Nu Engeland vanmiddag aantreedt voor een plek in de halve finale van het WK, galmt Football’s Coming Home van Skinner, Baddiel en The Lightning Seeds weer door de woonkamer van menig voetballiefhebber. In onze EK-special van twee jaar geleden (nog altijd te koop in de Staantribune Webshop) schreven we al eens over de song.

Engeland en het Europees Kampioenschap is geen gelukkige combinatie. Slechts drie keer kwam het land voorbij de groepsfase en maar liefst zes keer waren de Engelsen helemaal niet aanwezig. Het boek Engelse EK-successen is een van de dunste voetbalboekjes ter wereld. Eigenlijk waren ze maar één keer succesvol, in 1996 in eigen land. Het was de tijd van Cool Brittania, voetbal kwam weer thuis, de Engelse vlag was niet meer alleen voor racisten en het land was in de ban van Gazza, Shearer en ‘El Tel’ (bijnaam bondscoach Terry Venables). Het toernooi winnen lukte niet, maar Engeland hield weer van de Three Lions. Engeland-fan Phil Scanlon was erbij, bezocht alle wedstrijden van Engeland op Wembley en zag het Engelse voetbal in een paar weken tijd voor altijd veranderen.

Wie aan het EK in 1996 denkt, ziet een volgepakt Wembley voor zich, denkt aan de lob van Karel Poborsky, de rood-wit geblokte shirts van Kroatië, Seedorf die een penalty mist, Oliver Bierhoff die een golden goal maakt en hoort Football’s Coming Home van Baddiel, Skinner en The Lightning Seeds. Elf jaar eerder had een Engelse voetbalcommentator nog geroepen dat het tijd was om voetbal te laten sterven, omdat er geen redden meer aan was. Voetbal was een paria, een gezwel dat uit de maatschappij moest worden gesneden. Premier Margaret Thatcher noemde voetbalsupporters ‘the enemy within’ en wilde de sport kapotmaken. Elf jaar later werd het vervelende jongetje weer in de armen gesloten, dankzij Euro 1996. Voetbal had al beterschap getoond, maar nu was het proefverlof definitief afgesloten.

Tranen van Gazza

Het moment waarop het Engelse voetbal voor het eerst schichtig uit het verdomhoekje stapt, is exact aan te wijzen: Turijn, 4 juli 1990. Engeland heeft tot dan toe een vrij matig WK gespeeld en komt met veel mazzel in de halve finale terecht. Maar die wedstrijd tegen de Duitsers heeft alles. De Engelsen vechten als leeuwen en slepen er een verlenging uit. In die extra tijd krijgt Paul Gascoigne, een van de absolute smaakmakers dat toernooi, een gele kaart. Dat betekent dat hij een eventuele finale kan vergeten. Hij barst in tranen uit en heel Engeland voelt met hem mee. Gazza’s Tears. Een sleutelmoment in het Engelse voetbal. Mensen die weinig met voetbal hebben, zien ineens de menselijke kant van het spelletje. Het blijft 1-1 en uiteraard verliest Engeland na strafschoppen van de Duitsers, maar voetbal is ineens weer hip. Overal gaat het over de tranen van Gascoigne. Maar liefst 300.000 mensen staan op Luton Airport om het team op te wachten voor een heldenonthaal. Voetbalsupporter zijn mag weer, zonder dat je met de nek wordt aangekeken.

Twee jaar later volgen nog belangrijkere stappen in de wederopstanding van het voetbal. Niet op voetbaltechnisch vlak, want Engeland presteert dramatisch op het EK in Zweden, maar naast het veld. De UEFA wijst het EK van 1996 toe aan Engeland en daarmee is het land echt gerehabiliteerd. De Premier League wordt opgericht, waarmee de topclubs zich afscheiden van de rest van het profvoetbal. Rupert Murdoch ziet de impact van de tranen van Gazza en heeft het gevoel dat er flink geld verdiend kan worden. Zijn zender Sky Sports gaat wedstrijden uitzenden en zowel hij als de clubs worden er schatrijk van, iets wat tot dan toe alleen in Italië gebeurde. En er is de publicatie van Fever Pitch. Literatuur over voetbal, dat was ongekend. Nick Hornby maakt met zijn roman over het supporteren van Arsenal voetbal in een klap salonfähig bij de middle en upper class. De gewone supporter heeft overigens weinig met het boek, waarin een intellectueel klaagt dat hij het zo zwaar heeft als supporter van Arsenal. Phil Scanlon is ook niet onder de indruk: “Ik heb Fever Pitch pas later gelezen. In 1992 had ik er nog helemaal niet van gehoord. Dat boek leefde niet onder de gewone supporters. Voor ons waren fanzines veel belangrijker.”

Fantasy Football League

De Premier League wordt een enorm succes. Daarop voortbordurend, begint de BBC in 1994 met het programma Fantasy Football League van David Baddiel en Frank Skinner. Het sterke aan het programma is dat de gewone supporter zich goed kan identificeren met de presentatoren. Baddiel en Skinner zijn twee gewone supporters die over voetbal praten. De studio is ingericht als een studentenflat en er komen interessante gasten langs. Niet de standaard ex-voetballers, maar mensen uit de muziek- en literatuurwereld. Nick Hornby uiteraard, maar ook Damon Albarn van Blur en tal van andere Britpop-iconen. Voetbal en cultuur komen samen, het spel wordt allemaal niet zo serieus genomen en alles straalt een relaxte sfeer uit. Die combinatie wordt een enorme hit. Fantasy Football League zorgt ervoor dat voetbal een nog positievere uitstraling krijgt bij het gewone publiek. Het is het vriendelijke gezicht van het voetbal. Dit zijn geen doorgesnoven hooligans, maar twee gewone jongens die van voetbal houden en naar de stadions gaan om plezier te hebben, een pint in de pub te drinken en wat over voetbal te lullen. Geen mafkezen die alleen uit zijn op vechten.

De toewijzing van het EK en het geld van Sky zorgen er midden jaren negentig voor dat de wegrottende Engelse stadions worden omgebouwd tot voetbaltempels. Engeland zit in een flow. Waar het in de jaren zeventig en tachtig een donker, naargeestig land was, slaat in de jaren negentig de stemming helemaal om. Economisch gaat het geweldig. Britpop verovert de wereld met bands als Oasis en Blur. De term Cool Brittania doet haar intrede en iedereen kijkt uit naar de verkiezingen van 1997, want die zullen Tony Blair en het hippe New Labour op hun sloffen gaan winnen. Als Engelsman hoef je je niet meer te schamen voor je land en in 1996 kan England aan de wereld la ten zien hoe tof het wel niet is. Zelfs de Engelse vlag verschijnt in het straatbeeld, lange tijd een symbool van extreemrechts. Het valt Scanlon ook op: “Als je foto’s van 1966 ziet, zijn er over al Union Flags. Toen ik met een groep vrienden in 1985 naar Schotland – Engeland ging, was er een discussie met enkele Schotten. Zij zwaaiden met de Schotse vlag naar ons, terwijl wij de Union Flag hadden. Daarop kregen wij de vraag waarom wij geen Engelse vlag bij ons hadden. Ik herinner mij nog dat mijn vriend zei dat die nergens te krijgen waren. Ze waren inderdaad nergens te koop. Pas in de jaren negentig begon die vlag langzaam te verschijnen en in 1996 had de Engelse vlag de Britse vlag vervangen bij wedstrijden van het nationale elftal.”

Dentist Chair Celebration

De FA zorgt er samen met de politie voor dat de hooligans het feest niet kunnen verstoren, door ze preventief aan te pakken. Het enige dat nog nodig is, is een goed presterend elftal. De pers is ervan overtuigd dat Engeland gaat winnen. Scanlon: “Tot voor een paar jaar geleden werd altijd in de pers gezegd dat wij het aankomende toernooi gingen winnen. Zeker in 1996 leken alle media daar wel van overtuigd. De redenen volgens hen? Het EK was in eigen huis, het was precies dertig jaar na de WK-titel en wie kon ons verslaan op Wembley? Bij mij en mijn vrienden was er veel minder hoop. Engeland had slecht gepresteerd in de vriendschappelijke wedstrijden. In de eerste wedstrijd tegen Zwitserland leken wij gelijk te krijgen.”

Engeland speelt matig in die openingswedstrijd. Het wordt 1-1. Er ontstaat flinke kritiek op het elftal van Terry Venables en met name op Paul Gascoigne. Volgens The Daily Mirror is hij te dik en ongeschikt voor het elftal. De krant roept hem op de eer aan zichzelf te houden en naar huis te gaan. Gelukkig voor Engeland luistert Gazza niet naar het rioolblaadje. Tegen de ‘Auld Enemy’ Schotland speelt de middenvelder grandioos. Alan Shearer opent de score, waarna Gazza op magistrale wijze de 2-0 maakt. Het doelpunt van Gascoigne is voor de Engelsen wat voor Nederlanders het doelpunt van Bergkamp tegen de Argentijnen is. Totale perfectie. Gascoigne krijgt de bal aangespeeld, wipt hem over Colin Henry heen en schiet hem in de hoek langs doelman Andy Goram. Gazza weet van vreugde niet waar hij het zoeken moet, gaat op zijn rug liggen met zijn hoofd omhoog, terwijl Shearer en Sheringham een bidon leegspuiten in zijn mond. Een van de kranten noemt het juichen de volgende dag de “Dentist Chair Celebration”.

Scanlon: “De wedstrijd tegen de Schotten was heel vreemd, want eigenlijk waren wij helemaal niet zoveel sterker. In de eerste helft was Schotland de bovenliggende partij. Na rust scoorde Shearer, maar de Schotten bleven komen. Zij kregen een strafschop, maar Seaman stopte die. Uri Geller claimde later dat hij vanuit zijn helikopter de bal had laten bewegen. In de tegenstoot scoorde Gascoigne. Na de wedstrijd stond Wembley op z’n kop. Ik had dat nog nooit zo gezien. Het was ook de eerste keer dat Football’s Coming Home massaal werd meegezongen. Een groot feest.” In één klap krijgt Engeland last van enorme voetbalkoorts. Football’s Coming Home staat bovenaan de hitlijsten. Het nummer van Baddiel en Skinner, in samenwerking met Britpopband The Lightning Seeds, wordt hét EK-lied en is nog steeds de Engelse variant op Wij houden van Oranje. Mensen die nooit naar voetbal kijken, zitten ineens voor de televisie en hebben een mening over Gazza, Shearer en Sheringham.

Engeland – Nederland

De laatste groepswedstrijd van Engeland lijkt nergens meer om te gaan. Zowel Nederland als Engeland hebben vier punten uit twee wedstrijden en een doelsaldo van +2. Het gaat alleen nog om wie er eerste en tweede wordt. Rondom Oranje is weer volop gedoe nadat Edgar Davids heeft gezegd dat Guus Hiddink zijn hoofd niet in de achterwerken van Danny Blind en Frank de Boer moet stoppen. Nederland wordt afgeslacht. Zowel Shearer als Sheringham maakt twee doelpunten en alleen dankzij de late 4-1 van Kluivert gaat Nederland door naar de kwartfinale. De Engelse pers wordt hysterisch en bombardeert de ploeg van El Tel ineens tot de topfavoriet. Scanlon, die tot dan toe vrij terughoudend is geweest, gaat mee in de euforie. “De wedstrijd tegen Nederland is een van de beste die ik ooit heb gezien. Die tien minuten in de tweede helft waarin wij drie keer scoorden, zijn waarschijnlijk de beste tien minuten van Engeland ooit. Wat ik mij herinner is dat er een man in een oranje berenpak zat te klagen over dat wij stonden. Na de 4-0 zat hij naar de grond te staren met het berenhoofd in zijn hand. Het hele stadion juichte toen Kluivert de 4-1 maakte. De Nederlanders keken daar raar van op, maar wij wisten dat daardoor de Schotten eruit lagen.”

In de kwartfinale wacht Spanje. Een goed team op papier, maar nog niet de Furia Roja van deze eeuw. De kranten gaan voor de wedstrijd helemaal los. Vooral The Daily Mirror stookt de boel lekker op. Zo is er een artikel over de tien dingen die Europa aan Spanje te danken heeft. Dat is een weinig positief stuk. Syfilis, de Spaanse griep, de Inquisitie en Franco staan op die lijst. Laat smakeloosheid maar aan de tabloids over. De wedstrijd is niet veel. Het blijft 0-0. Engeland heeft nog altijd een penaltytrauma vanwege het WK in Italië, maar Seaman keept dat weg. Engeland door naar de halve finale. Tegen de Duitsers nog wel. Scanlon: “Ik herinner mij weinig meer van deze wedstrijd. Het ging gelijk op. Die gestopte strafschop staat nog wel op mijn netvlies. Wat ik mij ook nog herinner is dat de dagen voor en na deze wedstrijd overal Football’s Coming Home te horen was. Ik werd er gek van.”

Achtung! Surrender!

Tegenstander in de halve finale is Duitsland. Schotland mag dan wel de ‘Auld Enemy’ zijn, de Duitsers zijn het echte werk. “Schotland is natuurlijk een grote rivaal van ons, maar Duitsland is anders. Dat zien wij echt als de aartsvijand. Het meest vreemde was dat er weinig werd gezongen in de pubs, de metro en op weg naar het stadion. De spanning droop van mensen af. Het moest gebeuren. Hier, deze avond op Wembley.” De tabloids gaan helemaal los op de dag van de wedstrijd. Favoriet onderwerp is natuurlijk de Tweede Wereldoorlog. The Daily Mirror knalt Stuart Pearce en Paul Gascoigne op de voorpagina op de wedstrijddag. Beiden hebben soldatenhelmen op. In chocoladeletters staat er “Achtung!” en “Surrender!”, gevolgd door: “For you Fritz, ze Euro 96 Championship is over”. In Engeland wordt deze wedstrijd als de echte finale gezien. De Tsjechen, op dat moment het enige team dat al in de finale staat, zijn al afgeschreven. Winnen van de Duitsers en de titel is binnen. Dertig jaar valse hoop en teleurstelling verdwijnen in één klap.

Engeland is officieel de uitploeg op Wembley en speelt in fletse, grijze shirts. Keeper David Seaman is de uitzondering in een rood clownspak. Op de tribunes zijn overal Engelse vlaggen te zien en het Football’s Coming Home galmt door het stadion. Alan Shearer maakt al na drie minuten de 1-0 en het lijkt eindelijk een keer te gaan lukken. De Engelsen spelen geweldig, zelfs na de gelijkmaker van Stefan Kuntz. Scanlon: “Door dat vlugge doelpunt van Shearer stond het stadion al snel op z’n kop. Engeland speelde goed en het was eigenlijk wachten op het tweede doelpunt. Duitsland hield vooral tegen. Het was zo’n gek gevoel dat je bijna zeker weet dat je team nog een keer gaat scoren.”

Maar ondanks een paar enorme kansen, scoort Engeland niet. Het wordt verlengen en uiteindelijk volgen strafschoppen. Alle vijf vaste strafschopnemers scoren, maar dan mist Gareth Southgate. Andreas Möller scoort wel en ineens is het over voor de Engelsen. Scanlon: “De strafschoppen werden aan de overkant genomen van waar ik zat. Met iedere penalty die Engeland scoorde, nam het vertrouwen toe. En ineens ‘bam’, alsof een ballon kapot knalde. Over en uit. Een seconde eerder voel je je nog geweldig en daarna is alles weg. Alsof je verdoofd bent. Deze strafschoppenreeks deed mij het meeste pijn. Meer nog dan die uit 1990 of die van twee jaar later tegen Argentinië. Toen was er zo weinig hoop, dat veel Engelsen voordat de strafschoppen werden genomen het stadion verlieten. Maar in 1996 hadden we moeten winnen. Alles klopte, we waren beter op het veld, hadden al een strafschoppenreeks genomen en toch wonnen de Duitsers weer. Terwijl ik het stadion uitliep, werd Football’s Coming Home weer gedraaid. Yeah right, het voetbal kwam thuis om mij flink in mijn ballen te trappen.”

De thirty years of hurt zijn er alweer vijftig geworden, maar toch gaf Euro 1996 voetbal het laatste zetje naar totale acceptatie. Zelfs de Engelse vlag mocht weer en is vandaag de dag overal te zien waar de Engelsen naartoe gaan. Football came home, maar het was voor sommige mensen ook een afsluiter. Voor Scanlon bijvoorbeeld: “Ik had ook een kaartje voor de finale, maar ik ben niet gegaan. Ik was er kapot van. Vergis je niet, het was een geweldige zomer. Zoiets ga ik nooit meer meemaken. Een eindtoernooi in Engeland en ik had kaartjes voor alle wedstrijden. Uniek. Euro 1996 was het einde van een hoofdstuk en het begin van een nieuw voor het Engels voetbal. Het nationale elftal werd zó populair dat het veel moeilijker werd om aan kaarten te komen. Je moest je aansluiten bij de Engelse supportersvereniging en het ging voortaan om loyalty points. Ik ging altijd met een groepje van acht vrienden, maar dat kon niet meer. De FA wilde ook je reisschema weten, zodat je geen tussenstop meer kon maken in bijvoorbeeld Amsterdam om daar flink te gaan drinken. Uiteindelijk ben ik langzaamaan afgehaakt bij het Engels elftal, net zoals mijn vrienden. Maar die zomer van 1996 pakt niemand mij af.”

Je las een artikel uit Staantribune #6, nog altijd te koop in de Staantribune Webshop!