Ruim baan voor de Oranje Leeuwinnen. Terwijl PSV en Ajax een modderfiguur sloegen in Europa stonden de vrouwen wel hun mannetje. Als je van Duitsen bloed bent, dan is het winnen van finales geen vanzelfsprekendheid. Toch klaarden ze de klus. Nederland staat weer op de wereldvoetbalkaart.

Het E-woord viel vaak de afgelopen weken. Te vaak. Nederland kwam goed voor de dag op het EK voor Vrouwen en dat wilden we weten ook. Vier frisse speelsters sierden de cover van ’s lands grootste voetbalweekblad en zelfs de LINDA. en Libelle sloten de Oranje Leeuwinnen in hun armen. Een ware emancipatiegolf spoelde over Nederland. Mannen die zich laatdunkend uitlieten over het vrouwenvoetbal werden genadeloos afgeschilderd als seksist.


Zelf waren de Oranje Leeuwinnen er niet zo mee bezig. Ze wilden gewoon voetballen. Goed voetballen. En goed voetballen deden ze. Een speelster die de bal naar iemand van dezelfde kleur schopt, is tegenwoordig eerder regel dan uitzondering. Er gaat nog best veel mis. Maar er gaat ook heel veel goed. Je ziet spelpatronen, vloeiende combinaties, er zit lijn in. Wie evenwel beweert dat de vrouwen zo mee kunnen in de Jupiler League of in de Tweede Divisie slaat de plank mis. Het is een onmogelijke vergelijking. Bij hockey en handbal leggen we mannen en vrouwen ook niet langs dezelfde meetlat.

We moeten er vooral niet te moeilijk over doen. Het vrouwenvoetbal wordt langzaam volwassen, maar heeft nog een lange weg te gaan. Technisch en tactisch, maar ook in commercieel opzicht. Dat dwing je niet zomaar af, ook niet met een Europese titel. Neem publiekslieveling Shanice van der Sanden. Met haar snelheid is ze bijna niet te houden. Vaak volgt een voorzet die eindigt bij haar überenthousiaste broer op de tribune. Shanice is een one-trick pony. Is dat erg? Dacht het niet. PSV’er René van de Kerkhof werd in zijn tijd ook vaak een blind paard genoemd. Toen was hij international, vandaag de dag zou hij zich amper staande kunnen houden in het topvoetbal.

De vrouwen timmeren net een jaar of twintig aan de weg, terwijl de mannen al een dikke eeuw op de teller hebben staan. Tegen die achtergrond maakt het vrouwenvoetbal een stormachtige ontwikkeling door. In alle nuchterheid kun je vaststellen dat de Oranje Leeuwinnen eerder een internationaal resultaat hebben geboekt dan hun mannelijke collega’s. Miljoenen televisiekijkers zagen de finale tegen Denemarken. Daar kunnen zelfs succesnummers als Boer Zoekt Vrouw en Wie is de Mol niet tegenop. Er kwam een hele nieuwe huiskamerorde tot stand. Mannen en vrouwen vergaapten zich samen op de bank aan de trukendoos van Lieke Martens, het koele killerinstinct van Vivianne Miedema en de spelintelligentie van Jacky Groenen. Deze EK-titel helpt onze voetballende vrouwen een heel eind op weg. Je zou bijna het E-woord laten vallen.

Niet doen. De emancipatie van het vrouwenvoetbal is pas gelukt als een club uit de mannen-eredivisie succescoach Sarina Wiegman aanstelt als hoofdtrainer.

Arjen Pijfers
Staantribune-lezer