Sportief was het allemaal niet veel, eind jaren zeventig en begin jaren tachtig voor Tranmere Rovers. Maar het liet zich wel op een ander vlak gelden. De club had namelijk heel veel boefjes en die sloegen regelmatig steden kort en klein. Ook waren ze beroemd en berucht vanwege hun dure merkkleding en de stanleymessen die ze bij zich droegen.

In 1982 schreef Kevin Sampson een boek over die tijd: Awaydays. Het werd pas in 1998 uitgebracht, omdat eerder geen uitgeverij er brood in zag. De combinatie voetbalcultuur en literatuur werd pas echt een ding na Fever Pitch van Nick Hornby. In de jaren negentig waren mensen er wel rijp voor en Awaydays verkocht enorm goed. Het wordt tegenwoordig zelfs gezien als een kleine klassieker.

Elf jaar later werd het boek verfilmd. Persoonlijk vind ik de film maar een slap aftreksel van het boek. Even een korte samenvatting van Awaydays om jullie een idee te geven waarover het gaat. De hoofdpersoon in het boek is de negentienjarige Paul Carty. Hij woont in Birkenhead en heeft een saaie kantoorbaan. Het leven als kantoorplankton trekt al het leven uit hem, maar Tranmere Rovers is zijn redding. Hij trekt op met The Pack, de casuals van de club, en maakt iedere Noord-Engelse provinciestad onveilig.

Het gaat niet alleen om de vechtpartijen, kleding is misschien nog wel belangrijker. De casual-stijl begon ooit in Liverpool, maar waaide snel over naar Birkenhead, waar de hooligans ook in de laatste mode wilden lopen. Muziek speelt ook een belangrijke rol in het boek. Vooral Joy Division, toevallig een van mijn favoriete bands. In het boek fapt, vecht, steelt en neukt Carty zich door het leven in de naam van Tranmere, terwijl hij aan de andere kant doordeweeks weer op zijn saaie kantoor werkt.

Voor Voetbalstad Liverpool moet ik de schrijver natuurlijk spreken, want Awaydays is een belangrijk onderdeel van de voetbalcultuur van Merseyside.

We hebben afgesproken in de Lion Tavern, een schitterende pub vlakbij Moorfields Station. Sampson haalt meteen twee ciders voor ons. Hij is zenuwachtig, want deze avond speelt zijn club Liverpool tegen Manchester City. Toch heeft hij veel vertrouwen in een goede afloop, de gekke eigenschap die de meeste Liverpool-fans lijken te hebben. Zelfs het feit dat de Reds eerst thuisspelen, ziet hij als een voordeel. Terwijl we proosten, begint Sampson te vertellen over Awaydays.

“Ik heb dit boek in 1982 geschreven. Al was het destijds eigenlijk nog geen echt boek. Het was een lang verhaal van zestig pagina’s. Ik stuurde het naar verschillende uitgeverijen, maar die vonden het veel te gewelddadig. Met name omdat de casuals volgens hen geen doel hadden met het geweld en het vechten an sich de kick leek. Ook het Scouse dat ik in het boek gebruikte, werd niet gewaardeerd. Dat moest normaal Engels worden, maar dat wilde ik niet. Het was belangrijk om dialect te gebruiken om zo de sfeer te scheppen. Dankzij het boek Trainspotting van Irvine Welsh werden boeken die in een dialect waren geschreven ineens hip. In 1998 heb ik er een echt boek van gemaakt en plotsklaps wilden veel uitgeverijen het hebben. Ik denk zelf dat het ook beter was dat het niet in 1982 is uitgegeven. Destijds was hooliganisme nog heel actueel, terwijl het zestien jaar later grotendeels verdwenen was.”

Ik weet dat Sampson supporter is van Liverpool, de club waar de casuals voor het eerst verschenen. Waarom koos hij dan toch voor Tranmere als club in het boek? Sampson: “Ik ben inderdaad een Liverpool-supporter. Ik ben geboren in Liverpool, maar opgegroeid in Birkenhead. Meestal ging ik naar Liverpool kijken, ook uitwedstrijden. Maar Tranmere speelde destijds vaak op vrijdagavond en dat vond ik wel interessant. Mijn oudere broer was een echte casual. Ik keek op naar zijn kledingstijl en kapsel en probeerde dat, tot zijn ergernis, na te doen. Zelf ben ik nooit een hooligan geweest. Vechten was niet echt mijn ding, maar als we met Liverpool naar uitwedstrijden gingen, werden we vaak aangevallen. Dus ik heb het wel van dichtbij gezien. Waarom ik voor Tranmere heb gekozen? Ik denk dat Birkenhead en de club beter bij het verhaal pasten. Tranmere had geen mooie Europese uitwedstrijden zoals Liverpool, maar ging naar Halifax, Stockport, Crewe en Chesterfield, door-en-door Engelse industriesteden. Die rauwheid daar past veel beter bij het verhaal. Het boek speelt zich af in 1979. Op dat moment was Thatcher net gekozen als premier en in Birkenhead merkte je al snel dat er dingen gingen veranderen. De werkloosheid ging snel omhoog en drugs deden hun intrede. Birkenhead werd smacktown. Dat werd in de jaren tachtig nog erger, daarom heb ik bewust voor dit jaar gekozen. Een schakeljaar waarin Birkenhead haar onschuld verloor.”

In 1979 was de casual-stijl al heel groot in Merseyside, terwijl het in de rest van het land nog niet echt was aangeslagen. Sampson zelf is groot liefhebber van de stijl. “Eind jaren zeventig begonnen supporters van Liverpool designermerken te dragen. Zij kochten, of in de meeste gevallen jatten, kleding tijdens hun trips door Europa. Daardoor hadden ze spullen die in Engeland niet te krijgen waren. Oorspronkelijk was het idee om zo niet op te vallen als voetbalsupporter bij de politie, maar al snel werd het een hele subcultuur. Voor zover ik weet de enige die niet in Londen is begonnen. Er is een befaamde foto van eind jaren zeventig waarop supporters van Liverpool en Arsenal te zien zijn. De eerste hebben allemaal luxe merkkleding aan, terwijl de Gooners daar nog met spijkerjasjes en kaalgeschoren koppen staan en Dr. Martens dragen in plaats van Adidas. Het duurde niet lang voordat ook Evertonians zich zo gingen kleden en daarna volgde Tranmere. Het bleef een tijdje een subcultuur in Merseyside. Pas in de jaren tachtig volgden andere supportersgroepen.

Buiten kleding was je kapsel ook heel belangrijk. David Bowie was een belangrijke inspiratie voor velen. Bij een wedstrijd van Tranmere zag je jonge gasten steeds hun pony wegblazen, want die zakte voor hun ogen. Ik was een keer bij Tranmere – Chester, een belangrijke derby hier. De hele harde kern van Tranmere was volgens de laatste mode gekleed en ze hadden allemaal een David Bowie-kapsel. In Chester was de hele subcultuur nog niet doorgebroken, dus die wisten niet wat ze zagen. Zij vonden dat de Tranmere-jongens maar een stel homo’s waren en lieten dat ook blijken. Daarna zag ik een enorme knokpartij. De casuals droegen stanleymessen bij zich, dus Chester zette het op een rennen. Tranmere nam de hele tribune over en dat maakte wel indruk in hooliganland.”

Ondanks dat Sampson zelf geen casual was, ben ik toch benieuwd of de hoofdpersoon deels op hem is gebaseerd. Sampson: “Het boek is niet autobiografisch, maar zowel Paul als zijn beste vriend Elvis hebben eigenschappen van mij. De muzieksmaak van Elvis is die van mij en Pauls liefde voor kleding heb ik ook. Ik kan mij nog herinneren dat ik Barrington Smash Adidas-schoenen kocht. Ik was een van de eersten die ze had en toen was ik voor een paar dagen de grote man in Birkenhead. Paul heeft hetzelfde. Omdat hij niet uit de arbeidersklasse komt, net als ik, werd hij niet helemaal voor vol aangezien. Hij probeert dat te compenseren met zijn kleding, zoals ik deed, en vechten met de casuals, wat ik niet deed.

Ik vind het trouwens wel leuk dat veel Tranmere-fans het boek waarderen. Veel oude casuals herkennen zich erin en andere supporters vinden dat het een goed tijdsbeeld geeft. Hoe voetbalsupporters toen als beesten werden behandeld en zich daar ook naar gedroegen.”

Meer over Tranmere, Liverpool en Everton in Voetbalstad Liverpool, het nieuwe boek van Joris van de Wie, dé Engeland-kenner bij uitstek. Alléén als je het boek via onze webshop bestelt, ontvang je een gratis e-book met kekke foto’s van Merseyside.