In aanloop naar de Panini Ruilbeurs (zondag 15 juli, Café Engelenburgh in Utrecht) plaatsen wij dagelijks odes aan bijzondere Panini-plaatjes. Heb jij ook een favoriet voetbalplaatje? Stuur dan een stukje tekst over het waarom, plus een afbeelding naar: info@staantribune.nl. Het betreffende verzamelalbum maakt niet uit. Vandaag: Teun Meurs over Elroy Kromheer.

“Voor wie ben jij eigenlijk?”

Die vraag wordt je als voetbalminnend persoon je hele leven gesteld. Zowel door mensen die niet van het spelletje houden als door medestanders. Van jongs af aan beantwoord ik die vraag op dezelfde manier: ‘ik ben voor niemand’.

In supporterskringen is dat vloeken in de kerk. Stiekem, hebben ze liever een Feyenoord-supporter dan iemand zonder voorkeur. Support your local is het devies. Kom je uit Breda dan is NAC je club, kom je uit Stadskanaal, dan ga je voor FC Groningen. Ook ik vind dat een goede filosofie, maar helaas is deze niet op mij van toepassing. In mijn vriendenkring ga ik door het leven als ‘de liefhebber’ en dat is geen compliment. Inmiddels heb ik het maar als geuzennaam omarmd.

Toch is dat ‘ik ben voor niemand’ niet helemaal waar. Ook ik heb een aantal clubs gesupport, maar de liefde voor hen is niet gebleven. Tijdens mijn middelbare schooltijd te Eindhoven, koos ik ietwat recalcitrant voor de blauw-witte club aan de Aalsterweg en niet voor de rood-witten aan de Frederiklaan. Ik schafte zelfs een seizoenskaart aan voor 25 (met jongerenkorting) en later 50 gulden. Eenmaal vierde ik een periodekampioenschap en andermaal toog ik in een brakke bus naar Den Haag voor de nacompetitie. Aldaar kwam ik er achter dat de lokale supporters het echt meenden, terwijl ik het toch vooral wel ‘geinig’ vond om voor EVV Eindhoven te zijn. Het gevolg was een intimiderende middag in Den Haag.

Maar mijn eerste ‘liefde’ was niet rood-wit of blauw. Hij was oranje. Dit jongetje van 10 jaar uit Veldhoven, was voor FC Volendam. Ongetwijfeld speelden de gebroeders Mühren hierbij een rol. Arnold was de man van de assist bij de ‘wat een goal, wat een goal!’ uit de EK-finale. En broer Gerrie kwam geregeld voorbij tijdens de VHS band over Johan Cruijff die mijn broertje en ik destijds verslonden. Ook vertelde mijn vader dat hij ooit een balletje hoog hield in een Europa Cup-wedstrijd tegen Real Madrid.

Met Sinterklaas kreeg ik deze surprise…

een seizoenskaart van ‘Het kleine Oranje’

Dus toen ik in 1991 wekelijks naar het postkantoor ging voor een zakje Panini-plaatjes had ik andere behoeften dan mijn klasgenootjes. Waar zij hoopten op Romario de Souza Faria, wachtte ik op Elroy Kromheer. En dat was een frustrerend iets, want terwijl ik met de vele René Binkens inmiddels een heel elftal kon formeren, bleef het vakje Kromheer leeg. De latere verdediger van Reading en Motherwell kostte mij als basisscholier destijds een godsvermogen. Toen hij uiteindelijk in de lente verscheen, was ik als een kind zo blij.

Ik was rond, mijn favoriete club was compleet.

Krap dertig jaar later herhaalde deze geschiedenis zich in Amsterdam. Mijn club zocht een trainer voor het tweede elftal, maar dat wilde niet zo lukken. Totdat de hoofdtrainer een gesprek voerde met een ex-prof uit Volendam. Elroy Kromheer had wel oren naar een trainerspost en hij zou de sfeer komen proeven tijdens een woensdagtraining. De hoofdtrainer vroeg mij om hem op te vangen en welkom te heten.

En dus wachtte ik in 2018 wederom op Elroy Kromheer. En toen hij uiteindelijk verscheen, bekroop mij mij dezelfde Panini-opwinding als destijds.

Ik was rond, de staf van mijn favoriete club was compleet.

Heb jij ook een favoriet Panini-plaatje? Stuur dan een stukje tekst over het waarom, plus een afbeelding naar: info@staantribune.nl. Het betreffende verzamelalbum maakt niet uit.

Panini Ruilbeurs
Datum: zondag 15 juli
Tijd: 14.00 uur tot 16.00 uur. Na de Ruilbeurs is de boekpresentatie van Pot 6 – Op bezoek bij de voetbaldwergen van Europa en daarna kun je de WK-finale kijken.
Locatie: Café Engelenburgh van oud-voetballer Joop van Maurik (onder meer Holland Sport, FC Utrecht), Aquamarijnlaan 15-a, Utrecht.
Toegang: gratis, net als de bitterballen!

Neem je dubbele plaatjes en verzamelalbums mee!