(Tikt nummer in op de telefoon. Er wordt opgenomen.)

“Hallo, met Buysschaert.”


Goedemiddag meneer, met Raoul De Groote van het Nederlandse voetbalmagazine Staantribune. Bent u Frank Buysschaert, de voormalige doelman van Kortrijk?
“Ja, ja.”

Mag ik even iets checken bij u? Louis van Gaal, nu trainer van Manchester United, zou zijn vervormde neus te wijten hebben aan een duel in de jaren zeventig. Hij zou in een wedstrijd met Antwerp tegen Kortrijk zijn neus hebben gebroken door een contact met de doelman. Was u die doelman?
Lachend: “Ja, ja, dat was ik! Maar dát is lang geleden hoor, meneer! Ik was pas achttien en kwam net uit mijn legerdienst. Van Gaal stond in de spits en ik mocht in de tweede helft voor de eerste keer als doelman invallen bij het eerste elftal. Het was op zaterdagmiddag in een vriendschappelijk wedstrijd, want Kortrijk speelde toen in de Tweede Klasse en Antwerp in de Eerste. Er kwam een doorsteekpass van achteren en mijn achterhoede dacht dat het buitenspel was, maar de arbiter liet doorspelen. Dus ik bokste de bal weg en ik raakte met mijn elleboog ook de neus van Van Gaal. Een heel zware botsing was het.”

En toen?
“En toen lag Van Gaal daar, vol bloed, want een neus, dat bloedt al gauw veel, hé. Ik zie hem nog liggen, met zijn neus weg. Ze moesten hem met een draagberrie van het veld halen. Maar ik kon er niets aan doen, hé, meneer. Het was een ongeluk, dat zei de arbiter ook, toen hij bij mij kwam. Het was aan de rand van de carré (het strafschopgebied, red.), dus ik durfde die bal niet in mijn handen nemen, ik móest hem weg boksen. Maar doordat ik hoger hing dan Van Gaal ben ik eigenlijk met mijn elleboog op zijn neus terechtgekomen. En hij kwam op volle kracht ingelopen om te koppen…”

Zijn jullie mekaar daarna nog tegengekomen of heeft u nog contact gezocht met hem?
“Neen, hij vertoeft in een andere wereld, hé. Het zijn de prestaties op het veld die tellen en ik ben maar een gewone werkmens.”

Ik was verlamd en comateus, bijna dood.

Hij was ook maar een gewone voetballer.
“Vroeger was dat een gewone speler, maar nu is het wel een wereldtrainer. Nu zou zo’n voorval een heel ‘circus’ ontketenen in de kranten. Toen was dat niet belangrijk. Mijn carrière heeft ook niet zo lang geduurd. Ik had een contract van vijf jaar bij KV Kortrijk, maar na twee seizoenen moest ik stoppen: ik was verlamd en comateus, bijna dood door een bacterie uit paardenmest die in een slecht verzorgde kniewonde terecht was gekomen. Twintig kilo ben ik daardoor afgevallen, maar ik ben er doorheen geraakt. Ik ben nu 61 en sport nog altijd: ik spring touw en ik fiets vijfduizend kilometer per jaar. Maar mijn voetbalcarrière was wel voorbij. Ik had bij KV Kortrijk nochtans de opvolger kunnen worden van Willy Vervaecke, die eerste keeper was.”

Willy Vervaecke zat overigens langs de lijn toe te kijken toen u in botsing kwam met Van Gaal. Hij vertelde mij: “Als we Franky in de kleedkamer vroegen om eens een demonstratie te geven, dan zag je hoe gespierd hij was, hij werkte daaraan.” En op de website van Bill’s Gym uit Kortrijk wordt een Frank Buysschaert genoemd als kampioen. U was ook bodybuilder?
“Ik ben vier keer clubkampioen geworden in Kortrijk. Maar ik trainde mijn spieren op de naturelle manier, zonder dokter zeg maar, haha. Ik was lasser van beroep, dus ik heb zelf een toestel gemaakt om thuis te fitnessen en te trainen met halters. Ik had in mijn tijd als speler ringen om in te hangen en ik zette de platenspeler buiten om met muziek twee uur touwtje te springen. Op mijn zestiende ben ik daarmee begonnen. Ik voetbalde pas vanaf mijn vijftiende, maar op mijn achttiende stond ik dus al in de eerste ploeg van Kortrijk.”

Ze noemen mij ook ‘Lowietje’. En dan roepen ze: ‘Ha, Lowietje, heb je je maat op tv gezien tegen Club Brugge?’

Met een bewogen debuut.
“In mijn eerste wedstrijd met de eerste ploeg en dan zoiets… Ik was daar wel een beetje van aangedaan en geschrokken. Ik heb trouwens een kopie van een foto van Louis van Gaal als speler liggen die ik via Google vond. Hij heeft een rode trui aan waar Bell op staat. Je ziet dat zijn neus helemaal plat is. Vrienden die mij nu op straat tegenkomen, noemen mij ook ‘Lowietje’. En dan roepen ze: ‘Ha, Lowietje, heb je je maat op tv gezien tegen Club Brugge?’ Hij durfde als speler al tegen zijn trainers ingaan en het blijft ook als trainer een speciaal manneke, hé, haha?”

Raoul De Groote
Redacteur Staantribune

Lees meer over het verborgen verleden van Louis van Gaal.