Als het gaat over Nederlanders die ooit voor een Italiaanse club hebben gespeeld, wordt steevast één speler vergeten: de Hagenees François Menno Knoote. De eerste Nederlander die in de laars van Europa competitief tegen een bal aantrapte en er zelfs landskampioen werd.

De koperen ploert schonk de eerste zonnestralen aan een vredig Milaan. Het was prima voetbalweer deze lentedag in 1906. In de verte toonde zich wel enkele donkere wolken, maar niemand die zich daarover druk maakte. Iedereen had alleen maar oog voor de bal. Hoewel het een oefenwedstrijd betrof, gingen alle heren er vol voor. Engelse krachttermen werden afgewisseld met vlotte Italiaanse zinnen. Zelfs een mengelmoes van die twee talen, aangevuld met een Nederlands accent, was niet vreemd op het veld van de Milan Cricket and Football Club, het huidige AC Milan.

Terwijl de 22 spelers geconcentreerd naar de bal bleven kijken, voelden sommigen al de eerste druppels. De schouders werden opgehaald. Regen was geen bijzonder verschijnsel in Noord-Italië. De bal werd weer met alle macht naar voren geschoten. Hoofball was de norm aan het begin van de twintigste eeuw.

De regen plensde ondertussen met volle bakken op het veld. Aanvoerder Herbert Kilpin (zie afbeelding) keek eens om zich heen. Zag hij het nu goed? Speelde zijn team met tien man? En terwijl hij nog een keer alle mannen met een rood-zwarte shirt telde, vloekte hij binnensmonds. Die verdomde Nederlander had de benen genomen vanwege de regen. François Menno Knoote was dan ook een mooi-weervoetballer pur sang.

Ongeveer tien jaar later zou Kilpin deze anekdote laten optekenen in het Italiaanse tijdschrift Lo Sport Illustrato. Hij voegde eraan toe: “Non si poteva mai contare su di lui.” Oftewel: je kon nooit op hem rekenen. Want Knoote raakte geen bal aan als het zelfs maar dreigde te gaan regenen. Het voetbal was dan ook niet de hoofdmoot waarvoor hij in Milaan was. De geboren Hagenaar volgde er namelijk vooral zanglessen.

Wageningen
Zijn teamgenoten bij Milan Cricket and Football Club waren het er wel over eens: Knoote had voetbalkwaliteiten. Capaciteiten die hij al had laten zien toen hij nog in Nederland voetbalde. Tijdens zijn studie werd hij met het Wageningse Victoria drie keer kampioen van Oost-Nederland (1900, 1901 en 1902). Bij de strijd om het algemene landskampioenschap gooide HVV uit zijn geboortestad telkens roet in het eten. Driemaal op rij eisten de Hagenezen de landstitel op.

Het Wageningse Victoria in het seizoen 1899-1900 met Knoote zittend helemaal links.

Knoote, geboren in februari 1879, zei na de drie successeizoenen het vaderlandse voetbal vaarwel en ging na een klein uitstapje in de Verenigde Staten naar Milaan. Milaan was rond de eeuwwisseling in Italië de belangrijkste stad als het op handel en het bankwezen aankwam. Met de voorspoed van Milaan kwamen ook de kunsten mee op. Eén van die kunsten was de opera. De in die tijd befaamde Uruguayaanse zangleraar en tenor Giuseppe Oxilia rook het geld en de roem en streek zodoende ook neer in de hoofdstad van Lombardije. Natuurlijk om zelf te zingen, maar ook om les te geven. Knoote zou een van zijn ijverigste leerlingen worden.

Door de opera kwam Knoote bij Milan terecht. Opera en voetbal was in het prille begin van de twintigste eeuw een tijdverdrijf voor de hogere klasse. Twee broers die in die tijd tot die Milanese elite behoorden, waren Piero en Alberto Pirelli, erfgenamen van de beroemde bandenfabrikant. Net als tegenwoordig was voetbal toen een beter communicatiemiddel dan welke taal ook. Knoote werd door de broers uitgenodigd om mee te spelen bij de in 1899 opgerichte Rossoneri.

Barometer
Terwijl Knoote in het vroege voorjaar van 1906 vanuit zijn appartement naar de binnenstad wandelde, bewonderde hij de Milanese architectuur. Het schitterende Teatro alla Scala verscheen in zijn zichtveld. Daar waar de beste tenoren van de wereld optraden. Wat zou hij daar graag een keer op dat podium willen staan. In navolging van ’s werelds grootste vocalisten zou daar dan Frans Knoote uit de Haagse Reinkenstraat staan. En terwijl hij dagdromend verder flaneerde, doemde het hoofddoel van zijn stadsreis op: het Galleria Vittorio Emanuele.

Het Galleria Vittorio Emanuele was het eerste overdekte winkelcentrum ter wereld. Maar naast een winkelwalhalla was het ook de plaats waar Knoote zijn wedstrijdvoorbereiding begon. Al is wedstrijdvoorbereiding niet het goede woord. De barometer die daar aan de muur hing, bepaalde of Knoote ging voetballen of juist thuis bleef. Hij was enorm bang dat hij door de regen een koutje zou vatten en hierdoor zijn stembanden zouden worden aangetast. Als de barometer ook maar een klein beetje kans gaf op wat hemelwater, dan koos hij eieren voor zijn geld.

AC MIlan 1905-1906

Het team van Milan Cricket and Football Club in het kampioensjaar 1906. Welke naam bij welk persoon hoort is onduidelijk. Maar de volgende spelers staan erop: Bosshard, Attilio Colombo, Guerriero Colombo, Giger, Heuberger, Kilpin, Knoote, Malvano, Meschia, Moda, Pedroni, Rizzi, Sala, Alessandro Trerè, Attilio Trerè, Widmer

Diezelfde lente mocht AC Milan zich voor de tweede keer de beste van Italië noemen. Knoote had hier een klein aandeel in. De Nederlander speelde twee competitiewedstrijden in het befaamde shirt waarin later ook Van Basten furore zou maken. Als doelman en middenvelder speelde hij tegen US Milanese en Juventus. Wedstrijden die hij respectievelijk met 2-1 won en verloor.

Met een landstitel op zak ging de Nederlander vol voor zijn zangcarrière. Op voetbalgebied kwam hij daarna alleen nog maar als een krabbeltje in de kantlijnen voor. In de voetbalannalen is te zien dat hij in 1909 enkele wedstrijden floot op het hoogste niveau, maar spelen in officiële wedstrijden deed hij niet meer.

Buitenlanders zoals Knoote en Kilping waren belangrijk in de beginjaren van het Italiaanse voetbal. Echter in 1908 hadden ze er bij Milan Cricket and Football Club genoeg van. De inbreng van vooral Engelsen en Zwitsers was een doorn in het oog van een grote groep leden. Maar liefst 44 dissidenten (waaronder Knoote) scheidden zich af en richtten Internazionale op. Op de Nederlandse Wikipedia-pagina wordt Knoote bij de belangrijkste overstappers opgesomd. Maar dat is te veel eer voor iemand die zijn kicksen al aan de wilgen had gehangen. Knoote ging mee in de slipstream. 

Communistische film
In 1910 zei Knoote Italië vaarwel. Hij ging naar Nederlands-Indië zoals zovelen die hun studie in Wageningen hadden gevolgd. Hij werd opzichter op een plantage, zijn zangcarrière had hij opgegeven. Hij vroeg vanuit Batavia zijn vriendin, de Canadese operazangeres Éva Gauthier, ten huwelijk. Het huwelijk werd uiteindelijk een grote deceptie. Knoote en Gauthier scheidden in 1918. Op dat moment hadden ze elkaar al drie jaar niet meer gezien. In tegenstelling tot Knoote was de operacarrière van Gauthier wel succesvol. Ze stelde hem in 1921 nog wel ervan op de hoogte dat hij op dat moment een vijf jaar oude zoon had. Het kind was waarschijnlijk van iemand anders, maar Knoote bleek een naïef heerschap. Het kind werd opgenomen als erfgenaam. 

Frans Knoote keerde begin jaren twintig terug naar Nederland, waar zijn beschreven leven beperkt bleef tot krantenknipsels en gemeenteregisters. Eenmaal komt hij nog in het nieuws. Op het terrein van zijn villa zouden in 1933 communistische propagandafilms worden opgenomen. Uiteindelijk maakte de anonimiteit zich van hem meester. Hij overleed in de zomer van 1947 op 68-jarige leeftijd in Den Haag, dezelfde plaats als waar hij geboren was.
 
Foto’s:
Foto Knoote: Centrum voor Familiegeschiedenis
Kilpin en AC Milan 1906: Wikipedia
Wageningen 1900: GVC-Wageningen.nl