Toen ik jaar of tien was, kreeg ik mijn eerste seizoenkaart. Dertig gulden kostte die kartonnen kaart. Pasfoto erop en er heel zuinig op zijn. De kaart werd na elke wedstrijd, met een knipgaatje extra, veilig opgeborgen in de kast. Go Ahead Eagles speelde in die tijd in een rood shirt, met een flinke gele baan horizontaal in het midden. Met koeienletters stond er FAM op, het merk van een ambitieuze stofzuigerboer uit die tijd. Verder een kraagje en V’tjes op de mouwen, zodat iedereen kon zien dat Hummel het kledingmerk was. Ik was er in die tijd niet echt bezig mee of een shirt mooi was of niet. Zoiets begint pas op latere leeftijd te leven. Het was gewoon het shirt van mijn favoriete club.

En dan ben je opeens te laat. In die late jaren tachtig, begin jaren negentig, was er amper verkoop van voetbalshirts. Voor zover ik me herinner, heeft dit shirt nooit in de plaatselijke sportwinkels gelegen. De clubshop van Go Ahead Eagles was destijds zo klein dat je er niet shirtjes uit kon hangen, dus daar hadden ze hem ook niet. Waarschijnlijk zijn er van de shirts dat seizoen misschien vijftig gemaakt. Een aantal met lange mouwen en een aantal met korte. Voor de selectie en een aantal voor de zekerheid als er eentje zou sneuvelen na een heftig duel tegen de houthakkers van bijvoorbeeld NAC of Heerenveen.FAM-shirt
Bij de laatste wedstrijd van het seizoen gooiden de spelers vaak hun shirts in het publiek. Dan moest je van goeden huize komen als je een shirt wilde bemachtigen. Meestal gingen de sterksten er mee aan de haal door de kleineren simpelweg aan de kant te drukken. Of spelers hadden het shirt al toegezegd aan vrienden of kennissen. Dan kon je door het hek heen schreeuwen tot je een ons woog, maar dat hielp niks. Jaren later zag je dan opeens iemand in zo’n shirt lopen dat jij graag wilde. Geld om meteen toe te slaan en op het shirt te bieden, had ik toen niet.

soccerfanshop.nl

Daarna kwamen Marktplaats en eBay. Elke week even zoeken op Go Ahead Eagles of het shirt nog de revue passeerde. Uiteraard kwamen er regelmatig shirts voorbij, behalve die ene rode, met gele balk. Intussen groeide mijn collectie uit naar een stuk of dertig shirts. Allemaal op een kledingrek uitgestald aan hangertjes in de hobbykamer, van oud tot nieuw.

En toen, ongeveer vijfentwintig jaar nadat Go Ahead Eagles schitterde in dat mooie shirt, zat ik naast iemand in de auto op de terugweg na weer een verloren uitwedstrijd. In de auto ging het over voetbalshirts, een mooi onderwerp, waar je uren mee kunt vullen. Bleek hij hét shirt gewoon te hebben. Iemand die ik al jaren kende. “Die kom ik dan morgen wel even halen”, blufte ik. Een dag later stond ik voor zijn deur en een uur later fietste ik weer naar huis met het shirt in de binnenzak van de jas. Mijn avond kon niet meer stuk. Thuis pakte ik meteen een hanger en hing het muf ruikende shirt zonder te wassen bij de andere shirts. Vooraan, want het was het oudste shirt van het stel.

Na een verhuizing was er geen plek meer voor het kledingrek. Het is inmiddels ook niet meer mijn oudste shirt van mijn Go Ahead Eagles-collectie, maar wel de meest bijzondere. Het prachtige rode shirt, met gele balk, ligt nu netjes in een bak gepropt bij alle andere shirts.

Krantenartikel boven: ‘De Stem’, 14 mei 1990