Racing Club de Lens en FC Sochaux-Montbéliard zijn gerespecteerde namen in het Franse voetbal. De clubs troffen elkaar sinds 1937 al 47 keer in de hoogste klasse in het Stade Bollaert-Delelis in Lens. De laatste vier jaar ploeteren beide clubs op het tweede niveau van Frankrijk. Afgelopen weekend had de ‘klassieker’ in de Domino’s Ligue 2 een speciaal tintje: de Kop van RC Lens mag weer staan. Tribune Marek, waar de meest fanatieke Lensois huizen, werd zaterdag officieel heropend als staantribune. Redacteur Stijn Slaats was erbij.

De lokale kranten spreken al vóór de wedstrijd van een grote overwinning, van de fans op de autoriteiten. Een einde aan twintig jaar wachten. Het einde van een lange combat (strijd). Na de ramp op een van de noodtribunes van Stade Furiani (SC Bastia) in 1992 gingen de Franse staantribunes op slot. Sinds het voorjaar van 2018 liep er binnen vier stadions een experiment om langzaamaan de staantribunes weer te gedogen. De thuishavens van Amiens SC, AS Saint-Étienne, FC Sochaux-Montbéliard en RC Lens mochten van de Minister van Sport een proefperiode ondergaan om toe te werken naar een retour van de tribunes debout, een terugkeer van de staantribunes.

De fanatieke fans van Racing Club de Lens – de mijnwerkersclub heeft, ondanks de Ligue 2-status, nog steeds het zesde hoogste toeschouwersgemiddelde van Frankrijk – zien de heropening als een grand moment. Al jaren bevolken ze de onderste laag van de lange zijde. Vóór de aftrap kleuren ze de hele tribune in Sang et Or, letterlijk bloed en goud naar de rood-gele clubkleuren. Eindelijk weer een ‘tribune voor het volk’ valt er te lezen op een spandoek.

Record kwijt
Voor beide clubs staat het duel in het teken van aanklampen of afhaken. Racing Club de Lens is het seizoen prima gestart met vier overwinningen, maar moest daarna zijn meerdere erkennen in medekoploper FC Metz. Sochaux komt bij een overwinning in Lens in punten gelijk met de gastheer.

Zowel Lens als Sochaux zijn instituten binnen het Franse voetbal en staan bekend om hun goede jeugdopleiding. Helaas kwamen ze allebei in buitenlandse handen terecht en dat heeft ze geen goed gedaan. Lens begint aan zijn vierde seizoen op het tweede plan, Sochaux bivakkeert daar al een seizoen langer. Een status waar ze bij Sochaux helemaal niet aan gewend zijn. Nog nooit acteerde de club zo lang in Ligue 2.

Na de degradatie in 2014 raakte Sochaux zijn beroemde record kwijt. Ondanks al het geld van Paris, Lyon of Monaco of de historie van Nantes of Olympique de Marseille was het de founding father van de Franse competitie die jarenlang de meeste seizoenen in de hoogste klasse kon overleggen. Nadat eigenaar Peugeot de club overdeed aan de Chinese firma Ledus, vond de club de weg nog niet terug omhoog. Inmiddels is de club in handen van de Baskische Baskonia-Alavés Group die voor meer stabiliteit moet zorgen. Een Spaanse trainersstaf is ingevlogen alsmede een leger huurlingen.

Lens, landskampioen van 1998, heeft de afgelopen seizoenen aan geld mogen ruiken dat uit Azerbeidzjan kwam. Ook dat zorgde voor meer problemen dan dat het licht aan het eind van de mijnwerkerstunnel bracht. De stad Lens heeft door het WK van 1998 en door EURO 2016 wél een echte voetbaltempel om de lokale supporters de ontvangen. Daarnaast beschikt het met een dependance van het Parijse Louvre over een magneet voor kunstliefhebbers. De voormalige mijnregio is door de Unesco ook uitgeroepen tot werelderfgoed. In de stad is de werkloosheid na het sluiten van diezelfde mijnen en de daarmee gepaard gaande verpaupering nog steeds zichtbaar.

Toch, dit seizoen lijkt de mijnwerkerslamp in het embleem van RC Lens weer voorzichtig de flikkeren. Gesteund door ruim 29.000 fans hebben de Sang et Or weinig te duchten van de bezoekers. De 2-0 overwinning helpt ze om de aansluiting met koploper FC Metz te behouden. Voor Sochaux is het te hopen dat het vreemdelingenlegioen snel ingespeeld raakt en mee kan gaan strijden om promotie. Want historisch gezien horen zowel Racing Club de Lens als de Sochaliens thuis in de hoogste divisie.

Stijn Slaats