Een kaartje kopen op de wedstrijddag, de lucht van aangebrande hamburgers en naar een pot oerslecht voetbal kijken op een staantribune. Veel voetballiefhebbers in Nederland denken met weemoed terug aan ‘het voetbal dat niet meer is’. In Argentinië kan het allemaal wél, maar niet alles wat blinkt is goud in het land van Maradona, Messi en Di María.

Buenos Aires ademt voetbal: iedere buurt heeft zijn club en wie wil kan iedere dag van de week naar een cancha (stadion) om een wedstrijd te zien van verenigingen met prachtige namen als Club Atlético Huracán (Orkaan) of Vélez Sarsfield. En als je geen geld hebt om vier euro neer te leggen voor een kaartje, dan kijk je de match gewoon in een van de honderden sfeervolle barretjes: iedere kroeg heeft wel een tv. Bijkomend voordeel is dat je dan ondertussen kan genieten van een literfles ijskoud Argentijns bier, want dat is in het stadion verboden.Spandoek_Huracan


Spandoek bij Huracán: “De dingen die ik deed voor jou, heb ik voor niemand anders gedaan.”

Het Argentijnse voetbal kent echter ook een donkere kant: corruptie en het voortdurende geweld breken het voetbal steeds verder af. Een belangrijke oorzaak is dat barra brava (hooligan) zijn in Argentinië een beroep is. Je vindt ze achter het doel, staande op valbrekers. Het zijn de luidruchtigste maar ook meest gewelddadige fans van iedere vereniging. Hoewel ze de club negentig minuten lang aanmoedigen en voor een geweldige sfeer in het stadion kunnen zorgen, verdienen ze geld met criminele activiteiten. De barras verkopen kaartjes op de zwarte markt, persen spelers af en zijn vaak betrokken bij drugshandel.

Stadion_Huracan(Huracan_vs_River)

De belangen zijn groot, dus vaak wordt er door hooligans onderling gevochten om de macht op de tribune, soms tot de dood erop volgt. Het overkwam Gonzalo Acro, een van de bekendste hooligans van River Plate. Gonzalo was als jochie al groot fan van River, maar het waren zijn vrienden – die de harde kern runden – die in 2001 een baantje voor hem regelden bij de club. De 24-jarige fan moest het zwembad onderhouden, maar zijn echte taak was het aansturen van de andere hooligans die voor de club werkten. Acro had zelf geen gewelddadige reputatie, maar werd gezien als een van de ‘slimmeriken’ binnen de harde kern. De reputatie van Acro groeide met het jaar, maar in 2006 brak er een machtstrijd uit tussen de verschillende leiders binnen de harde kern.

Rond diezelfde tijd ging ik zelf voor het eerst naar River Plate. In het begin was ik onder de indruk van het reusachtige stadion, de tienduizenden luidruchtige fans en het aardige voetbal. Maar na een tijdje merkte ik dat er iets niet klopte: waarom zongen de verschillen groepen fans liedjes tégen elkaar? En waar waren de trommels en megavlaggen die je bij veel andere clubs zag? Steeds vaker zag je groepjes fans op de staantribune ‘op jacht’ naar andere groepjes op de tribune. Vanaf de lange zijde waren steeds vaker fluitconcerten te horen als er weer eens rotzooi was achter het doel. De hooligans trokken zich er echter niets van aan: bij een schietpartij op het clubterrein moesten gewone fans rennen voor hun leven.

Fans_RiverPlate_Superclasico

Op 9 augustus 2007 ontplofte het kruitvat bij River: Gonzalo Acro werd in koelen bloede geëxecuteerd toen hij de sportschool uit liep. De rechter achtte bewezen dat andere hooligans van River de moord hadden beraamd. Zij zouden bang zijn geweest dat Acro de macht zou grijpen binnen de harde kern. Acro is een van de honderdtachtig Argentijnen die de dood vonden door voetbalgeweld sinds 1978.

Lees het hele artikel van Remi Lehmann, correspondent in Buenos Aires, in het 0-nummer van Staantribune (pagina 44-45).