Het verrassingseffect van Wales wordt met de wedstrijd minder groot. Inmiddels is wel duidelijk dat het team niet louter afhankelijk is van vedette Gareth Bale. Het heeft voldoende spelers in de selectie om het ieder land moeilijk te kunnen maken. Of zelfs te verslaan. In de opportunistische voetbalwereld regeert de waan van de dag. Want wie herinnert zich nog de tijd dat Wales niet veel hoger werd aangeslagen dan tegenwoordig Litouwen of Estland?

In 1999 was dat nog de status quo. Kleine Bale moest nog tien jaar worden, toen begin juni van dat jaar de wedstrijd Italië – Wales op het programma stond in mijn toenmalige woonplaats Bologna. Internet stond nog in de kinderschoenen, dus ik moest zelf naar een sigarenwinkel lopen om drie fraai bedrukte tickets te regelen. De uitbater was duidelijk niet onder de indruk van het affiche. Op mijn vraag of er nog voldoende kaartjes verkrijgbaar waren, keek hij me met een spottend lachje aan. “Giocare in casa col Galles sicuramente sara una vittoria per noi, allora che bisogno c’e di andare allo stadio?” (“Waarom gaan kijken als je vooraf al weet wat de uitkomst zal zijn?”) Ik liet me er niet door weerhouden.


Op de dag van de wedstrijd liep ik met mijn vrienden Bram en Fabienne nietsvermoedend door de zonovergoten stad. Het was bloedheet en de kater die we de avond ervoor hadden opgelopen in de plaatselijke disco, verhinderde al te veel actie aan onze zijde. Op de terugweg naar huis kwamen we langs het centrale plein, Piazza Maggiore, en de aanblik ervan zal ik niet snel vergeten. Waar normaliter mensen op zaterdag een beetje op en om het plein kuierden, was het nu het toneel geworden van driftig voetballende jongemannen. Wales-fans met ontblote lichamen, de meeste al roodverbrand als een kreeft, die als malloten achter een bal aan renden.

Omdat er met meerdere ballen tegelijkertijd werd gespeeld, was het één grote chaos. Een paar carabinieri keken toe en aan hun zuinige glimlach te zien, was er niet zo veel aan de hand. Ja, er werd gejoeld en geschreeuwd en soms kwam een ongecontroleerd schot akelig dicht bij de omliggende winkelruiten, maar effectief gebeurde er niets dat onmiddellijk ingrijpen vereiste. Op terrassen, waar drankjes doorgaans voor de hoofdprijs over de toog gingen, werden met weidse gebaren de grootst mogelijke bieren besteld, leeggedronken en als benzine gebruikt voor een nieuwe invalbeurt. Bier en zon in overvloed, en er waren nog ettelijke uren te gaan voordat de wedstrijd zou beginnen. De meest bezongen held was natuurlijk Ryan Giggs, die enkele weken eerder nog met Manchester United de Champions League had gewonnen. Kon hij de voorspelling van de sigarenboer logenstraffen?

Eenmaal in het stadion bleek dat we dichtbij het uitvak zaten. Het stadion was verre van uitverkocht. De blote basten waren inmiddels nauwelijks van hun nationale shirts te onderscheiden. Het meest in het oog sprong echter hun niet aflatende enthousiasme. In wat op een soort eeuwig durende polonaise leek, werd onophoudelijk en onverstaanbaar gezongen, soms minutenlang met de ruggen massaal naar het veld gekeerd. De treffers van Italië werden niet opgemerkt of voor kennisgeving aangenomen.

Wij moesten onze aandacht verdelen tussen een goed spelend Italiaans team – met illustere namen als Vieri, Cannavaro, Maldini, Conte en Inzaghi in de basis – en de aanblik van onze buren. In het doel van Italië stond een jongeman over wie het gerucht ging dat hij wel eens de nieuwe Zoff, destijds bondscoach, kon worden. Ik had nog nooit van hem gehoord. Buffon heette hij, een 21-jarige knaap die nauwelijks in actie hoefde te komen. Het kat-en-muisspel stokte bij een 4-0 score.

Van een echte wedstrijd was geen moment sprake geweest in het Stadio Renato Dall’Ara. Na het laatste fluitsignaal werd het feest compleet toen de spelers van Wales naar hun supporters liepen en werden getrakteerd op een oorverdovend applaus, iets waar ik toen niets van begreep.

In 2016 is echter alles anders. Conte is inmiddels als coach van Italië uitgeschakeld op het EK, net als zijn doelman Buffon, die zijn voorganger Zoff op veel vlakken heeft overtroffen. Nu heet de grote held van Wales Gareth Bale, inmiddels wereldster bij Real Madrid, en loopt het enthousiasme van de supporters wel in de pas met het scorebord. En worden de rode tribunes vooral veroorzaakt door de kleur van hun shirts die met meer gerechtvaardigde trots dan ooit worden gedragen. Want verlies hoeft niet meer ingecalculeerd te worden. Sterker nog, op een goede dag kan Wales op dit EK iedereen verslaan. Zowel binnen de lijnen als op de tribunes.