Matchfixing bij Willem II? Interessant voor Nederland misschien, maar vrijwel niemand in Italië heeft het daarover. Het onthullende onderzoek van de Volkskrant haalde niet eens de kolommen van Gazzetta dello Sport. En ook niet van Corriere della Sera of la Repubblica. Dat is niet zo verwonderlijk in een land dat al een paar van dergelijke – en qua omvang nog veel grotere – schandalen achter de rug heeft en waar beschuldigingen van omkoping en matchfixing bijna wekelijks over tafel en toog vliegen.IMG_9150Tijdens Sampdoria-Palermo afgelopen zondag werd deze zuivere goal van Palermo-speler Michel Morganella niet toegekend door de scheidsrechter. Let op de positie van de lijnrechter!

Al sinds mensenheugenis klagen supporters en kranten dat het een aard heeft. Voorzitters, trainers en spelers doen driftig mee. Dat hoort bij de Italiaanse voetbalcultuur. Vooral Juventus moet het de laatste jaren ontgelden. Die club, zeggen talloze criticasters, krijgt om de haverklap de helpende hand toegestoken van het scheidsrechterskorps. Het is Totti die de knuppel dit seizoen in het hoenderhok gooide, na een nederlaag van zijn AS Roma tegen Juventus, mede door een paar, ook voor de neutrale buitenwacht, wel zeer dubieuze arbitrale beslissingen. “Ze winnen altijd op dezelfde manier, ze zouden een apart kampioenschap moeten afwerken. Ik hou de fans niet voor de gek door ze de scudetto, het kampioenschap, te beloven. Want zo kunnen we niet winnen, wij zullen opnieuw tweede worden.”


Emma Winter Agnelli, de vrouw van Juventus-eigenaar Andrea Agnelli, antwoordde kort maar krachtig met een tweet: Emma

En zo gaat het bijna week in week uit. Wie verliest heeft wat te klagen over de arbiter. De laatste grote beschuldiging dateert van begin deze maand. ‘De Oude Dame’ won uit van Napoli(1-3), aan de voet van de Vesuvius, onder meer door een overduidelijk buitenspeldoelpunt. Dat verleidde de voorzitter van de ambitieuze club uit het zuiden, Aurelio di Laurentiis, tot een paar woedende tweets. “We zijn het zat. Juve is een sterke ploeg, maar als die ook nog hulp krijgt van de scheidsrechters, wordt de ploeg onverslaanbaar.”

Helemaal geen rare opmerking van zijn voorzitter, hoor, reageerde trainer Rafael Benitez. Hoezo polemieken? “Vandaag de dag hebben we dankzij internet de mogelijkheid om na te gaan wat daar allemaal in het verleden over is gezegd. Je hoeft maar een paar sleutelwoorden in te tikken: Buffon, scheidsrechters en Parma, of Allegri, Muntari en Milan. Wij zijn niet van gisteren.”

Een slimme en subtiele opmerking van de Spaanse oefenmeester, die zijn kennis van het calcio italiano duidelijk via het internet heeft bijgespijkerd, sinds hij twee jaar geleden neerstreek in de havenstad. Wie die namen en sleutelwoorden intikt, leest snel wat Benitez bedoelt. Gigi Buffon is al jaren keeper van Juventus, maar ooit, in 1997, toen nog het doel van Parma verdedigend, liet hij zich na een wedstrijd tegen Juventus ontvallen dat de scheidsrechter wel erg in het voordeel van de favoriet floot. En de huidige trainer van Juventus, Massimiliano Allegri, liet zich vijftien jaar later in soortgelijke bewoordingen uit, nadat de arbiter het had vertikt een goal van Sulley Muntari van zijn AC Milan goed te keuren, hoewel Juventus-doelman Buffon de bal een meter achter de doellijn pas te pakken kreeg. Kortom, Benitez bedoelt dat Juve zelf ook donders goed weet hoe de vork in steel steekt.foto

En zo gaat het maar door, week in week uit krijgen Juventus en de arbiters de wind van voren. De club wordt soms gekscherend Rubentus genoemd (rubare is het Italiaanse woord voor beroven). Maar ach, zo hoort dat in Italië, zegt columnist Federico Malerba in GQItalia. “We hoeven er ons niet voor te schamen, wij Italianen hebben altijd op deze manier van het voetbal genoten. Kunnen we niet langer de beste voetballers van de wereld hebben? Laat ons dan tenminste de polemieken. Geef ons iets terug waar we de hele week over kunnen praten in onze virtuele en in onze echte bars!”Mafia rubentina

Zijn collega Simone Viscardi, van Sportcafe24, houdt er toch een andere mening op na. “Het is weer eens zover. Daar heb je ze weer, de mensen die gewoontegetrouw in complottheorieën denken, theorieën die altijd weer op komen zetten als Juventus weer eens een keer heeft gewonnen door vermeend falen van de arbiters. Rode draad in alle klachten is de bij de fans zo geliefde mantra: “Onze scheidsrechters kunnen er niks van.”

Maar in het buitenland denken ze daar toch anders over, zegt hij. De statistieken spreken wat dat betreft voor zich. Vanaf 2000 zijn het juist de Italiaanse scheidsrechters die het vaakst worden uitgekozen om de finales van de belangrijkste voetbalwedstrijden ter wereld te fluiten. Om precies te zijn acht keer. Van Braschi die de finale van de Champions League leidde in 2000 tot Rizzoli die datzelfde afgelopen zomer deed. Ter vergelijking: in diezelfde periode leidden zes Duitsers een finale, vijf Nederlanders en vijf Engelsen.

“Bij ons worden ze bekritiseerd en wordt er laatdunkend over ze gedaan. Maar in de rest van de wereld worden ze gewaardeerd en geprezen. Kan het zo zijn dat al die anderen zich vergissen?” Nee, concludeert Viscardi. Dat arbiters in Italië dikwijls de gebeten hond zijn, heeft maar één reden: “De complete afwezigheid van zelfs ook maar een greintje sportiviteit in ons land. Dit komt door het typisch Italiaanse onvermogen om een nederlaag als integraal onderdeel van de sport te zien. In combinatie met de sterke neiging om overal een zondebok voor aan te wijzen.”

Andrea di Monaco
Italië-correspondent Staantribune