Het was afgelopen zaterdag weer Non League Day in Groot-Brittannië. De dag waarop het Britse amateurvoetbal in het zonnetje wordt gezet en clubs allerlei acties verzinnen om mensen te trekken. Logischerwijs is deze dag altijd in een interlandweekend, want dan spelen de club uit de hogere divisies niet. Ik besloot om naar Ashfield te gaan, een amateurclub uit Glasgow. In diezelfde stad vond twee dagen geleden Schotland zijn Waterloo in de jacht op een ticket voor het EK. Uiteraard, typisch Schots, door een tegendoelpunt in de allerlaatste seconde van de wedstrijd. Het 2-2 gelijkspel tegen Polen betekent dat Schotland is uitgeschakeld. Maar in Ashfield was dat niet het belangrijkste gesprek. Daar ging het vooral over de bekerwedstrijd in de West of Scotland Cup tegen Rossvale.
3Ashfield was ooit een grote club. In de jaren vijftig en zestig was Saracen Park regelmatig helemaal uitverkocht. Dat betekende officieel 25.000 toeschouwers, maar officieus waren dat er veel meer. Het waren ook de jaren waarin Possilpark, de wijk waar de club speelt, floreerde. Saracen Foundy was een van de grootste ijzergieterijen ter wereld en bood duizenden mensen werkgelegenheid. Possilpark bruiste, maar toen de Foundry in 1967 failliet ging, sleurde het de wijk mee. Iedereen met een beetje geld ontvluchtte de wijk. De mensen die achterbleven zagen met lede ogen aan dat Possilpark een drugsparadijs werd. Het werd dé plek waar je heen ging als je heroïne wilde scoren. Bendes waren de baas op straat en zelfs de politie durfde zich amper te vertonen in de wijk.

Vandaag de dag is Possilpark nog steeds een van de slechtste gebieden van Glasgow. In 2012 kwam slechts één Schotse wijk nog slechter uit een onderzoek over achterstandsbuurten. De drugsproblematiek lijkt iets onder controle, maar op het gebied van armoede, bendevorming en criminaliteit scoort Possilpark nog steeds heel hoog. Jaren geleden wilde ik al eens naar Ashfield gaan, maar de moeder van mijn Schotse maat Andy verbood het me. Volgens haar was de buurt veel te gevaarlijk om naartoe te gaan. Ik volgde haar advies schoorvoetend op. Enige jaren later trok ik de stoute schoenen aan en bezocht ik alsnog de wijk. Ashfield speelde niet, maar ik wilde toch graag Saracen Park eens zien. Het was een zonnige dag en mede daardoor vond ik het niet zo bedreigend aanvoelen. Er waren wat mensen bezig bij het stadion en die vonden het geen probleem als ik foto’s ging maken. Ze waren overigens niet van de voetbalclub, maar van Glasgow Tigers, de speedwayclub die het stadion deelt met de voetballers.

1

2

3

4

4a

5

6

7

8

9

10

11

Sinds dat bezoek wilde ik een wedstrijd op Saracen Park bezoeken en wat was daarvoor een betere dag dan Non League Day. Dit keer ging ik met de trein en tijdens de wandeling naar het stadion viel het mij op dat Possilpark inderdaad niet bepaald een villawijk is. Er is een klein winkeltje waar je wat versnaperingen kunt kopen, maar zelfs de KitKats liggen echter tralies. Rondom het stadion liepen mannen met littekens op hun gezicht, de zogenaamde Glasgow Smile. Saracen Park zelf zag er helemaal anders uit dan tijdens mijn eerdere bezoek. Twee vermogende broers die oorspronkelijk uit Possilpark komen, hebben de Glasgow Tigers overgenomen en het hele stadion opgeknapt. Ashfield mag in Saracen Park blijven spelen zonder huur te hoeven betalen. De broers willen namelijk iets terugdoen voor de gemeenschap waarin zij zelf zijn opgegroeid. Saracen Park is niet alleen een stadion. Er zijn allerlei faciliteiten waar de buurtbewoners gebruik van kunnen maken. Saracen Park is daarmee een soort diamant op een berg mest.

De wedstrijd was overigens typisch Schots. Een moordend tempo met twee teams die vol op de aanval speelden. De match eindigde zoals de interland van Schotland: 2-2, met Rossvale diep in de blessuretijd scorend. De bezoekers wonnen uiteraard ook na strafschoppen. Ashfield ligt uit de West of Scotland Cup, maar met het verbouwde Saracen Park ziet de toekomst er goed uit voor ze.
1a

1b

2

3

4

5

6

7

8

9

10

11

12

13

14