Staantribune-redacteur Joris van de Wier reisde de afgelopen twee jaar langs de negen slechtste voetballanden van Europa. Het resultaat kun je lezen in Pot 6 – Op bezoek bij de voetbaldwergen van Europa. Zo bezocht Joris onder meer Gibraltar. Een voorproefje:

Natuurlijk was die 2-2 in 1949 tegen Real Madrid mooi, maar voor de meeste Gibraltarezen vond het grootste voetbalhoogtepunt van het land plaats op 12 juli 2016. Die dag versloeg Lincoln Red Imps het Schotse Celtic met 1-0 in de voorronde van de Champions League. Overal ter wereld was deze stunt groot voetbalnieuws. Zelfs in Nederland stond het op de sportpagina van Teletekst. In Schotland was het dagenlang voorpaginanieuws, terwijl op supportersfora van Rangers groot feest werd gevierd. Hoe kon het dat een club uit Gibraltar dé topclub van Schotland had verslagen?

De man die iedereen wilde spreken, was Lee Casciaro. De op dat moment 34-jarige politieagent had het enige doelpunt gemaakt en had ineens een heldenstatus in Gibraltar. Anderhalf jaar later is de hype natuurlijk gaan liggen, maar ik wil toch graag met hem spreken. Mensen zoals Casciaro zijn nog gemakkelijk te benaderen en via Twitter maak ik een afspraak met hem.

Net zoals met Charlie Cumbo heb ik met Casciaro afgesproken op het Grand Casemates Square, het zenuwcentrum van het land. We gaan zitten voor een koffie en ik vraag Casciaro natuurlijk meteen naar hét doelpunt. “Gek genoeg had ik voorafgaand aan de wedstrijd al een goed gevoel. Ik was blij dat we eerst hier in Gibraltar zouden spelen. Het kunstgras was vreselijk slecht en dat speelde natuurlijk in ons voordeel. Daarnaast had Celtic met Brendan Rodgers net een nieuwe manager aangesteld en moest de ploeg nog op elkaar ingespeeld raken. Wij kenden elkaar natuurlijk al goed en waren positief gestemd voor de wedstrijd. Ik stond die wedstrijd tegenover Efe Ambrose, een Nigeriaans international. Een goede verdediger, maar ook iemand die bekendstaat weleens zijn concentratie te verliezen. Dat gebeurde tegen mij. Bij het doelpunt dekte hij mij verkeerd en de bal kwam door het kunstgras veel trager aan dan hij had verwacht. Ik wist precies hoe snel die bal zou komen, speelde hem uit en maakte de 1-0. We konden het volhouden en de stunt was een feit. Dat we er uiteindelijk uitvlogen was geen verrassing. Al viel de 3-0 nederlaag in Glasgow mij uiteindelijk nog mee.”

Dankzij de toetreding tot de UEFA werd het voor Lincoln Red Imps en Lee Casciaro mogelijk om Champions League-wedstrijden te spelen. Ik ben benieuwd wat voor impact dat op het voetbal in Gibraltar heeft gehad. Casciaro: “De toetreding tot de UEFA heeft alles veranderd. Voorheen was voetbal hier een zuivere amateursport. Ook bij kampioen Lincoln kreeg je niets betaald. Iedereen had dus gewoon een baan, het voetbal was hobby. In 2013 veranderde dat. Ineens kregen wij geld voor het spelen van wedstrijden. Leuk, maar voor mij persoonlijk veranderde er niets. Ik heb een goede baan en die ging ik natuurlijk niet opgeven, want ik ben al op leeftijd. Maar ineens was het merendeel van onze selectie profvoetballer. Er kwamen honderden Spaanse voetballers hierheen. In Spanje heerst veel werkloosheid, vooral onder jongeren. Voetbal is daarom echt een uitweg en voor hen is het aantrekkelijk om hier te komen voetballen.

In Gibraltar krijg je iedere maand je loon op tijd en een redelijk salaris. Het is geen topinkomen, maar je kunt ervan leven. Daarom zit de competitie hier vol met Spanjaarden. Niet alleen uit La Linea, maar uit heel Andalusië. Van Cádiz tot aan Malaga. De meesten van hen hebben geen baan, dus zij hoeven niet te kiezen tussen werk en voetbal. Er is namelijk geen keuze. De deelname van onze clubs aan de Europese toernooien en dan met name de Champions League maakt een enorm verschil. Je krijgt echt een groot bedrag bij deelname en als je de eerste ronde overleeft komt er nog eens een hoop geld bij. Daardoor is alles zoveel professioneler geworden.”

Casciaro kreeg ook de mogelijkheid om fulltime met voetbal bezig te zijn, maar besloot dat niet te doen. “Op het moment dat clubs mochten gaan betalen, was ik al 31 en ik heb een gezin. Daarnaast heb ik een fijne baan bij de politie, dus ik besloot die te houden. Dat was geen probleem, want in onze selectie zitten meer parttimevoetballers. Wel moet ik er zelf voor zorgen fit te blijven en zoveel mogelijk naar de trainingen te komen. Dat is soms wel zwaar. Ik zit vooral op het water om boten te controleren en na een dag op de zee voel je nog steeds de golven als je op het land bent.

Daarnaast is het een baan waar je 24 uur kunt worden ingezet, Dus soms werk ik tot zes uur ’s ochtends terwijl ik een paar uur later een wedstrijd heb. Ik kan dat alleen compenseren door voor mijzelf te trainen. Dat werkt schijnbaar, want ik ben nu 36 en sta nog altijd in de basis bij Lincoln Red Imps en het nationale elftal. Eigenlijk is dat niet goed, want een jonge speler had mij natuurlijk allang uit het elftal moeten spelen. Ik ga overigens niet vrijwillig stoppen. Nu we eindelijk interlands mogen spelen, wil ik er zoveel mogelijk van genieten. Ik stop pas als de bondscoach mij niet meer selecteert.”

Casciaro is eeuwig topscorer van Gibraltar met twee doelpunten. Hij scoorde tegen Cyprus en tegen Schotland. Welk doelpunt vond hij zelf de meest bijzondere? Casciaro: “Die tegen Schotland natuurlijk. Dat doelpunt tegen Cyprus was mooi, omdat het de 1-1 was en wij serieus hoopten om een puntje te pakken daar. Die goal tegen Schotland was ook de gelijkmaker, maar daar maakten we ons geen illusies op een goed resultaat. Toch vond ik die mooier. Het was het eerste officiële doelpunt van Gibraltar en dan nog wel op Hampden Park, een historisch stadion. Daarnaast was het net zoals tegen Cyprus niet de 4-1 of 5-1, maar de 1-1.

Het was heel bijzonder om dat stadion stil te krijgen op de vierhonderd Gibraltarezen na. Ik heb dat doelpunt weleens teruggezien en ik kan me haast niet voorstellen dat ik dat ben. Het lijkt wel een film. Dat heb ik ook als we tegen toplanden spelen zoals Duitsland en België. Ik ken die spelers van televisie en dan sta je ineens naast hen op het veld. De toetreding tot de UEFA heeft voor veel veranderingen gezorgd. Eerst speelden wij alleen maar vriendschappelijke wedstrijden tegen andere landen of clubs en in de Island Games, maar nu kunnen we officieel tegen de toplanden uitkomen en binnenkort gebeurt dat gewoon hier in het Victoria Stadium.”

Casciaro heeft de Island Games genoemd, ooit het absolute hoogtepunt voor de voetballers van Gibraltar. De Island Games zijn een toernooi voor, de naam zegt het eigenlijk al, eilanden. Gibraltar is natuurlijk geen eiland, maar doordat Spanje het land zo geïsoleerd heeft en de bewoners jarenlang alleen via de zee Gibraltar konden verlaten, werd het wel toegelaten tot de Island Games. Casciaro kijkt met plezier terug op de toernooien. “Het waren voor ons echte uitjes. Ondanks het feit dat je niet tegen echte landen speelde, voelde het wel als interlands. De omstandigheden waren ook anders dan wij gewend waren. In Gibraltar heb je geen grasveld en daardoor heb ik in mijn jeugd nooit op echt gras gespeeld. Trainingen waren meestal op de stenen speelplaats voor het clubhuis van Lincoln.

Op de Island Games was het daarom altijd wennen voor ons om op echt gras te spelen, maar ik vond het heerlijk. Daar kon ik echt van genieten. Als het toernooi in het noorden van Europa gehouden werd, moesten wij ook nog eens wennen aan het klimaat. Onze beste resultaten haalden wij daarom altijd in Zuid-Europa. In 1995, toen ik helaas nog te jong was om mee te doen, was het toernooi hier in Gibraltar. Dat was de eerste keer dat we de finale bereikten. In 2007 was ik er wel bij toen we wonnen. Het werd toen in Rhodos gehouden. In de zomer op een Grieks eiland spelen was zwaar voor de andere Britse teams, maar niet voor ons. Wij hadden toen echt een goed team. Ik denk de beste Gibraltarese ploeg waar ik voor gespeeld heb. Veel sterker dan het team nu. Zonde dat we met dat team nooit hebben kunnen meedoen aan een kwalificatie voor een EK of WK.”

Een van de grootste kritiekpunten sinds de toetreding tot de UEFA is dat voetballers uit Gibraltar geen kans meer krijgen bij de clubs. Ik hoor overal dat die liever kiezen voor een ervaren Spanjaard dan een jonge Gibraltarees. Casciaro: “Natuurlijk is er door de vele buitenlandse spelers minder plek voor Gibraltarese voetballers. Je kunt zeggen dat dat de ontwikkeling tegenhoudt, maar aan de andere kant vind ik dat je als Gibraltarees dan maar moet zorgen dat je beter bent dan die buitenlandse voetballers. Als je geen plek kan krijgen in een eerste elftal in de competitie van Gibraltar, hoe wil je dan ooit doorbreken? Het zijn geen topvoetballers die hierheen komen. Daarom moet je zorgen dat je beter bent. Ik denk dat het leven voor jonge spelers te makkelijk is hier in Gibraltar. Je hebt hier alles. Een fijn klimaat, alles wordt geregeld en er is genoeg werk.

Als Gibraltarees hoef je maar een deel van je woning te betalen, de rest betaalt de overheid omdat ze het land niet vol met expats willen hebben. Het leven is niet zwaar, want ook al faal je op school of op je werk er is hier een heel goed sociaal vangnet. Je moet dus veel zelfdiscipline hebben als jonge voetballer. Eigenlijk zou iedere jonge speler met een beetje talent het land moeten verlaten om beter te worden. Ik heb dat zelf ook geprobeerd en ben ooit een op proef geweest bij Dagenham & Redbridge, maar had al snel door dat het niets voor mij zou zijn. Ik ben slechts 1.74 meter en de tactiek bij Dagenham bestond uit de bal ver naar voren trappen. De manager zei “Ik heb de bal het liefst zo ver mogelijk weg van ons doel”, en moedigde zijn verdedigers daarom aan om die zo hoog en ver mogelijk weg te trappen. Hij was tevreden over mij, maar na mijn proefperiode besloot ik niet te tekenen en weer terug naar Gibraltar te gaan. Maar toch heb ik even kunnen proeven aan het profleven. ”

In Gibraltar heeft Casciaro alleen maar gespeeld bij Lincoln Red Imps. De recordkampioen pakte 22 keer de titel en won zeventienmaal de beker. Van 2003 tot en met 2016 werd Lincoln steeds kampioen, maar het afgelopen jaar was het ineens Europa FC dat de schaal wegkaapte. Een shock, want daardoor kon Casciaro niet in de Champions League spelen. Was het een dipje van Lincoln of speelt er meer? Casciaro: “Europa is een volwaardige concurrent, maar ik ga ervan uit dat wij komend seizoen de titel weer pakken. De twee clubs zijn totaal verschillend. Waar Lincoln Red Imps vooral bestaat uit Gibraltarezen, is Europa een club waar bijna alleen buitenlanders spelen. Zij moeten ook wel, want Lincoln heeft alle topspelers van Gibraltar onder contract staan. Lincoln is ook sterker dan het nationale elftal. Wij kunnen nooit tegen elkaar spelen omdat veel internationals bij Lincoln onder contract staan, maar de Imps zouden zeker winnen. De club kan spelers aantrekken op plekken die in het nationale elftal wat zwak zijn, zoals bijvoorbeeld de doelman. Het niveau ligt daardoor hoger bij de club, maar toch zie ik de toekomst voor ons nationale elftal wel zonnig in. We krijgen vanaf volgend seizoen de Nations League en ik denk dat dat goed is voor Gibraltar. Natuurlijk is het mooi om tegen Duitsland, België en Portugal te spelen, maar voor mij als spits is daar weinig aan. Je hebt niets te doen. Een wedstrijd zoals komend weekend tegen Estland vind ik zelf leuker. Dan hebben we een kans op een resultaat. Straks als we tegen San Marino, Malta en Liechtenstein gaan spelen heb je dat ook. Daar kijk ik eigenlijk wel naar uit. We hoeven dan niet alleen tegen te houden maar kunnen ook aanvallen. Tegen die tijd spelen wij ook weer in Gibraltar en wie weet kunnen we een keertje winnen. Al die nederlagen van de laatste vier jaar ben ik onderhand wel beu.”

Staantribune-redacteur Joris van de Wier reisde de afgelopen twee jaar langs de negen slechtste voetballanden van Europa. Het resultaat kun je lezen in Pot 6 – Op bezoek bij de voetbaldwergen van Europa