Voor Staantribune-lezer Jeroen Heijink kwam dit jaar een droom uit: een voetbalreis naar Argentinië. Met twee vrienden ging hij zes dagen naar het land van tango en fútbol. Hij zag zeven wedstrijden, onder meer van Boca Juniors en van River Plate. Deze week is het Argentinië Week op Staantribune.nl en in dat kader schreef Jeroen voor iedere dag een verhaal. Vandaag trappen we af met River Plate. Heb jij ook wedstrijden bezocht in Argentinië of een ander verhaal over Argentijns voetbal, over wedstrijden, spelers, trainers of supporters? Stuur het dan naar info@staantribune.nl. De mooiste verhalen en foto’s plaatsen we op deze website.

Ik kom uit de jaren tachtig en op het moment dat het mooiste spelletje ter wereld vat op mij kreeg, won het Nederland Elftal het EK. Ik voetbalde zelf uiteraard ook en draaide videobanden met wedstrijdbeelden van vroeger grijs. Elk weekend was het raak: als ik eerder wakker was dan mijn vader en moeder, had ik de videorecorder mooi voor mijzelf. Ik wist nog helemaal niks van het land Argentinië, laat staan van de junta, maar de beelden van de WK-finale van 1978 maakten enorme indruk op me. Niet alleen het ‘gedoe’ rond het verband van René van de Kerkhof of die bal op de paal van Rob Rensenbrink. Maar vooral de sfeer: de snippers en slierten op het veld, het stadion, Mario Kempes en uiteraard het shirt van Argentinië.


El Superclasico
Toen mijn eerste baan een feit was – en ik financieel wat meer mogelijkheden had – ontstond de hobby om wedstrijden in het buitenland te bezoeken. Engeland, Duitsland en veel andere landen in Europa volgden. Ik was met name geïnteresseerd in derby’s. Die van Wenen, Bratislava en Edinburgh werden onder meer bezocht. Na de derby van Belgrado was ik op zoek naar een wedstrijd die nóg meer indrukwekkend was dan die. Ik droomde van de derby der derby’s: Boca Juniors – River Plate, oftewel El Superclasico. Vroeger volgde ik het Argentijns voetbal op Eurosport. Veel harde tackles, weinig voetbal, maar op een of andere manier had het me gepakt.

Niet veel later verscheen in het AD een artikel van Sjoerd Mossou die hetzelfde idee had met een stel vrienden en het na jaren eindelijk had gerealiseerd. Mossou bezocht in een kleine week zeven wedstrijden, met zelfs twee wedstrijden op een dag, verkende Buenos Aires en kwam met een veel te duur, maar fantastisch shirt van Diego Maradona weer thuis. Geïnspireerd door dit verhaal besloot ik om een bezoek aan Buenos Aires – en El Superclasico in het bijzonder – van mijn bucketlist af te strepen. Al gauw legde ik contacten met vrienden die geïnteresseerd waren, want deze topper bleek twee maanden later (24 april 2016) al op het programma te staan. Na wat lobbywerk thuis – mijn bruiloft stond anderhalve maand later gepland – en het vinden van twee reisgenoten, kon de voorbereiding beginnen.

Rivalryweekend
Wat uitgebreider speurwerk bracht ons prachtig nieuws: de Argentijnse competitie heeft een keer per jaar een Rivalryweekend op het hoogste niveau en dat bleek dus net dat weekend van 24 april te zijn. Alle duels van die ronde gaan tussen twee ploegen die elkaar niet kunnen uitstaan. Hoewel ik de verspreiding van wedstrijden over een weekend met de meest verschrikkelijke tijden verafschuw, kwam dit als neutrale liefhebber nu wel mooi uit. Van vrijdag tot en met maandag was het mogelijk om wedstrijden te bezoeken in Buenos Aires. Toen bleek dat er ook nog twee speelrondes van de Copa Libertadores werden gespeeld, maakte ik een kleine vreugdedans. Hierdoor kon ik ook El Monumental, het stadion waar de WK-finale van 1978 was gespeeld, afstrepen. De plek waarvan wordt gezegd dat we we daar nooit wereldkampioen hadden kunnen worden. Ik kon naar het ‘onbereikbare’ stadion dat ik zo vaak zag, maar net zo vaak doorspoelde.

Via internet bestelden we met hulp van Google Translate kaarten voor River Plate – Trujillanos (Venezuela). Het betrof de laatste wedstrijd in de groepsfase. De eerste wedstrijd had River Plate met 0-4 gewonnen en Venezolanen waren in feite dus kansloos om verder te bekeren. Omdat het onze eerste wedstrijd betrof in het voor ons nog onbekende Argentinië, besloten we te kiezen voor plekken op de lange zijde, de platea. Bij aankomst in ons appartement in Buenos Aires bleek dat onze vriendelijke gastvrouw de kaarten – die we eigenlijk op moesten pikken terwijl we nog in de lucht hingen – al afgehaald te hebben, waardoor we dezelfde avond onze eerste pot konden bezoeken.

El Monumental
De treinrit naar het stadion verliep chaotisch. Er liepen mensen over het spoor, de trein was overvol, had geen deuren en de passagiers hingen zonder angst of beven half uit het raam. Toen de trein vaart minderde, kon ik door de mensen heen een glimp opvangen van El Monumental. Het ronde stadion werd speciaal voor het WK in 1978 gerenoveerd en tegenwoordig kunnen er ruim 65.000 mensen in. In 2011 degradeerde River Plate voor het eerst in haar historie en na de hevige rellen, die live op televisie werden uitgezonden, mocht River niet meer in het stadion spelen. Bij het uitstappen van de trein kon ik het stadion goed zien liggen. Het was prachtig verlicht en ik krijg spontaan kippenvel. El Monumental, hoe mooi kan het zijn en dan ook nog River Plate, een van de vijf grootste clubs van Argentinië, met 36 landstitels en dat prachtige shirt, met die rode diagonale lijn.
river-4
Al duwend en trekkend met vooral jongeren in trainingspakken, met een paar missende tanden en grote petflessen vol drank, liepen we het station uit richting een brug die over de autoweg naar het stadion leidde. Langs deze weg stonden veel oude bussen die misschien wel duizenden supporters naar het stadion hadden gebracht. Veel mensen waren langs de weg blijven hangen om wat te drinken of te eten bij een van de vele pop-up barbecue-tentjes. De geur van al dat vlees deed mijn maag knorren, maar ik moest eerst naar binnen. Kijken, voelen en ruiken. Voor me liep een vader met zijn arm om de schouder van zijn zoon, allebei met een rode Adidas-jas van de thuisclub.
river-5
river-1
Na een controle was het dan zover: een paar oude trapjes omhoog en we waren eindelijk binnen. We smulden van de oude, rode houten stoeltjes en bankjes waar wij straks op rij 1 zouden zitten. De rode diagonale baan was terug te zien in de tribunes en de catering bestond uit onder meer vette broodjes hamburger en broodjes worst vanaf de grillplaat. Alsof we twintig voetbaljaren teruggingen in de tijd. Het was inmiddels wat frisser geworden en we besloten onze plekken in te nemen. Direct ‘aan het veld’, want het veld bevat een sintelbaan. Ik zou het bij mijn eigen club verschrikkelijk vinden, maar hier vond ik het mooi.
river-8
river-9
Tussen de tribune en het veld was ook een gracht en daarna een rij stewards en politie. Er was sowieso veel politie rond en in het stadion. Een dag eerder was het midden in de stad namelijk misgegaan tussen supporters van Boca Juniors en Deportivo Cali uit Colombia. Televisiebeelden toonden ongeregeldheden waarbij bussen aangevallen werden en een Colombiaanse slager bleek zijn werkgereedschap te hebben meegenomen.
river-10
river-7
De popular, de fanatieke tribunes achter de goal – herkenbaar aan de linten van boven naar beneden – stroomde langzaam vol en er volgden veel liederen die door iedereen met passie werden meegezongen en -gesprongen. Ik genoot van de man naast me die de hele wedstrijd bleef staan, zingen en zwaaien met zijn rechterhand. De nog geen honderd uitsupporters waren niet te horen, maar dat kon je ze ook niet kwalijk nemen in dit immense stadion. River Plate stond binnen twintig minuten op 2-0 door twee goals van publiekslieveling D’Allessoandro. Niet veel later volgde uit het niets de 2-1, maar na rust breidde de thuisploeg de voorsprong verder uit naar 4-1. Twee snelle doelpunten van de gasten brachten de spanning nog even terug, maar daar bleef het dan ook bij. Zeven doelpunten in onze eerste kennismaking met Buenos Aires en een bezoek aan El Monumental. Je kunt een voetbaltrip slechter beginnen.
river-0