“Niet alleen om het stadion wordt Nijmegen benijd. Het zijn in het bijzonder de menschen die de andere in ons land bestaande stadia kennen, die hun bewondering uitspreken over zijn prachtige ligging, volkomen passend in de omgeving. Dat is wel een groote tegenstelling tot de bouwwerken in Amsterdam, Rotterdam en Utrecht, die in dit opzicht niet bepaald fraai geplaatst zijn.” 

Al sinds de bouw is men het erover eens: De Goffert is een van de mooist gelegen stadions in Nederland, zo blijkt ook uit bovenstaande quote uit de (enigszins gekleurde) Provinciale Geldersche Courant van 27 september 1943. Met de sloop van het Zuiderpark- en Oosterparkstadion is De Goffert nog de enige Nederlandse thuishaven gelegen in een park, een unicum waar supporters van het vandaag 107 jaar geleden gefuseerde NEC bijzonder trots op zijn.De Goffert
En dat is ook het eerste wat NEC-supporter Jeffrey beaamt. “Wij zijn héél erg trots op De Goffert”, vertelt hij. “En inderdaad: je moet dan meer kijken naar de ligging ervan dan naar het stadion zelf. Voor veel hardcore-supporters is de oude Goffert namelijk nog een stukje mooier, die was handgegraven. Veel Nederlanders vonden dat destijds een van de lelijkste bakken van Nederland, maar voor ons ging er niets boven. We moesten ook met de moderne tijd mee, dus vandaar de verbouwing, maar één ding weet elke NEC-supporter: de ligging is heilig.”

De Bloedkuul
En die ligging is al sinds 1939 hetzelfde. De oude Goffert werd gebouwd in een kuil, gegraven door honderden, zo niet duizenden werkloze Nijmegenaren. Maar liefst 80.000 kubieke meter grond werd er verplaatst, wat gepaard ging met een hoop bloed, zweet en tranen. “Daarom is de bijnaam van De Goffert ook de Bloedkuul“, legt Jeffrey uit. “En dat past ook bij ons. Wij zijn een arbeidersclub en dat komt ook voort uit de manier waarop het stadion ooit is gebouwd.”De Goffert
De omgeving van het stadion. Het is een veelbesproken, maar toch onderschatte karaktereigenschap van een club. Waar veel nieuwe stadions oprijzen langs snelwegen en industrieterreinen, is het van belang de ouderwets gelegen stadions te koesteren, zo vindt Jeffrey. “Een paar clubs hebben dat: PSV, Go Ahead Eagles en bijvoorbeeld Cambuur een beetje. Maar meestal ligt het ergens afgelegen, en daar moet ik echt niet aan denken. Natuurlijk: je zult altijd successupporters hebben voor wie het stadion niet zo heel belangrijk is. Maar de doorsneesupporter, zeker degenen die meerdere degradaties heeft meegemaakt, zal altijd kiezen voor de heilige plaats van het Goffertpark. Het is een geweldig park, waar het stadion echt perfect in past.”


De geur van gras, binnen, maar voornamelijk buiten het stadion. De tientallen bomen die rondom De Goffert waken; het zijn samen met de supporters een van de weinige constante factoren bij NEC. “Het heeft iets magisch, voornamelijk bij avondwedstrijden. Alles komt dan samen, voornamelijk een vreemde kruising tussen fanatisme en rust”, vertelt Jeffrey. “Mensen lopen rustig door het park heen, laden zich op voor de wedstrijd, terwijl je door de bomen de stadionlampen al ziet schijnen. Feyenoord-supporters hebben dat ook bij De Kuip, dat ze tussen de huizen het licht al zien opkomen.”

Bosjesmannen
Een ander gevolg van de ligging is het geniepige opwachten van de bussen van de tegenstander. “Ja, dat was altijd wel een dingetje”, beaamt Jeffrey. Vanuit de bosjes konden NEC-supporters de bussen bekogelen. “En dat gebeurde vroeger regelmatig, toen kon er sowieso nog veel meer. Ach, het hoorde er een beetje bij. Daarom heeft de harde kern van NEC ook de bijnaam ‘de Bosjesmannen’ gekregen.”

Eén keer escaleerde dat helemaal, herinnert Jeffrey zich nog, uiteraard in de thuiswedstrijd tegen Vitesse. “Toen is er bij de politie echt alles fout gegaan wat er fout kon gaan. Alle ruiten van de bussen waren vanuit de bosjes rondom het stadion kapotgegooid, waardoor ze stil kwamen te staan, net buiten De Goffert. Daar zijn zijn ze toen bestormd, waardoor ze naar het politiebureau in Nijmegen zijn gebracht. Dat was niet zo slim, want daar zijn ze nogmaals te grazen genomen. Vitesse is toen letterlijk de stad uit gejaagd.”


Gelukkig is het, zij het vanwege de flink toegenomen politie-inzet, de laatste jaren rustiger geworden rondom De Goffert. Toch zijn er ook genoeg dingen die onveranderd blijven, zoals de vis- en frietkraam op het plein voor het stadion en bijvoorbeeld de nostalgische stadionklok, geërfd uit de oude Goffert, die zowel boven de Hazenkamppoort als in de vorm van een tatoeage op de rechterbovenarm van Jeffrey siert. “Het zijn allemaal dingen die De Goffert speciaal maken, dus die moet je ook echt behouden”, vertelt hij. “En het is ook een beetje dat de supporters zichzelf afzetten tegen commercie. Hoe zeggen ze dat ook alweer? Als je maar lang genoeg gewoon blijft, word je vanzelf bijzonder? Nou, volgens mij geldt dat ook voor De Goffert.”

Foto’s: fpv video