Voor de nieuwe Staantribune, te koop in de webshop, schreef redacteur Raoul de Groote een verhaal over het KV Mechelen van trainer Aad de Mos, dat in 1988 -ten koste van Ajax – de Europa Cup II won. Een voorproefje:

Eén schakel ontbrak in 1986 echter nog om door te stoten naar de top: een trainer met meer visie dan Ernst Künnecke, die zich liet kenmerken door de nadruk die hij legde op fysieke arbeid en krachttrainingen met medicijnballen. Die trainer vond Mechelen in Aad de Mos. Hij kwam in 1986 bij de club op voorspraak van Ger Lagendijk, met wie hij nog bij ADO Den Haag had gevoetbald en die de zaakwaarnemer was van Rutjes, Den Boer en Koeman.

Nog voor hij was aangesteld als trainer – Künnecke moest eerst nog ontslagen worden – reed De Mos al in een auto van Telindus de Belgische wedstrijden af om, met een pet als vermomming, mogelijke nieuwe spelers en zijn toekomstige tegenstanders te scouten. Van elke drie opties die De Mos had doorgegeven aan voorzitter Cordier voor de posities waar hij versterking wilde, wist de voorzitter telkens zijn eerste keuze naar Mechelen te halen. Michel Preud’homme, Clijsters, Rutjes en Koeman zouden de ruggengraat van zijn defensief schier onfeilbare elftal gaan vormen.

In terugblikken wil De Mos ook nog weleens aanhalen hoe het eerste contact met de spelersgroep volgens hem verliep. De besnorde doelman Theo Custers vroeg, nadat ze hadden kennis gemaakt, hoe De Mos de ploeg wilde laten spelen. “In ieder geval zonder jou binnenkort”, had de trainer geantwoord.

De Mos had als eerste doelman namelijk Michel Preud’homme in gedachten. Die zat bij Standard in een beurtrol met Gilbert Bodart en had er wel oren naar om doelman te worden bij een ambitieuze club waar hij een van de belangrijkste spelers kon worden. En dat werd hij ook.

Net als De Mos hield ook Preud’homme hardnekkig vast aan allerlei rituelen en bijgeloven. De ploeg stond – als je alle voorbeelden naast elkaar legt – stijf van het bijgeloof. Zo moest Preud’homme telkens als de spelersgroep klaar was met eten, als eerste de tafel verlaten en één tandenstoker aan De Mos geven en twee aan Ohana. De eerste om te winnen, de andere twee voor de doelpunten.

Lees het hele artikel in Staantribune #18. Hier een voorproefje in elf seconden:

Omdat het precies dertig jaar geleden is dat het Nederlands Elftal Europees kampioen werd, staat Staantribune nummer 18 voor een deel in het teken van het succesvolle EK. Zo gingen we op zoek naar het Utrechtse voetbalverleden van topscorer Marco van Basten, spraken we met Gerald Vanenburg en de ietwat vergeten selectiespeler Wilbert Suvrijn.

Naast artikelen over het EK hebben we ook andere verhalen, zoals een reisverslag over de langste awayday ter wereld: het duel tussen Luch Vladivostok en Baltika Kaliningrad. Ook bezochten we de derby van Huizen en Moss Side, de verloederde wijk waar voorheen stadion Maine Road van Manchester City stond.

Verder onder meer:

  • Een bijzondere foto reportage van dug-outs
  • Top 5 Snorren tijdens het EK 1988
  • Reportage in Gibraltar
  • Het Tibetaanse voetbalelftal
  • Reportage FC Sheriff Tiraspol
  • Columns van Johan Voskamp en Frank Heinen
    en nog veel meer!

Met uniek fotomateriaal van onder meer Marco Magielse en Stuart Roy Clarke en illustraties van Emilio Sansolini.

Je kunt Staantribune #18 bestellen in de webshop! Ook is het magazine verkrijgbaar bij meer dan duizend verkooppunten in Nederland en België.

  

Uitgelichte afbeelding: Rob Bogaerts