voskamp_staantribuneZo’n drieënhalf jaar geleden werd ik wekenlang gestalkt door een man. Ik kreeg vage e-mailtjes van hem en elke dag stuurde hij me een of meer WhatsApp-berichten. Het was geen vies mannetje met een lange regenjas, integendeel. Hij zag er gesoigneerd uit en had een dikke Audi A6 onder zijn kont. Zijn naam? Frank S., mijn zaakwaarnemer toen ik bij Sparta speelde en topscorer werd van de Jupiler League.

Als ik Frank moet geloven, is op bijna elk continent de naam Johan Voskamp wel eens gevallen. Zelfs een club aan de andere kant van de wereld was ooit in mij geïnteresseerd. Sydney FC wilde mij in 2010 dolgraag hebben en deed me per e-mail een aanbod. Na uitvoerig overleg met de grote baas (lees: mevrouw Voskamp) besloten we het avontuur Down Under aan te gaan. Totdat de deal een paar dagen later werd afgeblazen door toenmalig technisch directeur Edwin Lugt. Bij nader inzien zochten ze toch een ander type spits. Tja, aparte gang van zaken.


Maar goed, in juli 2011 kwam mijn buitenlandse avontuur er dan toch. De eerste oefenwedstrijd van het seizoen 2011-2012 stond op het programma: Antibarbari–Sparta Rotterdam. Terwijl ik aan een sportmaaltijd zat in het spelershome, kreeg ik een sms’je.

“Een club heeft concrete interesse in je en kan de afkoopsom betalen. Nadere informatie volgt. Groet, Frank.”

Ondanks de 0-12 overwinning was ik niet helemaal scherp tegen de Rotterdamse studenten. Het maalde maar in m’n kop. Ga ik goals maken in mijn droomland Engeland voor pak ‘m beet Wolverhampton Wanderers? Dans ik straks na een intikker de sirtaki op een Grieks vakantie-eiland of ga ik Dagobertje Duck spelen in een of ander olieland? Ik belde Frank direct na de wedstrijd op. M’n halsslagader bonkte en ik voelde dat ik zweethanden had.

“Vossie, de club is… Śląąąąssssk Wrocławw- ww!”

Euhm, Śląsk hoe?

De nummer twee van Polen, dat land naast Duitsland. Grijs, grauw en communistisch. Lewandowski en Podolski. Robert Maaskant, bij Wisła Kraków. Veel verder kwam ik niet. De stad Wrocław? Nog nooit van gehoord!

Bij Sparta was ik gelukkig. Een mooie club met de ambitie snel terug te keren naar de Eredivisie. Het was een goed huwelijk. Twijfel maakte zich van me meester. Totdat ik de bijlage in mijn e-mail opende met daarin het contractvoorstel. Het was alsof Scarlett Johansson langskwam en me al heupwiegend probeerde te verleiden. Ik heb monogamie hoog in het vaandel staan, maar er zijn grenzen.

Ik zwichtte voor de Poolse Scarlett en heb twee enerverende jaren met haar beleefd. In het begin verzorgde ze me goed. We verkenden het land en maakten leuke tripjes naar het buitenland. Maar later kwam de klad erin. Ze wilde van me af. En ik eigenlijk ook van haar. Het was mooi geweest. Ik keerde terug naar mijn ex. Wonderbaarlijk genoeg werd ik met open armen ontvangen. Het is fijn. Vertrouwd. Tot in lengte van jaren blijf ik bij haar. Niemand komt meer tussen ons. Behalve als Frank S. ineens de wulpse Katja Schuurman voor m’n deur afzet.

Johan Voskamp
Sparta Rotterdam

Deze column staat ook in het 0-nummer van Staantribune.