Na vier kampioenschappen op rij debuteert Beerschot Wilrijk dit seizoen op het tweede niveau in België. De Nederlandse verdediger Arjan Swinkels keert met de Mannekes terug in het profvoetbal. De competitiestart tegen Royale Union Saint-Gilloise (zie de Groundhop van vorige week) leverde een klinkende 3-0 overwinning op. 

Arjan Swinkels is het Manneke bij Beerschot Wilrijk
Twee uur voor de wedstrijd is er al sprake van een verkeersinfarct rond het Olympisch Stadion. De jaarlijkse braderie in de Abdijstraat is de boosdoener. In de buurt is geen parkeerplek meer te vinden. Er rest niets anders dan een stevige stadswandeling door Antwerpen. In de Julius de Geyterstraat wapperen twee paarse Beerschot-vlaggen. Supporters drommen samen op het terras van café Stijgbeugel. Gehuld in clubtenue bespreken ze de kansen van hun favorieten onder het genot van een pintje. Bij het stadion is het al een drukte van belang. Er staat een lange rij voor het frietkot.

Beerschot Wilrijk en Union Saint-Gilloise trappen het seizoen af in de Eerste Klasse B. Op slag van rust passeert de rechtsbuiten van Union zijn directe tegenstander. Voordat hij gevaarlijk kan worden grijpt Arjan Swinkels resoluut in. Onder luid applaus rost hij de bal het stadion uit. Zo kennen we hem weer. De sfeer zit er dan al goed in bij de supporters, want de nieuwe hoofdsponsor heeft twintig vaten bier beloofd. “Dat zijn 3.600 pintjes”, zo rekent de stadionspeaker ons voor.

Arjan Swinkels was de laatste cultheld van Willem II. Hij speelde 172 officiële wedstrijden voor de Tricolores en scoorde daarin vijftien keer. Prima cijfers voor een verdediger. Met zijn karakertistieke krullenkop en tomeloze inzet groeide Swinkels overal uit tot publiekslieveling.

Zo ook in Antwerpen. In zijn eerste jaar bij Beerschot Wilrijk riepen de supporters hem uit tot Manneke van het Seizoen. Massaal stemden ze op de onverzettelijke Nederlander die de Antwerpse afweer leidde. Swinkels liet de Argentijnse routinier Hernán Losada (ex-sc Heerenveen) ruim achter zich. Trots en dankbaar nam hij de bijbehorende Gouden Schoen in ontvangst.

Swinkels speelde eerder al in België bij Lierse SK, een periode waar hij met gemengde gevoelens aan terugdenkt. Ook in Lier werd hij uitgeroepen tot Speler van het Jaar, maar na het ontslag van trainer Slaviša Stojanovič werd ook de Nederlander aan de kant gezet. Via Roda JC kwam hij in Antwerpen terecht.

Beerschot Wilrijk is een club met ambitie, een grote achterban en een opmerkelijk verhaal. In de jaren negentig zat de eersteklasser regelmatig in financiële problemen. Zo ook in 1997, toen oud-Ajacied Barry Hulshoff trainer was van Beerschot. Walter de Wit maakte destijds deze reportage voor het programma Barend & Van Dorp:

Na het faillissement van Beerschot in 2013 kwam een samenwerking met Wilrijk tot stand. De nieuwe club begon in de Eerste Provinciale en maakte een ongekende opmars door de amateurrangen. Na vier opeenvolgende kampioenschappen – een unicum in België – is Beerschot Wilrijk doorgedrongen tot de profs.

Swinkels maakte alleen het laatste kampioenschap mee. “De laatste jaren hadden we steeds de hoogste begroting. Dat zag je terug op het veld”, zegt hij. “Nu krijgen we te maken met clubs die allemaal financieel gezond zijn. Gevestigde namen als Lierse SK en Cercle Brugge bijvoorbeeld. Dat is andere koek dan Sprimont, Coxyde en Oosterzonen waar we vorig seizoen nog tegen speelden.”

De club moet bovendien een professionaliseringsslag maken. In organisatorisch opzicht, maar zeker ook op sportief gebied. Swinkels: “Bij de profs is het normaal om twee keer per dag te trainen. De tegenstanders zijn veel sterker en fitter dan we gewend waren. De lat moet dus omhoog.”

Swinkels speelt bij Beerschot Wilrijk samen met Mohamed Messoudi die hij nog kent van Willem II. Dit jaar komt hij nog een oude bekende tegen. Bij Roda JC had hij een goede klik met middenvelder Tom Van Hyfte, die deze zomer de overstap naar Antwerpen maakte. De club trok ook een Venezolaanse keeper van bijna twee meter aan en een Congolese aanvaller die afkomstig is van Anderlecht.

Het Kiel
Beerschot Wilrijk speelt in het uit 1920 daterende Olympisch Stadion, in de volksmond het Kiel geheten. Ze worden ook wel de Kielse Ratten genoemd. De club heeft een grote aanhang. Bij elke uitwedstrijd gaan er zo’n duizend mensen mee. Van oorsprong is Beerschot een echte traditieclub. De tweede club van Antwerpen werd vaker landskampioen dan stadgenoot Antwerp FC, maar de laatste titel dateert uit 1939. Na een onderbreking van vier jaar keert het profvoetbal terug op het Kiel. Daarmee nestelt Beerschot Wilrijk zich in de top van de Belgische voetbalpiramide. Op het tweede niveau spelen acht clubs een dubbele competitie. De kampioen promoveert naar de Jupiler Pro League en drie clubs plaatsen zich voor de play-offs.

Arjan Swinkels hoopt met Beerschot Wilrijk bij de eerste vier te eindigen, maar hij is niet onverdeeld enthousiast over de competitieopzet. “Persoonlijk speel ik liever in een hele competitie met zestien of meer clubs. Vorig jaar werd Lierse SK twee keer tweede, maar over het hele seizoen behaalden ze meer punten dan kampioen Antwerp FC. Dat is een beetje krom, maar we hebben ermee te dealen.”

Carnaval
Deze vrijdag staan er twee traditieclubs tegenover elkaar op het Kiel. Het Brusselse Royale Union Saint-Gilloise is nog ouder dan Beerschot en was in de hoogtijdagen veruit de grootste club in de Belgische hoofdstad. Pas na de Tweede Wereldoorlog overvleugelde Anderlecht de stadgenoot. Ruim veertig jaar geleden speelde La Vieille Dame voor het laatst op het hoogste niveau in België. Een snelle terugkeer lijkt ver weg, want Beerschot Wilrijk heeft weinig te duchten van Union. Na een half uur luistert Tom Van Hyfte zijn competitiedebuut op met een prachtige kopgoal. Ook Losada blinkt uit bij de thuisclub.

De Mannekes zijn terug in het profvoetbal en dat willen ze weten ook

Arjan Swinkels fungeert als het slot op de deur. Af en toe kleunt hij er stevig in, maar verder heeft de Nederlander een makkelijke avond. Union wekt geen moment de indruk dat ze het Antwerpse feestje komen verstoren. Beerschot Wilrijk wint simpel met 3-0 en het thuispubliek zingt uitgelaten: “Op het Kiel is ’t carnaval!” De Mannekes zijn terug in het profvoetbal en dat willen ze weten ook.

Arjan Swinkels geniet van het moment. Hij heeft het prima naar zijn zin in Antwerpen. Een terugkeer naar Nederland is wat hem betreft niet aan de orde. “Mijn contract loopt nog een jaar door en voor een speler van 32 jaar leggen ze echt geen afkoopsom op tafel. Laat mij maar lekker bij Beerschot Wilrijk blijven.”

‘Straffer dan Jezus’
Hoewel Beerschot Wilrijk prat gaat op een roemrijk verleden, bestaat er feitelijk geen relatie met het vroegere Beerschot. Precies honderd jaar na de oprichting verdween die club in 1999 van het voetbaltoneel. Het stamnummer 13 kwam te vervallen en na een fusie ging de club verder als Germinal Beerschot. Het faillissement in 2013 leek het definitieve einde van Beerschot te betekenen. Met gevoel voor dramatiek stelt perschef Danny Geerts: “Wij zijn straffer dan Jezus, want wij stonden al twee keer op uit de dood.” De supporters houden de herinnering levend en dragen Beerschot in hun hart. Beerschot Wilrijk speelt nog steeds in het traditionele paars-wit, heeft het Olympisch Stadion als thuisbasis en de aloude beer domineert het logo. De achterban houdt het clubmotto Tene Quod Bene (Latijn voor ‘Behoud het goede’) zorgvuldig in ere.

Tekst: Arjen Pijfers
Foto’s: Jan Mees