Regelmatig duikt huisfotograaf Marco Magielse in zijn archieven en komt hij boven met een mooie fotoreportage. Voor Staantribune #10 bezocht hij samen met redacteur Raoul de Groote KSC Maccabi, de joodse club van Antwerpen. De club komt uit in de Antwerpse vierde Provinciale B, de laagste afdeling van het Belgisch voetbal.

Met stamnummer 201 is Maccabi een van de oudste nog bestaande voetbalploegen van de provincie Antwerpen. “Het blijft schandalig dat er (tot voor kort, red.) geen ploeg in de eerste klasse is voor een stad als Antwerpen”, zegt Jean-Jacques ‘Jojo’ Schreiber, de penningmeester van de club. “In 1975 ging ik met mijn vader kijken op Antwerp toen ze tegen RWDM speelden: 40.000 man zat er. Dat was een droom voor mij. Maar nu kan ik dat stadion niet meer aanzien.”

De accommodatie van Maccabi ligt er netjes bij, wat de charme van de hier en daar afgebladderde verflaag op de oude tribune alleen maar groter maakt. “Maar we kunnen ze zelfs niet meer verzekeren”, zegt Schreiber. “Geen enkele verzekeringsmaatschappij wil er zich aan wagen omdat de tribune nog van hout is.”

Diamant
“Vaak wordt gedacht dat joden, die in Antwerpen in de diamantsector werken, rijk zijn!” vult Schreiber aan. “Maar de waarheid is dat er bij onze eerste ploeg weinig supporters komen kijken: vijftien of twintig mensen van onze eigen aanhang is veel. Dus een grote recette kunnen we niet ophalen.”

“Het is vaak ook een kwestie van kwaliteit en financiële middelen: als ze te goed zijn voor vierde provinciale gaan ze elders naartoe. En vierde provinciale, dat heeft geen uitstraling om in te investeren vanuit de diamantsector”, zegt Marcel van Hees. Van Hees was in zijn jonge jaren keeper bij Excelsior Sint-Niklaas, Standaard en Racing Lokeren en als manusje-van-alles van Maccabi traint hij daarom op 82-jarige leeftijd ook nog graag de doelmannen.

Sam Lavan is een van de twee of drie Joodse spelers die normaal in het eerste elftal staan en de meest recente Maccabispeler die het tot nog toe het verste schopte in zijn carrière: geboren in Jeruzalem, beginnen te voetballen bij Maccabi Antwerpen en er nu na omzwervingen bij Beerschot, Lierse, Beitar Jeruzalem (“drie jaar in de eerste ploeg gespeeld”), Deinze, Roeselare, Antwerp en Berchem teruggekeerd. Het hoogtepunt kende hij bij Roeselare, waarmee hij nog net de promotie naar de Eerste Klasse mee kon maken.

Ook hij werkt in de Antwerpse juwelierswereld. “Joden werken minder en minder in de diamantsector, zeker de jongere generatie niet. Ze voetballen tot hun vijftiende of zestiende jaar en dan investeren ze hun tijd in andere dingen: de computer, Facebook, vrouwen, uitgaan… De economie heeft het in de hele wereld moeilijker, niemand vraagt dan nog om luxe. Dus worden er minder diamanten verkocht. Mensen sparen liever of ze kopen een iPhone. Zelfs de vrouwen hebben liever een nieuwe iPhone dan een diamant in hun ring. Ik snap niet waarom”, grijnst Lavan in de kantine.

Lees de hele reportage in Staantribune #10, na te bestellen in de webshop