Met een grote glimlach staat Joop van Maurik achter de toog in zijn kroeg in de Utrechtse volkswijk Tolsteeg, waar de redactie van Staantribune regelmatig vergadert. De cultspits van FC Utrecht speelde vandaag 39 jaar geleden, op 16 april 1978, zijn laatste competitiewedstrijd voor de FC. In De Galgenwaard scoorde hij de enige treffer tegen FC Den Haag. Anno 2016 heeft Van Maurik niet meer de knieën die hij vroeger had, maar hij geniet wel van zijn leven. 

“Zullen we daar effe gaan zitten, jochie? Wat wil je van me weten? Hoe ’t allemaal begonnen is?


Nou, op een gegeven moment speelden we hier in De Galgenwaard, met Velox tegen Holland Sport. Cor van der Hart was daar trainer toen en dat waren me een stel schoppers, jongen. Ik weet het zeker, als er een kist met sinaasappels het veld in werd gegooid, trapten zij er nog tegenaan. Maar in die tijd kon dat allemaal nog. Toen stonden er niet overal camera’s te loeren of je wat deed, dus kon je wel eens iemand een klets op z’n kanus geven. Dat deed ik ook vaak, hoor. Ik weet nog goed, ik speelde toen bij FC Utrecht en op een gegeven moment spuugt zo’n gozer me recht achter m’n oor. God, hoe heet die klojo ook alweer?

Joop van Maurik (uiterst rechts) in zijn jongere jaren, bij FC Utrecht.

Joop van Maurik (uiterst rechts) in zijn jongere jaren, bij FC Utrecht.

Die scheids stond er vlakbij, dus ik zeg: ‘Scheids, moet je eens kijken!’ ‘Dat heb ik niet gezien, Joop’, zegt-ie. ‘Nou’, zeg ik, ‘dan doe ik zo meteen wat, dan moet je ook effe je oogjes dichtknijpen.’ Nou jongen – Theo van Londen was het trouwens, van De Graafschap – ik gaf die Van Londen een knal, zo, recht op z’n muil. Ja, daar ging-ie hè, tussen twee stokjes zo van ’t veld af. Uit én thuis hè!

Maar toen die wedstrijd tegen Holland Sport. Ik vond dat dus prachtig, die schoppers; ik ging daar tegenin. Holland Sport promoveerde dat seizoen naar de eredivisie en Van der Hart wilde mij toen naar Den Haag halen. Ik was een jaar of 22, heb daar drie jaar gespeeld, maar vond het zo’n sleur worden om elke dag op en neer naar Den Haag te rijden. Daar had ik gewoon geen zin meer in.stamtafel_joop_van_maurik

Hennie Hollink haalde me toen naar HVC, uit Amersfoort hier. Die speelden in die tijd nog in de eerste divisie. Maar mentaliteit kenden ze daar gewoon niet, dus na twee jaar wilde ik weg. Niet lang daarna stond Fritz Korbach bij me aan de deur. Hij wilde me het seizoen erop bij Wageningen hebben, maar daar liep Gerdo Hazelhekke nog rond. Hazelhekke zou naar MVV gaan als Willy Brokamp van MVV naar Feyenoord zou gaan. Bij Wageningen was in principe alles getekend, maar die transfer van Brokamp ging niet door en dus ketste alles af. Word ik de dag erop ergens in de ochtend wakker, ligt er een briefje aan de deur. Of ik naar De Galgenwaard wilde komen. Ik had toen ’s middags ook nog een afspraak bij NEC staan, maar ik dacht: al betaalt Utrecht me de helft van wat ik in Nijmegen kan krijgen, dan blijf ik lekker hier. Anders had ik weer elke dag dat teringeind naar Nijmegen kunnen rijden.

‘Hier, dat was ik, uit bij Feyenoord, met m’n snikkel eruit’

Nou, en hier bij FC Utrecht bloeide ik helemaal op, joh. Het was lekker vlakbij m’n werk, waar ik om zeven uur ’s morgens begon. Om twee uur fietste ik dan naar het stadion. Dat was prettig, man. Heerlijk.

Hier, moet je kijken, heb ik gekregen toen ik zestig werd. (Pakt een fotocollage van de muur:) Wat vind je hiervan dan? Dat was ik, uit bij Feyenoord, met m’n snikkel eruit. Haha, tegenwoordig moet je een hele slurf hebben, wil dat ding onder je broekie uitkomen…”

Lees het hele interview met Joop van Maurik in het 0-nummer van Staantribune! Je ontvangt dit nummer in pdf als je abonnee wordt. Het verhaal van de ‘snikkel’ lees je in de nieuwe Staantribune!