Milaan bewondert Ajax

Zomaar een krantenkop die op het eerste gezicht lijkt te verwijzen naar het succesjaar 1995, toen de jonge ploeg van Louis van Gaal maar liefst driemaal won van de ervaren Milanese sterrenploeg van destijds en bij de derde winst zelfs de Champions League won.

Mis.


Het bericht is van veel eerder. Uit 1969 kan de kop ook niet zijn, want toen verloor Ajax kansloos met 4-1 van Milan in de finale van de Europa Cup 1, zal de kenner denken. En dat is juist. Een hint: Ajax scoorde maar liefst zesmaal tegen de Rossoneri. Dan moet het toch wel die voor de Milanezen vernederende 6-0 nederlaag in Amsterdam betreffen, die Ajax in januari 1974 de Europese Supercup schonk?

Nee, toch niet. Vandaag 33 jaar geleden won Ajax ook van AC Milan.

Met Cruijff opnieuw in de gelederen, gingen in Italië weer eens lucratieve deuren open. Die waren al een tijdje gesloten door het verval van de Amsterdamse topclub tijdens de tweede helft van de jaren ’70. Het genie van een decennium eerder had bij zijn rentree in Amsterdam echter laten zien dat de herfst van zijn carrière nog genoeg lente-momenten in zich had.

In Milaan waren ze nog zeker niet vergeten dat de beroemde nummer 14 zich in de zomer van 1981 voor veel geld in het Milan-shirt had laten hijsen, terwijl hij eigenlijk nog geblesseerd was. Gevolg: de reputatie van een onbetrouwbare geldwolf die geen schim meer was van de superster van weleer, was ook in Italië gevestigd. Maar zie daar, eenmaal terug op het oude nest kon Cruijff zich weer van zijn beste kant laten zien.

Hij strooide als middentiger weer met de meest fantastische passes, dirigeerde zijn teamgenoten alsof hij nooit afscheid had genomen van het voetbal en zorgde persoonlijk ervoor dat Ajax in 1982 landskampioen werd. Reden voor de organisatoren van het Milanese indoorvoetbaltoernooi ‘Torneo di calcetto Angelo Moratti’ om Ajax aan het deelnemersveld toe te voegen. Ook Internazionale en Nottingham Forest, de winnaar van de Europa Cup 1 in 1979 en 1980, deden aan het toernooi mee.

Het jonge team, met onder meer Rijkaard, Vanenburg en Kieft, bulkte van het talent, maar was Europees gezien duidelijk nog een maatje te klein om te wedijveren met de grote jongens. En bovendien instabiel zonder de maestro. Dat was wel gebleken in een fascinerende tweestrijd tussen de Amsterdammers en Celtic enkele maanden voor aankomst in Milaan. In Glasgow schitterde Cruijff als in zijn beste jaren en mocht de thuisclub blij zijn met de 2-2 einduitslag. Tijdens de return in Amsterdam viel Cruijff vlak voor tijd geblesseerd uit. En juist toen sloeg Celtic keihard toe: 1-2. Exit Europa Cup.

Maar op 22 december 1982 kon Ajax weer in superlatieven van zich doen spreken. AC Milan, dat in de halve finale stadgenoot Inter had verslagen, moest het opnemen tegen de Nederlanders, die Nottingham Forest hadden uitgeschakeld. De 6.500 toeschouwers kregen een spektakel van jewelste voorgeschoteld. Na een ruststand van 3-2 in het voordeel van de Amsterdammers, won Ajax uiteindelijk met 6-5. Bij Milan speelden onder meer Baresi en Tassotti mee. Aan Ajax-zijde waren de uitblinkers Leo van Veen en Johan Cruijff. Volgens de Italiaanse berichtgeving kwam ook nog een ander Ajax-talent binnen de lijnen, eentje van wie de Milanezen later nog veel zouden horen: de achttienjarige Marco van Basten. Al met al een gedenkwaardig, maar vergeten, moment in de geschiedenis van beide clubs.

Roberto Pennino

Schermafbeelding 2015-12-09 om 23.39.27