De beelden van feestvierende en huilende Ierse fans na de wedstrijd tegen Italië afgelopen woensdag waren een lust voor het oog. Hoewel mijn voetbalhart uit een oranje en een azuurblauwe helft bestaat, kan ik blij worden van feestende supporters in groen. Het deed me denken aan het WK van 1990, toen ik voor het eerst zelf kennis maakte met de The Green Army. Nou ja…’leger’.

Op weg naar Palermo kwamen mijn klasgenoot Lucas en ik een stel Ierse supporters tegen in de trein. Omdat ik een Italiaans shirt aan had, raakten we meteen aan de praat. Natuurlijk ging het over het EK van 1988, over Jack Charlton en over Kieft. Maar vooral over de gemeenschappelijke liefde voor voetbal. En omdat het zo klikte, gingen we spontaan met elkaar op de foto. Aangezien het Nederlands elftal twee wedstrijden speelde in Palermo, had ik mijn passie voor voetbal met familiebezoek gecombineerd.


FullSizeRender[1]
De dag voor de beslissende wedstrijd Nederland – Ierland was er een met twee gezichten. Overdag sprongen de Oranje-supporters in het oog met hun uitbundige uitdossingen en luide stemmen, maar ’s avonds leken de Ierse supporters in de meerderheid. Alsof ze hun roes overdag hadden uitgeslapen om fris te kunnen beginnen aan een volgende ronde van keel smeren en zingen. En andersom. Want gezongen werd er, alleen soms onderbroken door het bestellen van bier. Soms, regelmatig, eigenlijk de hele tijd. En hartstochtelijker dan gezang over ‘boys in green’ worden voetballiederen niet.

Wij konden van dichtbij zien dat de Ierse supporters allesbehalve kwaad in de zin hadden. En ook dat zij alcohol goed konden verdragen, want wat er ook gebeurde, er was geen Ier te betrappen op een kwaaie dronk. Vlak voordat we de kroeg verlieten, viel m’n oog op een Ierse vlag op de grond. Die bewoog. En voor ik het door had, liep een beschonken man er naartoe en drukte een bier in de hand van zijn kompaan die gewoon onder de vlag bleef liggen. Met z’n hand buitenboord. Ik bleef nog even staan om te kijken wat er gebeurde. Zingen kon hij niet meer, lopen waarschijnlijk ook niet, maar het drinken ging gewoon door. Af en toe verdween de hand onder de vlag om er ook weer onderuit te komen. Hij leek nauwelijks te knoeien. He can hold his drink, werd er met die prachtige Ierse tongval geroepen en ze hadden gelijk. Zó je biertje drinken is een kunst.

FullSizeRender
De sfeer in Stadio La Favorita de volgende dag was uitgelaten. We zaten in een vak met veel Ieren, en de verhalen uit 1988 bleken niet overdreven. Er was verbroedering, er werd gelachen. En in die sfeer kwam de hele avond geen verandering. Ook niet toen Gullit al vrij snel de 1-0 liet noteren. Het mooie was dat de Ierse ploeg na die achterstand nog hartstochtelijker werd aangemoedigd dan daarvoor. Toen achttien minuten voor tijd de verdiende Ierse gelijkmaker viel, namen volwassen mannen ons beiden in de armen. “We all win, we all win!” schreeuwden ze en op het veld werd dit gevoel vertaald door de spelers van beide teams, die elkaar eindeloos de bal begonnen toe te spelen.

Het leek een beetje op Oostenrijk – West-Duitsland in 1982, met als verschil dat het ‘Pact van Palermo’ duidelijk pas gaandeweg de wedstrijd was ontstaan. Bij die 1-1 bleef het, waardoor alle supporters tevreden ‘huiswaarts’ konden keren. Bij de uitgang van ons vak werd ik vastgepakt door een tandeloze grijsaard in een groen-wit poloshirt. Hij gaf me een klapzoen op de wang en zei alleen maar: “Thank you, now we are both through.” De tranen stonden in zijn ogen en toen ik hem nakeek, zag ik hem verdwijnen achter een Ierse vlag met een biertje in de hand. Het had zo maar diezelfde man van de dag ervoor kunnen zijn.

FullSizeRender[4]