Dante Alighieri beschreef in de veertiende eeuw een denkbeeldige reis van de hel naar de hemel in zijn meesterwerk La Divina Commedia. Een reis die het Siciliaanse FC Messina weliswaar ook maakte, maar dan op omgekeerde wijze. Helaas zou het in dit geval niet om een imaginaire reis gaan voor de Sicilianen, maar om de keiharde werkelijkheid.

Het bereiken van de hel was nog ver weg tijdens een mooie lenteavond op 5 juni 2004. Messina nam het in haar laatste thuisduel op tegen Como en stond op het randje van promotie naar de Serie A. Die historische avond zou voor de Sicilianen het allerlaatste thuisduel betekenen in het Stadio Giovanni Celeste. Il Celeste was niet zomaar een stadion. Sterker, het was lelijk en ouderwets en ook de grasmat liet te wensen over. Mensen konden gratis vanuit hun flatappartement de wedstrijd bekijken. Kortom, het was een typisch, naar renovatie snakkend Italiaans stadion.

Toch was er één ding dat het een bijzondere plek maakte. De sfeer was er namelijk zo magisch dat zelfs een Argentijnse heksenketel er bij lange na niet in de buurt komt. De Messinesi maakten zich op die 5 juni nog één keer op voor een onvergetelijk einde in hun voetbaltempel. Messina na 39 jaar terug in de Serie A, wat een droom.

De wedstrijd eindigde in een 3-0 overwinning met twee doelpunten van topscorer Arturo Di Napoli en een pareltje van Alessandro Parisi. Messina keerde, tegen alle verwachtingen in, terug op het hoogste niveau en opende zodoende de poort naar de hemel. Het enthousiasme in de stad was groot. ‘Bedankt helden, de stad zal jullie nooit meer vergeten’, luidt de tekst die avond op een groot spandoek in het kolkende, roodgeel gekleurde stadion.

Verrassing
Het enthousiasme was groot tijdens het daaropvolgende seizoen in de Serie A. Een groot deel van de gepromoveerde selectie bleef intact en het bestuur haalde enkele ervaren spelers.

Ook het gloednieuwe Stadio San Filippo – waar Messina dat seizoen introk – zat met een capaciteit van iets meer dan 38.000 mensen iedere wedstrijd zo goed als vol. Het werd al snel duidelijk dat Messina geen intentie had om te degraderen en, wie weet, zelfs hoger zou kunnen mikken dan van de club werd verwacht.

In de eerste thuiswedstrijd was het dan ook meteen raak tegen AS Roma. De Sicilianen keken in een bloedstollend duel – na het weggeven van een 2-1 voorsprong – tegen een 2-3 achterstand aan. Toch wisten zij op fabuleuze wijze nog het tij te keren. Een prachtig lobje over doelman Ivan Pelizzoli van matchwinner Riccardo Zampagna zorgde uiteindelijk voor de 4-3 overwinning. “Dat lobje had ik op dat specifieke moment moeten vermijden. Toch wilde ik het doen en deed het uiteindelijk”, vertelde de spits onlangs in een interview met Fantagazzetta. .

Drie dagen later was het grote AC Milan van Carlo Ancelotti aan de beurt in San Siro. Een woensdagavond die hoogstwaarschijnlijk in een pak slaag zou eindigen, werd uiteindelijk een historische en memorabele dag voor Messina. Na een 1-0 achterstand wisten I Giallorossi het resultaat al snel om te buigen. Binnen een minuut na de goal van de Milanezen scoorde middenvelder Domenico Giampà alweer de gelijkmaker.

Nog geen drie minuten later was het wederom de beurt aan Riccardo Zampagna om de wedstrijd te beslissen. Na een perfecte voorzet van linksback Alessandro Parisi besliste de spits het duel door de bal met een heerlijke zweefduik binnen te koppen. David versloeg Goliath en Messina wist een historische 1-2 overwinning te boeken.

Het eerste seizoen in de Serie A werd een succes. Messina verraste vriend en vijand en succestrainer Bortolo Mutti bewees dat de promotie naar de Serie A geen toeval was. De club boekte mooie resultaten, waaronder nog een 2-1 overwinning tegen Inter en een doelpuntloos gelijkspel met Juventus.

Ook eindigt de ploeg van Mutti op een keurige zevende plaats, waardoor het kwalificatie voor de toenmalige UEFA Cup op een haar na misliep. De enige hoop op een Europees avontuur was deelname aan de Intertoto Cup. Door deel te nemen aan dit toernooi was het, bij winst, nog mogelijk om een plek in de UEFA Cup te bemachtigen. Helaas had de club haar licenties niet op orde en ging dat feestje niet door.

Engeltje
De volgende twee seizoenen zouden het begin vormen van de teloorgang naar de hel. In het seizoen 2005-2006 werd succestrainer Bortolo Mutti halverwege het seizoen de laan uitgestuurd na de teleurstellende resultaten. Zijn vervanger Gian Piero Ventura kon ook geen potten breken en het seizoen eindigde zodoende in een teleurstelling. De strijdlustige en moeilijk te kloppen ploeg van het voorgaande seizoen was compleet onherkenbaar.

Messina eindigde uiteindelijk op een teleurstellende achttiende plaats, waardoor degradatie een feit was. De club leek desondanks de sportieve teleurstelling een engeltje op haar schouder te hebben. Juventus raakte verwikkeld in het Calciopolischandaal en werd vervolgens teruggezet naar de Serie B. Dit tot vreugde van Messina die als de lachende derde toch nog op het hoogste niveau actief bleef.

Maar Messina profiteerde in het daaropvolgende seizoen niet van dit buitenkansje. Inmiddels was Lazio-legende Bruno Giordano aangesteld als nieuwe coach, die het seizoen goed begon met acht punten uit de eerste vier duels. Hierna kwam Messina in een neerwaartse spiraal terecht die zou zorgen voor nog twee trainerswissels en een laatste plek. Zelfs de derde plek op de topscorersranglijst van spits Christian Riganò (met negentien doelpunten) was tevergeefs. Daar waar Messina het voorgaande seizoen al met een been in de Serie B stond, was degradatie nu dan toch echt een feit.

Faillissement
Het seizoen 2007-2008 in de Serie B werd eveneens geen succes. Messina eindigde op de veertiende plek en verkeerde in zwaar weer door grote schulden. De familie Franza, die de club op dat moment bezat, zocht dan ook tevergeefs naar potentiële kopers. Niemand durfde zijn vingers te branden aan zo’n immense uitdaging en de club werd onvermijdelijk failliet verklaard. Football Club Messina Peloro – de officiële naam tot aan dat moment – was niet meer en werd zodoende ingeschreven in de Serie D. Wat volgde zouden donkere jaren zijn in de hel van de lagere divisies onder bestuur van verschillende ondernemers.  

In het seizoen 2016-2017 bevond Messina zich in de Lega Pro, de Serie C. De club streed op het derde niveau tegen degradatie en er hing wederom een faillissement in de lucht. Een potentieel faillissement dat zorgde voor de herbeleving van dezelfde nachtmerrie.

Franco Proto nam Messina in maart 2017 uiteindelijk over van Natale Stracuzzi, waarmee de club dacht haar Messias gevonden te hebben. De financiële situatie van de club was onder het bestuur van Stracuzzi onhoudbaar geworden. Het ging zelfs zo ver dat de spelers – onder leiding van oud-trainer Cristiano Lucarelli – staakten voor het niet ontvangen van hun salaris.

Messina wist zich onder Proto nog te handhaven, maar kon uiteindelijk de licentie niet betalen om in de competitie actief te blijven. “Messina was afgelopen februari (2017, red.) een terminale patiënt die niemand wilde opereren om zo de verantwoordelijkheid te ontlopen. Daarentegen heb ik de moed gehad om de patiënt te reanimeren en haar dood te vermijden in het nog lopende seizoen. Vervolgens moest de patiënt een zeer complexe operatie ondergaan met het enorme risico dat zij het niet zou redden”, schreef de preses onder meer in een open brief aan de supporters. Dit nadat hij te horen had gekregen dat de club niet was ingeschreven voor het komende seizoen in de Serie C.

De spelers reageerden furieus op hun situatie en eisten de president van de Lega Pro, Gabriele Gravina, te kunnen spreken. Zij hadden maandenlang geen loon ontvangen en eisten nu dan ook garanties van de bond. “Wij bevinden onszelf nu in een zodanige economische situatie dat wij onze gezinnen moeten zien te onderhouden zonder het ontvangen van ons loon”, aldus de spelers, die in verschillende media uithaalden. De bond zou hier volgens de spelersgroep weet van hebben, maar er zijn schouders voor ophalen.

Het beloofde een sappige soap te worden waar geen Latijns-Amerikaanse telenovela aan kon tippen. Het antwoord van Gravina liet dan ook niet lang op zich wachten. Hij wees met de boze vinger naar de spelers die volgens hem te nalatig waren geweest. Zij zouden geen beroep hebben gedaan op hun rechten. Ook was de bond volgens hem niet verantwoordelijk voor hun financiële situatie. Desalniettemin werd de spelersgroep toegang verleend tot een zogenaamd garantiefonds. Dit fonds werd beschikbaar gesteld door de bond om de spelers te voorzien van de ontbrekende salarissen die zij tegoed hadden.

Nostalgie
Inmiddels is de club in handen van Pietro Sciotto onder de naam Associazione Calcio Rilancio Messina, kortweg ACR Messina. Sciotto moet de weg naar de hemel terug zien te vinden, ondanks dat het licht aan het einde van de tunnel ver weg lijkt te zijn. Ook het grote Stadio San Filippo herbergt een immense leegte, waarvan alleen de trouwe supporters een klein deel weten te vullen.

De kracht van de club weerspiegelt zich vooral in haar hondstrouwe supporters. Zonder nog te weten of hun club teruggezet zou worden naar de Serie D, werden er reeds 1.100 seizoenskaarten verkocht. Helaas voor de supporters kwam hun ergste nachtmerrie uit en keerde de club terug naar die helse Serie D.

Het doel van president Sciotto is inmiddels bekend. Het is de bedoeling om, in ieder geval, zo snel mogelijk te promoveren naar de Serie B. Bovendien wil de preses terugkeren naar het historische en vooral nostalgische Stadio Giovanni Celeste. Daarvoor moeten het bestuur en de gemeente nog tot een akkoord zien te komen. “Ik ben bereid om de strijd aan te gaan en zowel mijn droom als die van een groot deel van de fans te verwezenlijken. Ik geef niet op. Forza Messina”, aldus Sciotto via de officiële website van de club.

De dromen en ambities hebben de stad nooit verlaten en stellen de supporters in staat om hoop te houden. Hoop voor betere tijden in het stadion waar Messina twee eerdere promoties naar het hoogste niveau meemaakte. “Er is geen twee zonder drie”, luidt een hoopvol, aloud gezegde waar Sicilianen graag gebruik van maken. Of dat klopt, zal in de toekomst moeten blijken.

Francesco Sollima