Wegens succes zijn de Italiëweken nog even verlengd! Vandaag documentairemaker én Fiorentina-fan Frederick Mansell over zijn favoriete speler.

“Toen Baggio stopte met voetballen, stopten ook de zondagen.” Het is een populaire regel uit het lied Marmellata 25 van zanger Cesare Cremonini. Voor de Fiorentina-fans stopten de zondagen veertien jaar eerder, in de zomer van 1990. Toen vertrok hun idool Roberto Baggio naar de aartsrivaal. Maar Baggio kwam terug voor een laatste saluut.

In Caldogno (Veneto), de streek van de Valpolicella-wijnen, wordt op 18 februari 1967 Roberto Baggio geboren. Al snel blijkt de Noord-Italiaan een ongekend voetbaltalent te bezitten. Dat valt ook tweededivisieclub Vicenza op. De club speelt in Stadio Menti, nog geen tien kilometer van Baggio’s geboortedorp. Tot 1985 speelt de jonge Baggio voor de Biancorossi van Vicenza, waarna hij wordt overgenomen door Fiorentina.

In Florence bereikt Baggio vanwege zijn haardracht, passeerbewegingen en onnavolgbare goals al snel een cultstatus. Il divin codino (het goddelijke staartje) is de absolute publiekslieveling van de Florentijnen die hem liefkozend het kind van Florence noemen. Met Baggio in de ploeg kon elk team kampioen worden. Zo dacht men ook in de Toscaanse hoofdstad. Baggio zou la Viola, hun derde scudetto moeten bezorgen. De laatste titel dateert van 1969. 

In 1982 was Fiorentina er voor het laatst dichtbij, maar op de laatste speeldag wordt de titel verspeeld en werd aartsrivaal Juventus kampioen. Het kampioenschap van 1982 gaat de boeken in als de gestolen scudetto. Er hing een walm van corruptie om de overwinning van Juventus. Bij winst op de laatste speeldag zou Fiorentina namelijk kampioen zijn geworden. Het liep anders. Juventus wint op de laatste speeldag met 1-0 van Catanzaro door een benutte penalty. Catanzaro wordt ontegenzeggelijk een zuivere strafschop onthouden na een overtreding van Brio op de doorgebroken Borghi. Fiorentina speelt gelijk tegen Cagliari, nadat er een Fiorentina-doelpunt onterecht wordt afgekeurd door scheidsrechter Mattei. Wanneer de leidsman na afloop wordt gevraagd waarom hij het doelpunt afkeurde, stamelde hij: “Fallo di confusione”, een overtreding door verwarring. Het zijn legendarische woorden. Telkens wanneer een tegenstander van Juventus wordt benadeeld door een scheidsrechter, hoort men in het stadion de oudere supporters roepen: “Fallo di confusione!”

Jaren later komt scheidsrechter Mattei de toenmalige Fiorentina-voorzitter Pontello tegen in een restaurant in Le Marche. De Florentijn is benieuwd naar wat er gebeurde tijdens die allesbeslissende wedstrijd in Cagliari. Mattei antwoordt niet, maar begint te huilen. Later zegt Mattei in een interview dat hij het niet meer over die wedstrijd wil hebben: “Voglio vivere sereno”, iets in de trant van: laat me rustig m’n leven leiden. De scheidsrechter die de wedstrijd tussen Catanzaro en Juventus floot, Pieri, werd in 1987 voor het leven geschorst, nadat bleek dat hij geld had aangenomen van de preses van Palermo. Pieri is verder bekend van zijn dinertjes met Luciano Moggi, de spil in Calciopoli, het grootste omkoopschandaal dat Italië tot nu toe naar buiten heeft gebracht. De haat van de Florentijnen jegens Juventus wordt heviger en heviger sinds 1982. Juventus heet vanaf dat moment Rubentus, van het werkwoord rubare (stelen). Fiorentina-ster Giancarlo Antognoni riep in een interview: “Beter tweede dan een dief.”

Het kind van Florence, Roberto Baggio, moet ervoor zorgen dat de scudetto weer in Florence terechtkomt, en het liefst ten koste van Juventus. De druk is enorm, maar hij heeft veel krediet bij de supporters. Vijf jaar lang speelt Baggio in het paars van Fiorentina, maar de resultaten vallen tegen. Fiorentina wordt van 1985 tot en met 1990 achtereenvolgens vierde, tiende, achtste, zevende, en dertiende.

Op het WK van 1990 in Italië speelt Baggio de sterren van de hemel. Zijn doelpunt tegen Tsjecho-Slowakije, na een solo van eigen helft, wordt verkozen tot doelpunt van het toernooi. En dan meldt Juventus zich voor Baggio. Sterker nog, Juventus wil het allerhoogste bedrag uit de historie van het voetbal neerleggen voor Il divin codino: zeventien miljard lire, zo’n tien miljoen euro. Fiorentina-eigenaar Flavio Pontello buigt al snel voor het geld uit Turijn en verkoopt het kind van Florence aan de aartsrivaal. Dat gebeurt kort nadat Fiorentina de UEFA Cup-finale verliest. En u raadt al van wie: Juventus.

De verkoop van Baggio zorgt voor oorlog in Florence. Letterlijk. Twee dagen en nachten lang zijn er rellen door de hele stad. Er vallen vijftig gewonden en winkelruiten en auto’s sneuvelen in de protestmarsen van de woeste Florentijnen. Het spoor wordt bezet en snelwegen worden geblokkeerd, maar niets kan de transfer van Baggio stoppen. Baggio zelf is ook niet blij met de transfer en zegt in een interview: “Het is niet mijn keus, ik moest tekenen.” Bij de presentatie in Turijn weigert hij een Juventus-sjaal om te doen. Hij gooit het zwart-witte sjaaltje ontevreden de zaal in richting pers. “Mijn hart is paars”, zegt Baggio. Toch moet hij een zwart-wit shirt aantrekken. Wie betaalt, bepaalt.

Het is het seizoen 1990-1991 en Baggio speelt voor de zwart-witten uit Turijn. Op 6 april 1991 keert Roby Baggio terug in ‘zijn’ Florence, maar in het verkeerde shirt. De nacht voor de wedstrijd is het al onrustig in de stad en er staan op de wedstrijddag horden supporters langs de route om de Juventus-bus een warm welkom te geven. Overal staat politie. Uren voor de wedstrijd zit het stadion al vol, en er worden liederen gezongen die weinig vleiend zijn voor Juventus en oud-voorzitter Pontello. Hij is na de verkoop van Baggio een persona non grata geworden in Florence en mag zelfs het uitvak van het stadion niet meer in. De sfeer is om te snijden. Wanneer de spelers het veld op komen ontvouwt zich over de gehele Curva Fiesole, de bochtvormige tribune van de harde kern van Fiorentina, de skyline van Florence in het wit en paars. Baggio loopt ongemakkelijk het veld op en kijkt vooral naar de grond. Op de curva staan zijn beste vrienden, Maurizio en Dimitri. Vandaag hoeft hij niet op een warm onthaal van hen te rekenen.

De wedstrijd begint en Baggio staat in de basis. Wanneer Baggio de bal krijgt, weet het stadion niet goed wat ze ermee aan moeten: de helft fluit hem uit, een deel roept hem nare dingen toe, een ander deel houdt nog steeds van Roby. In de 41e minuut maakt Fuser de 1-0 voor Fiorentina. Het stadion ontploft. Dat gebeurt weer, wanneer de scheidsrechter fluit voor een penalty. Een penalty voor Juventus. Coach Maifredi roept naar Baggio: “Jij neemt!” Baggio loopt richting middenlijn en weigert. De Agostini mag het voor de zwart-witten proberen en mist de strafschop.

Coach Maifredi is witheet en wisselt Baggio. Het kind van Florence loopt direct naar de kant en geeft de ziedende Maifredi geen hand. Helse fluitconcerten vanaf de tribunes voor de verloren zoon en zijn nieuwe ploeg. Fiorentina-supporters gooien paarse sjaals en vlaggen op het veld wanneer Baggio naar de kant loopt. Baggio buigt zijn hoofd, hij bukt en raapt een sjaaltje op. Een Fiorentina-sjaal welteverstaan. Het fluitconcert wordt een applausje. Het applausje wordt een applaus, en zelfs een staande ovatie. Met Fiorentina-sjaal in de hand loopt Baggio voor de harde kern van Fiorentina de catacomben in. Hij zwaait nog eenmaal met de paarse sjaal naar zijn vrienden op de curva. Fiorentina wint de wedstrijd met 1-0 en vanaf dat moment weet iedereen: Baggio’s hart is paars. En zo begonnen de zondagen in Florence weer. Met Baggio’s laatste saluut.

Frederick Mansell