Heb jij net als Staantribune-volger Gijs van der Poel een groundhoptrip gemaakt? Stuur jouw verhaal (plus foto’s) dan naar info@staantribune.nl. De leukste artikelen worden op de website geplaatst.

“Voule vous jouer de foot?” Het is eigenlijk het enige Franse zinnetje dat ik sprak als klein jochie. Elke vakantie trokken wij, net als de rest van Nederland, met een tentje naar Frankrijk en gingen mijn ouders net zo lang campings langs totdat we er eentje tegenkwamen met weinig tot geen Nederlandse kentekens. Voor ons het teken dat we met ons steenkolen-Frans op pad mochten om vriendjes te maken om mee te voetballen. Vakantie is voor mij dan ook campingvoetbal.

Toch staat Frankrijk, hoewel ze net het WK hebben gewonnen, niet bekend als een land met een diepgewortelde voetbalcultuur en supporterscultuur. Bij Staantribune lees ik veel trips naar Engeland, Duitsland, België en ook Italië, Spanje en Schotland komen regelmatig voorbij. Toch lijkt ons favoriete vakantieland geen trekpleister te zijn voor de doorgewinterde voetbalfan.

Deze zomer ging ik na jaren afwezigheid weer naar Frankrijk. Dit keer geen camping met alleen maar Fransen, maar een boerderij met zes Nederlandse vrienden. Mijn steenkolen-Frans werd bewaard tot de bakker, supermarkt en het restaurant. Terwijl ik zat bij te komen van weer een dag zon, zee, strand, kaas en wijn, kwam ik op het idee om eens te kijken of er ook gevoetbald werd. Het was immers begin augustus en dan begint de competitie langzaamaan weer. Met een beetje mazzel kon ik een van mijn reisgenoten ook zover krijgen om mee te gaan.

De eerste mogelijke wedstrijd was de supercup tussen PSG en AS Monaco op zaterdagmiddag. Parijs is niet zo heel ver omrijden en een welkome tussenstop op weg terug naar Nederland. Het enige probleem was dat de wedstrijd niet in Parijs, maar in Shenzen, China (!) werd gespeeld omdat dat commercieel vast interessanter is. Het stukje “ziel verkopen voor het grote geld” is blijkbaar wel goed in de Franse voetbalcultuur geïmplementeerd. Door de Supercup ligt de Ligue 1 nog een week stil. De Ligue 2 heeft helaas geen teams uit de regio en dus ging de focus naar de Ligue 3.

Daar was ’t gelukkig snel raak en US Avranches bleek nog geen drie kwartier rijden te zijn. US Avranches is ooit opgericht door bezorgde moeders. De moeders waren eind 19e eeuw namelijk bezorgd om hun kroost die wel eens meespeelde met het voetbalteam van de lokale universiteit. Na een uitwedstrijd kwamen de kids dan ver na hun bedtijd terug en dat kan natuurlijk niet de bedoeling zijn. De moeders richtten een nieuwe voetbalclub op voor hun kinderen in Avranches. In de ruim 120 jaar die er volgden, zijn er weinig mijlpalen bereikt waar je steil van achterover valt. In 1991 is er ooit in de 32ste finale tegen FC Sochaux gespeeld en vorige zomer hebben ze Mickaël Malsa verkocht aan Fortuna Sittard. De Franse middenvelder, met twee interlands voor Martinique, werd vervolgens zonder een wedstrijd te spelen verhuurd aan Platanias in Griekenland en speelt tegenwoordig voor Albacete Balmpié in Spanje.

Als eerste waren er kaartjes nodig. Ik kreeg verbazingwekkend genoeg vijf van de zes reisgenoten zover om mee te gaan – “Jongens, het is dus Ligue 3” – en dus ging ik proberen zes kaartjes te bestellen. Aangezien internet en klantvriendelijkheid nog niet echt hun intrede hebben gedaan in Frankrijk, was dat nog een hele puzzel. De website was uit 1999 weggelopen en hoewel er heel veel informatie en foto’s op stonden, was het volslagen onduidelijk hoe we aan kaartjes konden komen. Een mailtje dan maar naar de secretaris van de club in steenkolen-Frans om uit te leggen dat we als groep Nederlanders graag een keer langs zouden komen.

Tegen alle verwachtingen in kwam er ook nog eens een wat nors mailtje terug met de mededeling dat je kaartjes gewoon bij het stadion kon kopen en ze hadden in al hun generositeit zelfs het adres van het stadion bijgezet. Ik kreeg niet het idee dat ze blij waren dat we kwamen.

Onder begeleiding van de vocalen van Edith Piaf en Birgitte Bardot stappen we in de auto naar Avranches. Het stadje, met uitzicht op de Mont Sant-Michel, is goed te bezoeken als toeristisch uitje. De straten zijn klein en Frans en je kan er goed oesters eten en wijn drinken. Bij voetbal hoort echter bier en kebab, en dat staat dus op het programma terwijl heel Avranches ons neerbuigend aankijkt alsof we een stel cultuurbarbaren zijn.

Op weg naar het stadion komen we erachter dat Avranches zijn identiteit aan twee dingen ontleent: de vele kerken en generaal Patton. Er zijn bewonderenswaardig veel kerken op zo weinig vierkante meters, dus dat zou ik als stadje ook uitbuiten. Vlakbij het stadion komen we echter een paar pareltjes ‘rotondekunst’ tegen waar ze in Hoofddorp nog een puntje aan kunnen zuigen. Met een enorm fallussymbool, een levensgrote tank en een borstbeeld wordt de Amerikaanse generaal Patton, u weet wel van die oorlogsfilm, geëerd. Hij gaf immers leiding aan de troepen die de stad bevrijdden van de Duitsers. Ook is er een restaurant en een hotel vernoemd naar deze kleurrijke generaal.

We wandelen door naar ons einddoel, waar we worden begroet door een stadion waarbij het uitzicht op de kerken misschien wel de meest unieke eigenschap is. Helaas is het fallussymbool niet te zien, maar verder is het heel kneuterig. Het stadion heeft een sintelbaan en op de lange zijde een betonnen baksel met blauwe stoeltjes. Aan de korte zijde staan appartementen waar de bewoners een primitieve skybox van hebben gemaakt en voor waarschijnlijk enorme bedragen hebben verhuurd aan de lokale multinationals. Ook is er een prachtig scorebord aan de overzijde waar de ultra’s van de tegenstander bivakkeren. Vanuit Duinkerken, u wet wel van die oorlogsfilm, zijn er vandaag welgeteld zeven fans, een spandoek met daarop een grijnzende haai, een vlag en uiteraard een trommel meegekomen.

De zeven reizigers zijn echter geen partij voor de harde kern van ongeveer twintig man van US Avranches. Zodra de spelers het veld opkomen, is er een heuse tifo-actie met een blauw-wit doek. Onder leiding van een man die al een hele tijd geleden de pensioengerechtigde leeftijd heeft bereikt, wordt er negentig minuten lang gezongen (en getrommeld) en komen er verbazingwekkend veel verschillende liederen langs. Ik heb mijn held van deze avond gevonden.

Op het veld lijkt het ook alsof er af en toe een oorlogsfilm wordt nagespeeld. De spelers spelen een harde en fysieke wedstrijd en wisselen dat af met hele slechte imitaties van Neymar. De scheidsrechter fluit daarbij zo inconsistent dat er ook veel opstootjes zijn. Dat is wel sfeerverhogend. Voetballend is het echter heel erg slecht waardoor de wedstrijd door het warme weer nog het meeste weg heeft van een avondje campingvoetbal met net iets te fanatieke vaders.

Een mooi stukje randvermaak zijn de ballenjongens en -meisjes. Die zitten blijkbaar ook nog in vakantiemodus, al kan het warme weer en slechte spel ook een negatieve uitwerking hebben gehad. In plaats van de bal die ze in hun handen hebben naar de spelers te gooien, rennen ze allemaal eerst heel hard achter de bal aan die het veld uit gaat, om vervolgens rustig terug te lopen, de bal naast hun ‘eigen’ bal neer te leggen en die ‘eigen’ bal vervolgens aan de wachtende speler in kwestie te geven. Hoewel de begeleiders lullen als Brugman krijgen ze het grut niet zover om de volgorde om te draaien. Dat dit vermakelijker is dan de wedstrijd, zegt veel over het spelbeeld.

In de tweede helft krijgt de wedstrijd de klutsgoal die hij verdient. Een klassiek en hilarisch misverstand achterin zorgt ervoor dat Youssef Maziz de 1-0 in kan koppen. Daarna komt de wedstrijd opeens tot leven en krijgen de spelers van Duinkerken een aantal levensgrote kansen die om onbegrijpelijke redenen mis gaan of door de keeper worden gestopt. Dit alles tot grote frustratie van de zeven ultra’s die een langzame dood sterven. Toch nog enig spektakel in de tent. De fans van Avranches, die ons al de hele avond achterdochtig aankijken, kunnen nauwelijks geloven dat de voorsprong standhoudt en daarmee het seizoen met een 1-0 overwinning wordt geopend.

Met deze onterechte overwinning is het Franse voetbalseizoen dan officieel geopend en zit onze trip er weer op. Onder een prachtige ondergaande zon zetten we onder begeleiding van France Gall en Patrick Bruel de auto weer in gang naar onze boerderij. Onze avond bier en ‘campingvoetbal’ is ten einde en we gaan genieten van nog één laatste avond wijn, kaas en goed gezelschap. Qua supporterscultuur mag het dan niet bovenaan de lijstjes staan. Als vakantieland is en blijft het onovertroffen.

Heb jij net als Staantribune-volger Gijs van der Poel een groundhoptrip gemaakt? Stuur jouw verhaal (plus foto’s) dan naar info@staantribune.nl. De leukste artikelen worden op de website geplaatst.