In de nieuwe Staantribune staat een uitgebreid interview met Johan Boskamp. Een voorproefje:

“In de tijd dat ik naar België kwam, werden er gigantisch veel kermiskoersen gereden”, herinnert Johan Boskamp zich. “Eddy Merckx kwam toen vaak naar RWDM. Het gebeurde zelfs dat we gewoon stopten met trainen om naar Milaan – San Remo te kijken.”

Boskamp reed met de racefiets naar de club. “Toen ik in mijn tweede jaar geopereerd was aan m’n knie. Om hem weer soepel te krijgen, reed ik drie kwartiertjes heen en weer terug. Ik had in die tijd veel contact met Eddy. Hij kwam als zijn seizoen stillag weleens meetrainen met ons. Hij kon nog lekker voetballen ook.”

Na RWDM trok hij als speler naar Lierse, waar hij ook trainer werd. Maar de echte kennismaking met hoe het er in die jaren in België aan toeging, volgde bij Verbroedering Denderhoutem. Lachend: “Denderhoutem was werelds. Jef (Vijverman, de voorzitter, red.) wou zijn zoon in de ploeg hebben. Maar ik zei nee. Want dat kon natuurlijk niet. Toen wist ik al dat het over was. Ik had het er toevallig onlangs met mijn assistent Piet Demol nog over hoe de voorzitter om het hoekje stond te gluren of we er waren. Hij dacht natuurlijk: ‘Als ze er niet zijn, kunnen we tegen de spelers zeggen dat we ze laten wieberen.’ Maar ik zwaaide gewoon naar hem. Schitterend. Ik zie hem nog zo staan.”

Boskamp vervolgt: “We hadden een contract van twee jaar. Ik vloog op het eind van het seizoen naar Amerika om twee maanden stages te geven aan de Boston University en in die periode hadden ze een nieuwe trainer aangetrokken. Ik weet niet meer hoe-ie heette, die jongen kon er ook niks aan doen. Ik belde de club, want ik had nog een contract van een jaar, en ik kreeg de secretaris aan de lijn. Dus ik zeg: ‘Eddy, over veertien dagen beginnen we weer.’ En hij nerveus: ‘Ja… ja… ja…’ Ik wist natuurlijk wel dat er al een nieuwe trainer was, maar ze hadden mij nog niks gezegd. Achteraf heb ik zo gelachen.”

Lees het hele interview met Johan Boskamp over zijn carrière en leven in België, geschreven door redacteur Raoul de Groote, in de nieuwe Staantribune! Het magazine is verkrijgbaar in de webshop en bij duizend verkooppunten in Nederland en België! 

Dit jaar is het precies dertig jaar geleden dat PSV de Europa Cup I won. Staantribune-redacteur Stijn Slaats schreef een persoonlijk verhaal over 1988, hét succesjaar van de Eindhovenaren. Hans van Breukelen, de held van de finale tegen Benfica, en aanvoerder Eric Gerets staan dan ook op de cover van Staantribune nummer 16. Een voorproefje in elf seconden:

Verder bezochten wij voor dit eerste nummer van de vierde jaargang onder meer Sheffield FC, de oudste voetbalclub ter wereld, en 1860 München, dat eindelijk weer speelt in het vertrouwde Stadion an der Grünwalder Straße. Ook maakten we portretten van voetbalstad Parijs en het Russische Kaliningrad, een van de speelsteden van het WK dit jaar. In eigen land bezochten redacteur Dave Aalbers en fotograaf Andy Zuidema de Groesbeekse derby tussen (het inmiddels failliete) Achilles ’29 en De Treffers en ging Menno Pot met rapper Sticks mee naar een wedstrijd van diens favoriete club, PEC Zwolle.

Verder onder meer: 
– Interview met Jeroen Verhoeven, oud-keeper van onder meer RKC en FC Volendam
– Jeunesse d’Esch, het Juventus van Luxemburg
– Een eerbetoon aan Mister Feyenoord, Coen Moulijn 
– Nieuwe rubriek: ‘De Verzamelaar’, dit keer over bijzondere wedstrijdposters
– Interview met de ‘Vogelman’ van Vitesse
– Voetbal & Muziek: TOP Oss
– Marco van Basten
– Streetart van Kamp Seedorf
en de gebruikelijke rubrieken, zoals de column van Frank Heinen, de Top 5 (over verslaafde voetballers), Het Shirt (Nantes) en schitterende fotoreportages!

Bestel Staantribune #16 nu in de webshop!