Gori is een weinig bijzonder plaatsje in het noorden van Georgië. Er staat een ruïne van een fort uit de dertiende eeuw en dat was het wel zo’n beetje. Totdat in 1878 ene Ioseb Jughashvili werd geboren in het stadje. Jughashvili veranderde zijn naam later in Stalin en zelfs nu, decennia na zijn dood, draait alles in Gori nog om deze dictator. Zelfs bij Dila Gori, de lokale voetbalclub. Die is namelijk vernoemd naar een gedicht van Stalin.

Voor een vrij nietszeggende plaats trekt Gori veel toeristen. Allemaal komen ze voor één ding: het Stalinmuseum, dat midden in het centrum van Gori staat. Het is een bombastisch gebouw. Voor dat museum staat een klein huisje waar een soort sarcofaag overheen is gezet. Dat is de plek waar Stalin is geboren en opgegroeid. Volgens goede communistische traditie moet het laten zien dat Stalin van eenvoudige komaf was. Alle huizen die er ooit omheen stonden, zijn gesloopt om plaats te maken voor de sarcofaag en het museum. Het ligt ook aan de Stalinstraat. Voor het museum staat een groot standbeeld van de bekendste zoon van Gori.


Dat museum zelf is overigens meer een eerbetoon aan Stalin dan een echt museum. Overal hangen portretten van de dictator over hoe heldhaftig Jughashvili wel niet was. Dat de Sovjets tot 1941 samenwerkten met de nazi’s, zie je nergens terug. Net zoals mannen als Trotski, Yezhov en Beria op geen enkele foto te vinden zijn. In de vreemdste kamer is in het midden het doodsmasker van Stalin te bewonderen. Het lijkt bijna een soort tempel. Daarachter is een ruimte waarin alle geschenken te zien zijn die Stalin ooit heeft gekregen, zoals klompjes van de Nederlandse CPN en een vogel voor Giuseppe Stalin van Italiaanse vrouwen. Achter een vitrine staat ook een vaas met de naam ‘Dila’ met daarop een jonge Stalin. De dictator schreef namelijk gedichten in zijn tienerjaren en Dila beschouwde hij als zijn beste gedicht.

Dila
The pinkish bud has opened,
Rushing to the pale-blue violet.
And, stirred by a light breeze,
the lily of the valley has bent over the grass.

Dila betekent ‘ochtend’. Stalin schreef het in Gori, terwijl hij door de natuur rondom de stad wandelde.

Toen in 1949 een aantal jongens een voetbalclub begonnen, besloten ze die ter ere van hun beroemde stadsgenoot Dila Gori te noemen. Stalin zelf had weinig met voetbal en heeft nooit een wedstrijd van de club gevinckt. Nadat de dictator in 1953 stierf, volgde Nikita Chroesjtsjov hem op. Die leidde een destalinisatie in. Het lijk van Stalin werd herbegraven en overal werden verwijzingen naar de dictator verwijderd. Standbeelden gingen plat, plaatsnamen werd gewijzigd en zelfs zijn naam als auteur bij het gedicht ‘Dila’ (dat in alle Sovjet-schoolboeken stond) werd verwijderd.

Alleen in Gori bleef de Stalincultus bestaan. Het is vandaag de dag een van de weinige plekken waar nog standbeelden van Stalin te vinden zijn en de naam van de lokale voetbalclub is nooit gewijzigd.

Dila Gori was jarenlang een onbeduidende club die in de lagere divisies van de Sovjet-Unie speelde. Sinds Georgië onafhankelijk is, speelt het meestal op het hoogste niveau. In 2012 won Dila Gori de beker en in 2015 werd de eerste landstitel gewonnen. De club speelt de laatste jaren vaak Europees voetbal en deze zomer is het Tengiz Burjanadze Stadium flink opgeknapt vanwege het EK U19.

Ik merk dat het toernooi flink indruk heeft gemaakt, want als ik in Gori aankom, zie ik overal nog posters van het toernooi hangen. Rondom het stadion ligt een pretpark, maar dat heeft z’n beste tijd gehad. Veel attracties zijn verroest of vallen uit elkaar. In het park staat ook een standbeeld van Stalin die fier naar een van de lichtmasten van het stadion kijkt.

Ik heb ’s avonds afgesproken met Giorgi Biganashvili. Hij is de mediaman van de club en heeft mij uitgenodigd voor Dila Gori – Kolkheti, een degradatiekraker in de competitie. Er zitten zo’n tweeduizend man, uitverkocht is het dus niet. Biganashvili: “Als wij tegen Dinamo Tbilisi spelen, is het stadion altijd vol. Maakt niet uit waar we staan op de ranglijst. Dat is nog altijd de grootste club van Georgië, ondanks dat het eigenlijk ook niet heel veel meer voorstelt. Als zij thuisspelen, zit er een paar honderd man in dat gigantische stadion. Hier zitten er veel meer. Tbilisi is ook geen echte voetbalstad. In Gori is weinig te doen, dus mensen hechten zich erg aan de club. Voetbal leeft hier daarom veel meer. De bond laat de jeugdinterlands vaak hier spelen, omdat het publiek fanatieker is dan in Tbilisi.”

Als ik de opstellingen bekijk, valt het mij op dat er relatief weinig Georgiërs meespelen. Vreemd, want Georgië is een land met een rijke voetbaltraditie. Biganashvili: “Er zit hier wel een maximum aan het aantal buitenlanders dat je onder contract mag hebben. Het zijn er zeven per club, maar zoals je ziet zijn dat ook bijna allemaal basisspelers. De bond is nu bezig met een vierjarenplan om meer Georgische talenten voort te brengen. Er wordt veel meer geïnvesteerd in voetbalscholen en jeugdopleidingen. Het eerste jaar is net voorbij, maar ik denk dat je uiteindelijk wel meer Georgiërs in de basis zal zien. Dat wil het publiek ook. Als er iemand uit Gori in de basis staat, wordt die altijd harder toegejuicht dan iemand van buitenaf. Mensen hier zijn heel trots op lokale jongens, dat merk je ook met Stalin die hier nog altijd geliefd is.”

Dat wil ik checken en dus ga ik de tribune op. De jongeren staan wat neutraal tegenover Stalin. Ze vinden het mooi dat hij in Gori is geboren, maar met het communisme en Stalin als persoon hebben ze minder. Wel zouden ze fel tegenstander zijn als de club het prefix ‘Dila’ zou veranderen. Dat hoort bij hun club.

Bij de oudere garde is Stalin een stuk populairder. Ene Zurab vindt dat Stalin onterecht gedemoniseerd wordt. “Zonder Stalin spraken jullie in het Westen nu Duits. Hij was misschien niet de makkelijkste man, maar heeft van de Sovjet-Unie een wereldmacht gemaakt. De machtigste Georgiër ooit en die kwam gewoon hier uit Gori. Dat maakte wel indruk toen ik jong was. Ik vind het daarom een prachtig eerbetoon dat onze club is vernoemd naar een gedicht van hem.”