Tijdens zijn voetbalcarrière merkte Tim de Cler (35) dat hij tot een uitstervend ras behoort. Sentimenten zijn voor de voormalige vleugelverdediger van Ajax, AZ, Feyenoord en het Nederlands elftal altijd leidend geweest. Om een oude afspraak met vrienden na te komen, beëindigde de Leidenaar zelfs abrupt zijn profloopbaan en ging hij in de anonimiteit van de vierde klasse voetballen. Zijn beeld van het amateurvoetbal bleek iets te geromantiseerd.

timdecler04_staantribune

Voor iemand die in de schitterendste stadions van Europa heeft gespeeld, kan De Cler opvallend opgewonden raken van het verouderde sportpark van Lugdunum. De afgebladderde grandeur van weleer voelt voor hem als zijn eigen Theatre of Dreams. Het vervult hem met trots dat hij is teruggekeerd bij de vereniging waar hij heeft leren voetballen. De club van zijn hart terugbrengen naar de derde klasse is dit seizoen zijn missie.

Goedbeschouwd is hij nooit weggeweest bij zijn eerste club. Als profvoetballer was hij er vrijwel elk weekend langs de lijn te vinden. Het is gewoon een familieclub’’, klinkt het liefdevol. Hij wijst naar de fraaie houten tribune. “Ooit was Lugdunum een begrip in Leiden. Dat is minder geworden. Maar alle mensen die hier rondlopen, ken ik nog van vroeger. De band is altijd gebleven. Nu ben ik eindelijk terug.’’

timdecler02_staantribuneAls profvoetballer heeft hij altijd een heimelijk verlangen gehad naar de ongedwongen amateurvoetbalwereld. “Ik heb het nooit meegemaakt’’, verklaart hij. “Van mijn broer en mijn vrienden heb ik altijd de verhalen gehoord. Het is een heel andere beleving, een heel andere cultuur. Dat wilde ik een keer zelf ervaren.’’

De afspraak ooit met zijn vrienden in één team te gaan voetballen, leek de status van mooi plan nooit te ontstijgen. Tot De Cler vorig jaar een resoluut besluit nam. Fysiek mocht hij het profvoetbal dan nog prima aankunnen, afbouwen in de Jupiler League of het topamateurvoetbal zag hij niet zitten. Het moest er toch een keer van komen. Hij schreef zich met zijn broer Henk, de trainer, en zijn vriendengroep in bij Leidsche Boys. Een obscure vierdeklasser die door een oud-trainer eens werd omschreven als een café met een voetbalveld.

Zo kon het gebeuren dat de man die op het WK 2006 met Oranje tegen Argentinië speelde, op een regenachtige vrijdagmiddag bezig was de doelnetten te vervangen aan De Vliet. “Leidsche Boys had niet zulke mooie netten’’, verklaart hij met een serieuze blik. “Op internet had ik van die schitterende, vierkante, rood-witte netten gevonden. Die heb ik toen besteld. Voor die jongens is het leuk dat het net opbolt en de bal lekker meedraait als ze een mooi doelpunt maken. Hoe klein ook: dat soort dingen vind ik belangrijk.’’

Mede door slepende liesklachten viel het De Cler niet altijd mee om zichzelf te onderscheiden op het laagste amateurniveau in de Leidse regio. Doordachte passes blijken in de vierde klasse vaak onbegrepen. En de tegenstand is onverwacht fel. Naamloze voetballers die al zielsgelukkig zijn met een summiere vermelding in de regionale krantenkolommen willen zich flink laten gelden als ze ineens tegenover Tim de Cler staan.
timdecler03_staantribuneNa één seizoen heeft hij met een groot deel van het vriendenteam Leidsche Boys verruild voor zijn eerste club Lugdunum. Hij concludeert dat hij altijd een te geromantiseerd beeld van het bestaan als amateurvoetballer heeft gehad. “Ik moet een dikke huid hebben’’, merkt hij. “Door tegenstanders en toeschouwers word ik vaak gezocht. Dat heeft zelfs geleid tot wat duw- en trekwerk. Aan de ene kant begrijp ik die mensen wel. Zij willen iets extra’s geven als ze tegen mij spelen. Maar zij zullen toch ook snappen dat ik gewoon lekker met vrienden wil voetballen?’’

In de vluchtige voetbalwereld is clubliefde het kussen van het logo van de hoogste bieder geworden. De Cler behoort tot de laatste generatie die het supportersgevoel herkent en keuzes daarop afstemt. Hij is een Feyenoorder sinds zijn vader hem meenam naar De Kuip. “Dat is het belangrijkste verschil tussen supporters van Feyenoord en Ajax. De meeste kinderen worden supporter van Ajax vanwege de successen. De liefde voor Feyenoord zit in de familie.’’
timdecler01_staantribuneHet hele interview met Tim de Cler van redacteur Hielke Biemond stond in het 0-nummer van Staantribune.

Alleen boekhandel Paagman, Frederik Hendriklaan 217 in Den Haag heeft nog enige exemplaren van dit nummer!