Vanaf deze maand schrijft voetbalnomade/keeper André Krul een maandelijkse column voor Staantribune. Na een half jaar onder trainer Pieter Huistra voor het Japanse Iwaki FC te hebben gespeeld en een jaar bij SV Spakenburg, stapte Krul begin 2018 weer in het vliegtuig om aan de slag te gaan bij het Australische Preston Lions FC.

Na een voorbereiding van ruim twee maanden staat eindelijk de eerste competitiewedstrijd in Australië op het programma. Tegenstander: het nietige Banyule City SC. Als de noemer ‘altijd lastig’ op iets van toepassing is, dan is het wel op Banyule. De club uit de staat Victoria speelt zijn thuiswedstrijden op een hobbelig, zanderig en bijzonder klein veld. De keuken van een gemiddeld huishouden is groter dan de kleedkamer en tribunes zijn er niet. Tot overmaat van ramp heeft het ook nog de hele ochtend geregend – de eerste regen die in Melbourne gevallen is in ongeveer een maand tijd – waardoor het veld, met name aan de zijkanten, veranderd is in een soort modderpoel. Kortom: lastige omstandigheden om een goede wedstrijd te spelen.

In de ochtend vroeg ik me nog af of de wedstrijd wel door zou gaan, omdat de Australische velden niet berekend zijn op hevige regenval, maar tegelijkertijd realiseerde ik me dat hier de wedstrijden altíjd doorgaan. Op het niveau waarop wij spelen, wordt nauwelijks aandacht geschonken aan de velden en dus zijn vrijwel alle matten in een belabberde staat. Het maakt dan ook niet uit of het veld, vanwege de regen én het fysieke spel, helemaal naar de vernieling wordt geholpen: veel slechter is nauwelijks mogelijk.

Voor nu komt dat mooi uit. Als ‘voetballende groundhopper’ van beroep ben ik voornamelijk voor het avontuur, de levenservaring en de liefde voor het voetbal naar Australië gekomen en keek ik, vanwege de nieuwe ervaringen die ‘Banyule-uit’ mij zou brengen, uit naar de opening van de competitie. Maar ik moet toegeven dat hier nog een andere reden voor was: het geld. In Australië betalen vrijwel alle clubs die lager spelen dan de A-league de spelers alleen voor de gespeelde competitiewedstrijden. Na een investering van enige maanden is het dus ook heerlijk om eindelijk wat geld te gaan verdienen.

Na een onwennige eerste helft, met weinig hoogtepunten, konden we de kleedkamers opzoeken met een 0-0 ruststand. Daar aangekomen werden we verwelkomd door een donderspeech van coach Louie Acevski. Zijn boodschap was helder: in de tweede helft moest er aanvallender worden gespeeld en met meer druk naar voren om de openingstreffer te forceren. Als een van de titelfavorieten konden we geen genoegen nemen met een gelijkspel tegen een team dat waarschijnlijk in de onderste regionen zal meedoen.

Na een aantal goede mogelijkheden was het de net ingevallen Engels-Ghanese spits Glenn Gabriel die in de zestigste minuut voor de 1-0 zorgde. Een bijzonder moment, aangezien Glenn, die bij mij in huis is komen wonen, pas de dag voor de wedstrijd voet op Australische bodem zette. Omdat onze spits uit Wales een week voor de seizoensouverture vertrok, werd de club met een acuut spitsenprobleem opgezadeld. Uiteindelijk werd via de connecties van Acevski de bonkige, maar ijzersterke Glenn Gabriel uit de hoge hoed getoverd.

In Nederland is veel kritiek op het sluiten van de deadline na de start van de competitie, maar hier is het nog vreemder. Spelers in de State Leagues kunnen op elk moment vertrekken naar andere State League-clubs. Hierdoor zijn er continu wisselingen in de selectie en ergens is dat ook logisch. Wanneer een speler niet speelt, krijgt hij dus ook niet betaald. En wanneer iemand ergens anders wel kan spelen en betaald kan krijgen, is voor sommige jongens de keuze snel gemaakt.

Terug naar de wedstrijd. Na een rode kaart in de zeventigste minuut van mijn Engelse huisgenoot Sam Dowridge (met Glenn en de Japanner Shuhei Hasegawa wonen we met zijn vieren in een huis van de club) nam de druk op onze defensie meer en meer toe. Uiteindelijk capituleerden we in blessuretijd, waarin Banyule uit een wel heel gemakkelijk gegeven strafschop de 1-1 eindstand bepaalde.

Omdat we gekomen waren voor de drie punten en pas in blessuretijd de tegentreffer te verwerken kregen, zochten we de kleedkamer op met een kater. Snel douchen, omkleden en naar huis, zou je zeggen. Maar dat zat er niet helemaal in. Omdat er op het hele complex van Banyule maar één doucheruimte is, moesten we deze delen met de tegenstander, waardoor er slechts vier douches voor ongeveer dertig spelers beschikbaar waren. Een grote chaos dus. Maar ik moet zeggen dat het ook weer een nieuwe en bijzondere ervaring was om onder de douche de wedstrijd met de tegenstanders na te bespreken. En al met al is dát uiteindelijk de voornaamste reden waarom ik naar Australië ben gekomen.

André Krul

 

Wie is Andre Krul?
Andre Krul is zijn voetballeven begonnen bij GSV in het Noord-Hollandse Grootschermer, op een steenworp afstand van Alkmaar. Na enkele jaren in de jeugdopleiding van AZ en het Alkmaarse AFC’34 vertrok hij op zijn achttiende naar FC Utrecht. Daar kwam Krul niet verder dan een rol als reservekeeper achter Michel Vorm. Hij besloot om speelminuten te maken in de Jupiler League, waar hij op huurbasis voor achtereenvolgens Telstar, Sparta en AGOVV uitkwam. Nadat zijn contract bij Utrecht was afgelopen en niet werd verlengd, begon Krul aan een opmerkelijke voetbalreis die hem naar de meest exotische en uiteenlopende oorden bracht.

Die reis begon op Malta, waar hij in de Champions League-voorronde voor Valletta FC speelde. Na deze wedstrijden tekende Krul, als eerste Nederlandse speler ooit, een contract in Colombia, bij Boyaca Chico. Dit avontuur eindige anderhalf jaar later, waarop de doelman even terugkeerde naar Nederland om voor FC Groningen te spelen. Na het hoge noorden volgde een volgende exotische bestemming: Bayamon FC op Puerto Rico. Na slechts één gespeelde wedstrijd voor de CONCACAF Champions League in het immense Azteka Stadion tegen Club America uit Mexico, werd Krul vanwege visumproblemen het land uitgezet. Hierna volgde een periode zonder club, maar in de winter van 2014 tekende Krul een contract bij het Belgische KV Turnhout. Hij werkte in de zomer van 2014 een geslaagde stage af bij het Zuid-Afrikaanse Polokwane City, maar zag om duistere redenen een transfer afketsen, wat hem uiteindelijk terug naar Nederland dreef, waar hij voor een jaar bij Cambuur Leeuwarden tekende. Na een half jaar onder trainer Pieter Huistra voor het ambitieuze Iwaki FC in Japan te hebben gespeeld en een jaar bij SV Spakenburg, stapte Krul begin 2018 weer in het vliegtuig om aan de slag te gaan bij het Australische Preston Lions FC.

Preston Lions FC 
Preston Lions FC is een in 1947 opgerichte club uit Melbourne en speelde van 1981 tot 1993 in de National Soccer League, op dat moment het hoogste niveau van Australië. Na een aantal degradaties is de club afgezakt naar State League 1, het vierde niveau. Het doel van dit seizoen is om kampioen te worden en te promoveren naar de NPL 2. 

Opzet competitie
De competitie bestaat uit twaalf teams die in het seizoen twee keer tegen elkaar spelen. Alleen de kampioen promoveert. In Australië is de A-league de enige landelijke competitie. Daaronder zijn de competities regionaal ingedeeld, waarvan de competities in New South Wales (de staat waarin Sydney ligt) en Victoria (Melbourne) de sterkste zijn. Het hoogste regionale niveau is de NPL1, waarna de NPL2 en de State Leagues volgen. De State Leagues zijn opgebouwd van Division 1 tot Division 8. Opvallend is dat er geen promotie-/degradatieregeling is tussen de A-league en de NPL. Een ander opvallend feit is dat clubs in de A-league en NPL met slechts twee zogeheten visa-players mogen spelen en dat er in de State Leagues geen regels zijn voor het aantal buitenlanders. Als Preston Lions dit seizoen kampioen wordt, zal de club dus van negen van de elf buitenlandse selectiespelers afscheid moeten nemen.