Heb jij net als Bert Westerink een groundhoptrip gemaakt? Stuur jouw verhaal (plus foto’s) dan naar info@staantribune.nl. De leukste artikelen worden op de website geplaatst.

Joegoslavië, tot 1992 een bekend vakantieland, raakte verscheurd in een gruwelijke burgeroorlog. Staantribune stelde onlangs vast dat het een voetbalgrootmacht had kunnen zijn. Nu bevechten de belangrijkste tegenstrevers elkaar op én om het veld.

Het land was een product van de Tweede Wereldoorlog. Opgebouwd uit regio’s die behalve hun spreektaal weinig gemeen hadden. In dat licht waren sportieve successen belangrijk: die voedden het besef bij een natie te horen. Voetbal sprong er al vroeg uit met een zilveren Olympische medaille in 1948. Een resultaat dat vier jaar later in Helsinki werd geëvenaard, na 2-0 verlies tegen het Hongarije van Ferenc Puskás.

De gewelddadige splitsing van Joegoslavië kwam macaber aan het licht, toen in november 1993 de eeuwenoude brug in Mostar aan flarden werd geschoten.

Die brug – de Stari Most – werd in 2004 hersteld, de vroegere bevolkingsmix niet. De brug verbindt én scheidt een westelijk, hoofdzakelijk Kroatisch stadsdeel met/van een oostelijk Islamitisch/Bosniaks deel.

Mostar, vijfde stad in het tegenwoordige Bosnië. Officieel ‘Bosnië en Herzegovina’. Met andere woorden een samengesteld geheel. Het kent een autonoom Servisch en een Bosnisch-Kroatisch gebied. Net als in Joegoslavië maakte een eerste voetbalsucces enig gedeeld enthousiasme los: deelname aan het WK 2014. Blijvende indruk maakte dat niet. Met aanvalsleider Edin Džeko werd Iran in de groepsfase verslagen maar de latere finalist Argentinië en ook Nigeria bleken te sterk. Deze WK-zomer ziet men in Servisch-Bosnië reclame met het Servische nationale voetbalteam.

Reclametekst zegt: “Geef het beste van je voor Servië.”

Voetballiefhebbers verbinden Mostar met Velež, dat voorheen nog regelmatig Europees voetbal speelde. Nu verbeeldt FK Velež Mostar (1922) het leed van Joegoslavië. De club werd tijdens de burgeroorlog uit het eigen stadion verdreven en de Kroatische club HŠK Zrinjski pikte het in. Niet louter vanwege de ligging op de westelijke rivieroever. Voor het Kroatisch volksdeel daar was het bovenal genoegdoening. Zo niet wraak.

Stadion Pod Bijelim Brijegom (‘onder de witte heuvel’) werd in 1971 gebouwd voor Velež Mostar. In het Joegoslavië van die dagen was HŠK Zrinjski verboden, maar niet vergeten. De uit 1905 stammende club onderging die straf voor het meespelen in de competitie in het vooroorlogse, met Hitler-Duitsland heulende Kroatië. Een kunstgreep, want Zrjinski – vernoemd naar een oud adellijk Kroatisch geslacht – herleefde onmiddellijk na het uiteenvallen van Joegoslavië.

Dat het stadion als een Kroatische trofee voelt, maakt HŠK Zrinjski erg duidelijk. De oude ingang voor bezoekers aan de zuidzijde en de oostelijke kant van de staantribune zijn gesloten.

De entree verloopt via de onmiskenbaar Kroatisch gestempelde hoofdpoort. Wie die afkomst niet deelt, waant zich hier welhaast infiltrant. Het stadioncomplex zelf wekt ontzag door weelderige trots: strak geverfde clubgebouwen, omlijst door uitbundig groen. De grasmat onberispelijk; de tribunes een panorama. Het gevoel er ongeoorloofd binnen te dringen, wordt versterkt doordat zich geen mens vertoont.

Tot die zich uit de achtergrond losmaakt. Een type manusje-van-alles. Brillenglazen vergroten een achterdochtige blik. Als om aan te tonen dat ik ongewapend ben, spreek ik reeds van verre de woorden “tourist”, “niezo-zemjiee” en “foto'”‘. Mijn in ernstige onschuld hooggehouden fairphone doet de rest. Met een vage knik verdwijnt die mens zonder iets te zeggen weer uit beeld. Ik lijk erin geslaagd de ongevaarlijke gek uit te hangen.

Dat het ‘ford’ er zo onverdedigd bij kan liggen, legt zelfverzekerdheid bloot. De nog immer door Velež Mostar geclaimde teruggave laat de huidige bespelers domweg koud. Velež rest het in 1995 gebouwde Vrapčići-stadion. Om daar te komen moet men de brug over, de andere oever op.

Tekst en afbeeldingen: Bert Westerink

Heb jij net als Bert Westerink een groundhoptrip gemaakt? Stuur jouw verhaal (plus foto’s) dan naar info@staantribune.nl. De leukste artikelen worden op de website geplaatst.