Voor de nieuwe Staantribune, te koop bij meer dan duizend verkooppunten, schreef Ajacied Menno Pot over Abdelhak Nouri, een jaar na het drama. Een voorproefje:

Terug naar april 2017. Mijn Amerikaanse vriend Jim McGough was weer eens in Amsterdam. Jim werd in 1992 verliefd op Ajax en is sindsdien toegewijd Ajacied. Hij runde van 1994 tot 2007 de Engelstalige fansite Ajax USA, waarvoor ik eind jaren negentig stukjes ging schrijven.

Elk jaar organiseerden we een Ajax USA-reis naar Amsterdam. De club ontving ons altijd warm. Jim leerde het kantoorpersoneel kennen. Een logische stap dus om op 12 april 2017 even langs te gaan op de Ajax-kantoren. Bakkie koffie. Even bijpraten.

’s Avonds bracht Jim verslag aan me uit over zijn bezoek. Hij vertelde onder meer over een innemende stagiaire die hij bij Ajax Media tegen het lijf was gelopen: een jeugdspeler nota bene, een little guy die door de gangen liep met een kleine, draaiende camera, geintjes maakte, met iedereen babbelde en met een knipoog koffie ging halen voor alle medewerkers, omdat stagiaires dat doen.

“Friendly, funny kid”, zei Jim. Een Marokkaan. Jim schatte hem een jaar of vijftien.
“Wat is het toch leuk dat de afstand tussen jeugdspelers en het ‘bedrijf’ bij Ajax zo klein is.” Ik wist niet over welke jeugdspeler hij het had, maar een kleine week later verscheen op Ajax TV aflevering 1 van de reportagereeks Appie loopt stage. Het was dus Abdelhak Nouri geweest. Appie. Die was ik ook weleens tegen het lijf gelopen bij de club: zo’n joch dat tegen iedereen onbevangen begon te praten.

Het was dus geen ‘jeugdspeler’ geweest, maar een fullprof die namens Jong Ajax op weg was de beste speler van de eerste divisie te worden en al regelmatig bij de A-selectie zat. Geen ‘jaar of vijftien’, maar bijna twintig, een niet geheel onbegrijpelijke inschattingsfout van Jim, gezien Appies lengte, postuur en guitige oogopslag.

Die Appie loopt stage-filmpjes zijn veel vertoond na het drama in juli, omdat ze zo charmant en veelzeggend zijn. Het lukt me nog altijd niet de beelden te bekijken zonder geëmotioneerd te raken, in de huiveringwekkende wetenschap dat de ontwapenend kwetterende jongen, die daar iedereen om zijn vinger windt en ook nog blijk geeft van komisch televisietalent, nog geen drie maanden later in elkaar zou zakken tijdens een oefenwedstrijd in Oostenrijk en nooit meer zal voetballen.

Lees het hele artikel in Staantribune #19. Hier een voorproefje in elf seconden:

In deze editie een speciaal ‘Dossier Fortuna Sittard’, vanwege het vijftigjarig bestaan van de Limburgers. Hierin onder meer een interview met oud-spits John Linford, die tegenwoordig eigenaar is van een pub in zijn geboorteplaats Norwich, een fotoverhaal over De Baandert en een uitgebreid artikel van redacteur én Fortuna-supporter Martijn Schwillens over de terugkeer naar de eredivisie en de lange weg daarnaartoe.

Ook brengen we in dit magazine onder meer een eerbetoon aan het Stripfigurenelftal van Feyenoord, dat met markante figuren als József Kiprich, John de Wolf en Ed de Goeij 25 jaar geleden landskampioen werd.

Verder onder meer:

  • Fotoreportage laatste thuiswedstrijd Ludo Coeckstadion (Berchem Sport)
  • De derby van Kosovo
  • Interview met Sjaak Polak
  • De kabouterverzamelaar
  • Achtergrondverhaal Deportivo La Coruña
  • De stand van zaken rondom uitsupporters/uitwedstrijden

Met uniek fotomateriaal van onder meer Marco Magielse en Stuart Roy Clarke. De schitterende Fortuna-cover met het iconische LU-shirt is ontworpen door onze illustrator Emilio Sansolini, die ook de fraaie achterzijde van het magazine maakte.

Foto header: Pro Shots/Stanley Gontha