bladen wel bestaan in landen als Oostenrijk, Zwitserland en Zweden. Staantribune voorziet dus in een duidelijke behoefte, zoals ook blijkt uit de verkoop en de talloze reacties na het uitkomen van het nulnummer en het eerste nummer. Bovendien zal aan een papieren magazine met goede verhalen, mooie fotografie en stijvolle vormgeving altijd behoefte blijven.”