Heb jij net als Staantribune-volger André Proost een groundhoptrip gemaakt? Stuur jouw verhaal (plus foto’s) dan naar info@staantribune.nl. De leukste artikelen worden op de website geplaatst.

Het is woensdagmiddag, ik zit in de ICE548 van Berlijn naar Osnabrück en krijg een berichtje van een collega dat mijn afspraken ‘s avonds afgezegd zijn. Een glimlach vormt zich op mijn gezicht. Tijd over en dat kan maar één ding betekenen: voetbal! Ik ga op zoek naar een mooi voetbalaffiche in de omgeving van Osnabrück. Een lichte spanning maakt zich van mij meester, want doordeweeks heb je in Duitsland vaak alleen bekerwedstrijden en dan ben je dus afhankelijk van de geplande rondes. Ik heb geluk, ik zie dat het de week van de achtste finales in de DFB-Pokal is.

VfL Osnabrück speelt thuis tegen 1. FC Nürnberg. Osnabrück is een club uit de 3. Bundesliga die eigenlijk al sinds de oprichting in 1899 tegen het hoogste niveau aanschurkt, maar net niet goed genoeg is om daar ook daadwerkelijk te spelen. Het gevolg is een permanent verblijf op het tweede en derde niveau. Vaak tref je daar, in Duitsland althans, de fanatiekste supporters aan die met hart en ziel achter hun club staan. Nog vaker vind je daar ook de stadions die een nostalgisch voetbalgevoel oproepen. VfL is zo’n vereniging met een fanatieke aanhang en een oud stadion in een volksbuurt, niet ver van het centrum van de stad.

De tegenstander is mogelijk nog interessanter; de 1. FC Nürnberg staat in Duitsland niet voor niets bekend als Der Club. Ooit een roemruchte Bundesliga-club met diverse titels op het conto, maar nu afgezakt naar het tweede niveau. Alle ingrediënten voor een leuke voetbalavond zijn aanwezig, ik besluit online een kaartje te kopen.Als ik de Hauptbahnhof van Osnabrück uitloop, weet ik dat nog maar twee uur heb voor de aftrap en omdat Stadion An der Bremer Brücke een echt stadsstadion is, vermoed ik dat parkeren een probleem zal worden. Ik besluit mijn auto in een buitenwijk – op twee kilometer afstand van het stadion – te parkeren en van daar te lopen. Als ik mijn auto uitstap, zie ik dat ik tussen de Nürnberg-supporters terecht ben gekomen. Lange rijen auto’s met kentekens beginnend met een N verraden de afkomst van de bestuurders. Kofferbakken staan open, terwijl de supporters leunend tegen hun auto’s de laatste restjes eten wegwerken en een peukje roken. Ik gok dat het er een kleine duizend zijn.

De afstanden die supporters in de hoogste Duitse Liga’s elke week overbruggen is onvoorstelbaar. Ik loop met een groepje van vier Nürnberg-supporters mee naar het stadion en begrijp dat ze ’s middags vrij genomen hebben om de vijfhonderd kilometer afstand zonder veel stress te overbruggen.  De jongens rijden meteen na de wedstrijd terug en verwachten ’s nachts tussen half twee en twee uur thuis te zijn.

We lopen tussen de arbeidershuisjes door naar het stadion en als we de laatste straat inslaan, zien we aan het einde van de straat de lichtmasten branden. Terwijl we met elkaar van gedachten wisselen over het gevoel dat een brandende lichtmast bij een voetballiefhebber oproept, worden we aangesproken door een politieagent. Na controle van de kaartjes scheiden onze wegen hier, mijn kaartje is voor de thuisvakken en ik word daarom een andere straat ingestuurd.Bij het stadion aangekomen, zoek ik mijn weg tussen de kraampjes met currywurst en pils naar de ingang. Helaas zit ik vanavond op de lange zijde en niet bij de fanatieke aanhang, een gevolg van mijn last-minute-keuze. De wedstrijd is zo goed als uitverkocht en de 14.000 man in het stadion maken al ruim voor aanvang serieus kabaal.

Ondanks dat de VfL in de onderste regionen van de 3. Bundesliga verblijft en inmiddels aan de tweede trainer van het seizoen toe is, zijn de supporters om mij heen positief gestemd. Die positiviteit is vooral gebaseerd op het resultaat van de vorige bekerronde, waarin de VfL overtuigend van HSV won. De wedstrijd en het scoreverloop maken dat mijn verwachtingen uitkomen. De plaatselijke trots stijgt boven zichzelf uit en komt 1-0 voor, 1-2 achter, maar later weer op 2-2. De Ostkurve en de uitsupporters zijn de hele wedstrijd actief met gezang, vlaggen en choreo’s, waardoor er een lekkere sfeer ontstaat. Ook na een rode kaart en de uiteindelijke 2-3 stoppen de supporters op de Ostkurve niet met zingen, ze gaan door tot de laatste minuut.Met een voldaan gevoel sla ik buiten het stadion nog een biertje achterover en praat na met een paar Ostkurve-fans die ik via Instagram heb leren kennen. Ze leggen me uit dat de stemming tijdens de wedstrijd niet voorbehouden is aan dit soort speciale wedstrijden, maar ook bij de reguliere competitiewedstrijden regelmatig aanwezig is. Met een uitnodiging voor een volgende wedstrijd – op de Ostkurve – op zak, besluit ik mijn bed op te zoeken. Terwijl ik wegloop roepen ze me na: “André… nur der VfL!” 

Heb jij net als Staantribune-volger André Proost een groundhoptrip gemaakt? Stuur jouw verhaal (plus foto’s) dan naar info@staantribune.nl. De leukste artikelen worden op de website geplaatst.