Ooit, bijna twintig jaar geleden, bezat Ajax een lichting jeugdspelers die de toch al niet geringe resultaten van voorgangers als Marco van Basten en Patrick Kluivert overtrof. ‘De Gouden Generatie’ werd het A1-elftal genoemd dat in het seizoen 1997-1998 ongeslagen kampioen werd.

Slechts één keer moest puntenverlies worden toegestaan, namelijk in het laatste duel met Feyenoord: 1-1. De meest bekende Ajax-spelers van destijds? Pascal Heije, Brutil Hosé, Mitchell Piqué, Kevin Bobson, Serge van den Ban, Alpha Turay en Andy van der Meijde.

Ajax had juweeltjes in handen, zo stelden kenners en clubvolgers. Het was een kwestie van tijd of De Gouden Generatie zou haar stempel drukken op Ajax 1, waar op dat moment de Deen Morten Olsen aan het roer stond. “Het is nooit zover gekomen”, zegt Pascal Heije, voormalig prof en aanvoerder van het succesteam. “Een mix van factoren zorgde ervoor dat we niet doordrongen tot het eerste.”

Veel contractspelers
De begeleiding van jeugdspelers was nog niet optimaal. Als een talentvolle Ajacied eens mocht meetrainen met de hoofdmacht, was dat al heel wat. “En verder had Ajax ongelofelijk veel contractspelers in die tijd”, reconstrueert Heije, die als middenvelder voor onder meer Willem II en NEC zou uitkomen. “Ze kwamen vanuit alle windstreken en het waren dure jongens. We kwamen er daardoor niet aan te pas, hoe succesvol we met de A1 ook waren geweest. Aam het talent lag het niet, echt niet. Maar uiteindelijk heeft alleen Van der Meijde het tot de internationale top geschopt.”

De grote talenten van De Gouden Generatie, hun eindstation was vaak een gemiddelde eredivisieclub. Niks mis mee, maar vraagtekens heeft hun weg door het betaalde voetbal wel vaak opgeroepen. Het literaire tijdschrift Hard Gras bijvoorbeeld besteedde er aandacht aan met een mooi en openhartig verhaal. De insteek: waar is het fout gegaan?

Want zo gaat dat dan in de journalistiek, wanneer verwachtingen en realiteit hevig contrast opleveren. Er wordt naarstig gezocht naar oorzaken van de discrepantie. “Wijzelf beleven het helemaal niet zo dramatisch”, zegt Pascal Heije. “We kijken vooral terug op een onvoorstelbaar mooie tijd met elkaar, als jeugdteam.”

Vrachtwagenchauffeur
De Gouden Generatie lachte veel, kende elkaar door en door en is anno 2017 tevreden met wat de leden van het team hebben bereikt. Het grote vuurwerk mag dan zijn uitgebleven, Heije stelt dat niemand van zijn makkers de behoefte heeft om daar verbitterd over te zijn.

“Je kunt op allerlei manieren gelukkig worden. Een basisplaats bij Ajax is daarvoor niet noodzakelijk. We hebben allemaal het betaalde voetbal bereikt en hebben daarna ook onze weg gevonden. De een is accountant, de ander is nu vrachtwagenchauffeur. Ikzelf loop stage bij Almere City en ben daarnaast trainer op de voetbalacademy van Nordin Wooter. We spreken elkaar altijd nog om gezellig bij te praten. Ik geniet daarvan, we eten dan gezellig en halen mooie herinneringen op. We gaan nu ook met De Gouden Generatie weer het veld op om samen plezier te beleven. Dat wordt weer lachen, gieren en brullen.”

De Golden Boys
Onder de naam De Golden Boys zullen de talenten van weleer vriendschappelijke duels gaan afwerken. Dit in samenwerking met de Fun Foundation, die geld inzamelt voor Gambia. Heije: “Het is altijd een droom van me geweest om weer samen te voetballen. Dat het voor het goede doel is, maakt het alleen nog maar mooier. We zijn niet officieel aan Ajax verbonden, al spelen we wel in Ajax-shirts. Maar we zijn dus geen Lucky Ajax, om verwarring te voorkomen.”

Onlangs speelden De Golden Boys hun eerste wedstrijd, uit tegen het derde elftal van de gerenommeerde Rotterdamse amateurclub Leonidas. Een tegenstander dat oud-profs als Roël Liefden en Winston Bakboord in de gelederen heeft. Eindstand op het Erasmuspad: 2-4 voor De Golden Boys. Heije, even lachend als trots: “Het smaakt naar meer, we kunnen nog wel wat.”

Ajax A1, 1997-1998, spelers bovenste rij van links naar rechts: Sander Keller, Jack Tol, Quido Lanzaat, Alpha Turay, Jeroen Verhoeven, Michael van der Kruis, Andy van der Meijde, Brutil Hosé en Michael Lamey.

Onderste rij van links naar rechts: Mitchell Piqué, Marc Stuut, Symen Tol, Pascal Heije, Serge van den Ban, Jerryl Tjon-En-Fa, Darl Douglas, Bobby Gehring en Kevin Bobson.

Gerrit-Jan van Heemst
Staantribune-redacteur