Toen Eddie Howe (destijds 31) aan zijn klus bij Bournemouth begon, was hij de jongste manager van de hele Football League. De inmiddels veertigjarige Howe heeft sinds zijn aanstelling in 2008 voor de nodige mirakels gezorgd aan de zuidkust van Engeland. Hij ontving verschillende aanbiedingen, maar blijft The Cherries vooralsnog trouw.

Howe begon als jeugdspeler bij Bournemouth en maakte in 1994, op zeventienjarige leeftijd, zijn debuut. De verdediger werd een toekomst in de Premier League voorspeld. Samen met spelers als Frank Lampard, Jamie Carragher en Emile Heskey vertegenwoordigde hij Engeland in het befaamde jeugdtoernooi van Toulon. Toch maakte hij pas op 24-jarige leeftijd de overstap naar een grotere club. Het Portsmouth van Harry Redknapp pikte hem op. ‘Appy ‘Arry legde 400.000 pond neer voor Howe, die zijn eerste aankoop voor Pompey was.

Howe had 237 wedstrijden voor Bournemouth gespeeld en was daar uitgegroeid tot een publiekslieveling. Het deed de fans goed dat Howe veel aanbiedingen naast zich had neergelegd en pas toehapte bij een echt grote club. Zijn tijd bij Pompey werd echter een ramp. Howe kreeg een zware knieblessure en speelde zijn eerste seizoen geen enkele wedstrijd. Achteraf gezien was zijn carrière op z’n 24ste al over. Slechts twee wedstrijden zou Howe spelen voor Portsmouth, waarna Bournemouth hem terughaalde. The Cherries hadden eigenlijk geen geld, maar na een oproep van de voorzitter dat hij zou proberen Howe terug te kopen als de supporters geld zouden inzamelen, was binnen twee dagen 13.500 pond opgehaald, waarmee Howe kon worden teruggekocht.

Helaas was zijn knieblessure hardnekkiger dan verwacht en ook bij Bournemouth zat Howe vaker in de lappenmand dan dat hij op het veld stond. Soms verbeet hij de pijn, maar al snel was duidelijk dat zijn carrière erop zat. Met veel pijn en moeite kwam Howe nog tot 53 wedstrijden in drie jaar, maar op z’n 29ste moest hij toch echt zijn voetbalschoenen aan de wilgen hangen. De club bood hem daarop een baan aan als coach en die nam Howe graag aan. Met Bournemouth ging het ondertussen erg slecht. In 2008 degradeerden The Cherries naar League Two doordat ze tien minpunten hadden gekregen vanwege financiële wanorde. Door die degradatie moesten mensen vertrekken, omdat ze niet meer te betalen waren. Howe mocht wel blijven.

In 2008-2009 moest de club wegens de financiële problemen zelfs starten met zeventien punten in mindering. Bovendien liep het voor geen meter onder manager Kevin Bond en begin september werd hij dan ook de laan uitgestuurd en vervangen door Jimmy Quinn. Omdat er geen geld was (Bournemouth mocht zelfs geen spelers kopen omdat ze een transferembargo hadden), werd Howe assistent-manager gemaakt. Toch was het geen blinde gok, want Howe kende natuurlijk de club en had veel indruk gemaakt als coach van de reserves.

Onder Quinn liep het ook niet en op oudjaarsdag werd ook hem de wacht aangezet. Howe moest hem even vervangen totdat er een opvolger zou zijn gevonden. Na twee nederlagen op rij was die nog steeds niet gevonden. Het bestuur besloot daarom Howe maar aan te stellen. Er was toch geen geld en de spelers waren erg over hem te spreken. The Cherries stonden op dat moment tien punten achter op Grimsby – dat op een veilige plek stond – en hadden een wedstrijd meer gespeeld. Er waren nog twintig wedstrijden te spelen, dus het begon er aardig kansloos uit te zien. Bournemouth leek na 86 jaar afscheid te moeten nemen van de Football League.

Behalve de grote achterstand in punten, had Howe als extra handicap dat hij geen spelers kon aantrekken vanwege het embargo. Dat gold niet alleen voor het aantrekken van transfervrije spelers, maar ook van amateurs, zoals zijn halfbroer die gratis wilde komen spelen. Vaak had Howe niet eens een volle bank naast zich, omdat er niet genoeg spelers waren. Spelers die net uit de luiers waren, werden op de bank gezet. Howe zat dan maar te hopen dat niemand geblesseerd zou raken, zodat hij ze niet hoefde in te zetten.

Ondertussen begon het team beter te draaien. Van de laatste 21 wedstrijden werden er maar liefst twaalf gewonnen. Begin maart verlieten The Cherries de degradatieplekken en uiteindelijk eindigde de club met een marge van negen punten op de veilige 21ste plek. Zonder de puntenaftrek was Bournemouth zelfs tiende geworden en met de vorm onder Howe hadden ze zelfs de play-offs gehaald. Vrij indrukwekkend voor een club die vooraf eigenlijk kansloos werd geacht voor handhaving. Howe kreeg dan ook volop lof van zijn collega’s.

Een nieuw seizoen betekent nieuwe kansen, maar niet voor Bournemouth. Het volgende seizoen begon de club weliswaar zonder punten in mindering, maar er mochten nog steeds geen spelers worden gekocht. Bournemouth besloot daarom maar alle spelers te houden, die ze onder contract hadden. Daar zat onder anderen Brett Pitman bij, de makkelijk scorende spits uit eigen jeugd, die veel aanbiedingen kreeg. Een goede keuze, want Pitman zou een geweldig jaar draaien. In totaal maakte de spits maar liefst 26 goals en – heel belangrijk voor Bournemouth – hij liep geen enkele keer tegen een blessure aan.

Het ontbreken van blessures bij de belangrijkste spelers is misschien wel de sleutel tot het succes geweest tijdens dat jaar. Howe had op sommige momenten amper drie man op de bank zitten, waaronder zijn assistent, maar de echt belangrijke spelers stonden er altijd. Het gevolg was dat Bournemouth vanaf speeldag vier op een rechtstreekse promotieplek stond en die nooit meer afgaf. Lange tijd leek het de derde plek te worden, maar door een ineenstorting van Rochdale werd het zelfs plek twee. Op 24 april was een 0-2 overwinning voor een bomvol uitvak in Burton genoeg voor de definitieve promotie.

Het jaar erop mocht Howe weer spelers aantrekken, ook al mochten dat alleen transfervrije voetballers zijn. Hij kon zijn selectie weer op pijl brengen. Daarnaast bleef topscorer Pitman, ondanks vele aanbiedingen. Bournemouth was niet meer degradatiekandidaat nummer één en ging met goede hoop van start in League One. Een knappe zesde plaats was het resultaat. 

Wat er twee jaar later gebeurde, had niemand voor mogelijk gehouden. In het seizoen 2012-2013 promoveerde Bournemouth naar het Championship, ongelooflijk omdat de club een jaar eerder nog op een elfde plaats eindigde. Howe had het weer geflikt. 

Tijdens het eerste jaar in het Championship was bijna iedereen het er wel over eens: Bournemouth zou niet lang stand houden. The Cherries oogstten alom lof en wisten op een respectabele tiende plaats te eindigen, met een gat van 22 punten op de degradatiezone. Maar daar hield het niet op.

Het seizoen daarna werd het onmogelijke gepresteerd. Het jongensboek werd geschreven. Bournemouth werd op de laatste speeldag kampioen omdat koploper Watford gelijkspeelde bij bij Sheffield Wednesday. 

Het debuut in de Premier League was ook weer verassend. The Cherries hielden stand en wisten met een zestiende plaats degradatie af te wenden. Vorig seizoen werd zelfs een negende plek bereikt in de Premier League. Hoelang Howe het zo goed blijft doen met Bournemouth is de vraag, maar in het derde seizoen op het hoogste niveau stevent hij toch weer af op lijfsbehoud. 

Bournemouth – Tottenham Hotspur op tv!
Onze partner Ziggo Sport zendt dit weekend onder meer Manchester United – Liverpool (zaterdag 13.30 uur) en Bournemouth – Tottenham Hotspur (zondag 17.00 uur) live uit op Ziggo Sport en Ziggo Sport Select. 

Check hier welke duels Ziggo Sport dit weekend nog meer live uitzendt.